Vertrokken professoren moeten snel thuiskomen

BOEDAPEST - Negen Hongaren, waaronder een van de uitvinders van de atoombom, Edward Teller, en een van de grondleggers van de moderne ruimtevaart, John von Neumann, kregen deze eeuw een Nobelprijs voor hun wetenschappelijke werk, Bij nationalistische Hongaren zwelt de borst altijd even op, als zij hieraan herinnerd worden.

HENK HIRS

Helaas, feit is ook dat slechts een van de negen op het moment van onderscheiding Hongaars staatsburger was, de anderen waren al lang en breed geemigreerd naar het Westen.

Het verschijnsel van de vertrekkende wetenschappers is al oud. In de jaren dertig ontvluchtten Duitse intellectuelen massaal nazi-Duitsland. Ook uit veel Oosteuropese landen vond rond de tweede wereldoorlog zo'n uittocht om politieke redenen plaats, onder hen de genoemde Teller en Von Neumann. En vanuit West-Europa trokken in de jaren vijftig talloze geleerden naar de Verenigde Staten, waar veel meer geld voor wetenschappers werd uitgetrokken. Toen werd ook de term 'brain-drain' gemeengoed.

De laatste jaren is er vanuit OostEuropa een duidelijke nieuwe golf op gang gekomen. Ruim 4 500 gerenomeerde Hongaarse wetenschappers werken op dit moment in het buitenland en jaarlijks verlaten tienduizenden afgestudeerden het land. In de andere landen in de regio liggen de cijfers niet veel anders. Vanuit de voormalige Sowjet-Unie emigreerden in 1990 zo'n 100 000 wetenschappelijke specialisten en de verwachtingen zijn dat dat aantal zal stijgen tot 250 000 per jaar, een ongekende aderlating.

"Het probleem is niet zozeer dat mensen weggaan, het probleem is dat ze niet meer terugkomen" , aldus dr. Sylvester Vizi, lid van de Hongaarse Academie van wetenschappen, die onlangs een rapport over de kwestie opstelde. Het is op zich een belangrijke stimulans voor de wetenschappelijke ontwikkeling in eigen land als wetenschappers in het buitenland kennis en ervaring opdoen, behalve als die mensen zich vervolgens blijvend elders vestigen. Vooral voor de armere landen in de regio is het een regelrechte ramp, want die raken zo hun beste mensen kwijt. "Jongeren, de meest creatieven en meest gedrevenen die willen bewijzen dat ze goed zijn, vertrekken het eerst. Je kunt bovendien niet verwachten dat er kapitaal deze kant op komt, als het intellect hier wegtrekt. Juist nu moeten we mensen dus hier zien te houden."

Veerkrachtig

Over Hongarije zelf is Vizi niet zo pessimistisch. Het land is veerkrachtig en ontwikkeld genoeg om de klap op te vangen, denkt hij. Er is zelfs sprake van een zekere stabilisatie van de stroom vertrekkers en Hongarije heeft bovendien het voordeel van een instroom vanuit de grote Hongaarse minderheden uit de buurlanden Oekraine, Slowakije, Servie en vooral Roemenie. Duizenden vestigen zich jaarlijks in het moederland. Van elke klas medische studenten van Hongaarse afkomst blijft nog maar dertig procent in Roemenie. "Een ramp voor de identiteit van die nationale minderheid daar."

De brain-drain doet zich vooral voor in de exacte wetenschappen, zoals chemie, neurobiologie, computerkunde, fysica en de medische wetenschap. De meeste sociale wetenschappers blijven in de regio, voor hen zijn de tijden nu met de totale economische en maatschappelijke revolutie die zich hier voltrekt - veel te interessant. De emigranten geven diverse redenen op om te vertrekken. Natuurlijk speelt inkomen daarbij een belangrijke rol. Het gemiddelde jaarsalaris van een 35-jarige wetenschapper was vorig jaar in Tsjechoslowakije en Hongarije vijftot zevenduizend gulden. Hoe mager ook, in de regio is dat nog de absolute top. Aan de onderkant van de lijst staan Rusland en Bulgarije, waar een jaarinkomen van twaalftot zeventienhonderd gulden normaal is.

Elke positie in het Westen is dus in materieel opzicht al gauw een grote verbetering. Maar ook andere factoren spelen een rol, zoals de beperkte onderzoeksmogelijkheden in eigen land, de steeds geringer wordende financiele armslag van onderzoeksinstituten, beperkte carrieremogelijkheden, dalend prestige van wetenschappelijk werk, de grotere ontvankelijkheid van de westerse industrie voor vernieuwende ideeen.

De Oosteuropese landen hoeven zich voorlopig niet de illusie te maken dat ze wetenschappers vergelijkbare salarissen kunnen bieden, maar als ze erin slagen een aanvaardbaar wetenschappelijk klimaat te creeeren, dan is het wel degelijk mogelijk veel mensen te houden, zo concludeert Vizi. Dat vereist wel een drastische wijziging van het regeringsbeleid in Oost-Europa ten aanzien van wetenschappelijk onderzoeks- en ontwikkelingswerk. Daarnaast treft vooral westerse onderzoeksinstellingen veel blaam, benadrukt Vizi. "Het verlenen van onderwijs- en onderzoeksbeurzen is prachtig zolang er maar de voorwaarde aan vastzit dat de betrokkene naar zijn land terugkeert. De laatste twee jaar is er een groeiend aantal programma's en fondsen op dat gebied ontstaan. Maar het Westen dient zich te realiseren dat het van groot belang is een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van wetenschap en technologie in de regio zelf, juist daarvoor moet geld ter beschikking komen."

Zelf peinst Vizi, professor in de farmacologie, er niet over om Boedapest te verlaten. "Er zijn mij al diverse zeer lucratieve banen door grote westerse ondernemingen aangeboden, maar dat trekt me niet. Ik doceer een paar maanden per jaar in Amerika en wil verder hier blijven, meewerken aan de opbouw van het nieuwe Hongarije." De constatering dat hij misschien een van de weinige idealisten is, maar dat de meesten toch voor een goed gevulde bankrekening zullen kiezen, wuift hij met een kordaat gebaar terzijde. "Ik werk met veel collega's samen die er net zo over denken. Er is een beweging op gang gekomen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden