Verstilde snippertjes lichaam

interview | In de serie De Schepping vertellen kunstenaars over de totstandkoming van hun werk. Vandaag fotograaf Ruud van Empel over de wonderlijke beklemmende werelden die hij construeert.

In vintage winkels kennen ze hem inmiddels als de man die altijd in de kledingrekken snuffelt. Vooral in kinderkleding is hij geïnteresseerd. Ouderwetse plooirokjes en jurkjes, lakschoentjes en jongenskostuums uit de jaren vijftig en zestig. De periode waarin Ruud van Empel (Breda, 1958) zelf ook elke zondag in zo'n stijf pakje met overhemd en stropdasje naar de katholieke kerk in Breda ging. "Een korte broek had dat pak. Ik droeg het ook in de winter, met lange kniekousen eronder." Beklemmende saaie zondagen waren het, realiseerde hij zich later. Naast het kerkbezoek was de enige 'uitspatting' een wandeling met het gezin naar het park.

Ruud van Empel wijst naar een foto van een jongetje in een donkergroen kostuum. Zijn haar is op zijn voorhoofd in een kaarsrechte lijn geknipt. Het kind kijkt met een mengeling van trots en verlegenheid in de camera. "Dat jongetje ben ik. Zo houterig en stijf zag ik er ook uit toen ik een jaar of zes was en mijn vader me fotografeerde in mijn zondagse kleding."

De jongen op de foto bestaat niet in het echt. Tenminste niet zoals Van Empel hem heeft afgebeeld. Zijn neus, ogen, kin, oren, haar, benen, armen, voeten en de rest van zijn lichaam zijn wel levensecht: ze zijn afkomstig van tientallen verschillende kinderen die in zijn atelier hebben geposeerd in vintage kleren. Van het ene kind nam hij de neus, van een ander de oorlellen, van weer een ander de wangen of het 'glimmertje' in de pupillen. Uit al die losse lichaamssnippertjes monteerde hij achter de computer met behulp van Photoshop een compleet nieuw kind.

Hoe komt u aan de kinderen die in uw atelier poseren?

"Via een modellenbureau. Ze komen met hun moeder naar mijn studio toe. Ik kies de kleren uit waarvan ik vind dat ze bij een bepaald kind passen. Een poseersessie duurt gemiddeld drie kwartier, waarin ik wel zo'n driehonderd foto's maak. Als ik een nieuwe serie wil maken, laat ik meestal vijftien modellen komen, die ik in verschillende posities fotografeer. Daarbij gaat het me vooral om de juiste blik. Lachen doen ze nooit, die emotie is te bepalend, dat kan ik niet gebruiken. Het zijn altijd leuke sessies, ook omdat het kinderen zijn die gewend zijn om voor de camera te staan. Ze vinden het leuk en interessant. Soms hopen ze dat hun foto bij de Hema komt te hangen of bij de Zeeman."

En dan horen ze van u dat ze hooguit hun neus of lippen zullen terug zien op een foto.

"Dat vinden ze wel gek. Ze snappen niet wat ik doe. Vaak herkennen ze hun eigen neus later niet eens. De kleding geeft het meeste houvast. Daardoor weten ze dat er een klein stukje van hen op een bepaalde foto staat."

Van Empel's fotocollages gaan de hele wereld over. De Engelse zanger Elton John is een van zijn grootste fans. Ook in Amerika zijn ze gek op zijn in elkaar geknutselde landschappen en kinderen. Het zijn geheimzinnige en sprookjesachtige werelden die hij creëert, maar ze hebben ook altijd iets beklemmends. Tien jaar geleden begon hij met wat hij zelf noemt het 'scheppen van kinderen'.

Hoe kwam u daarbij?

"De basis ligt al eerder, toen ik als grafisch ontwerper de vormgeving deed voor televisieseries als 'Kreatief met Kurk' van Arjan Ederveen. Ook daar schiep ik imaginaire werelden. Ik heb ook theaterdecors gemaakt voor onder meer Orkater met Loes Luca en Arjan Ederveen en de vormgeving van films gedaan. Op een gegeven moment miste ik de artistieke uitdaging en na acht intensieve jaren had ik het ook wel gehad met dit werk. In die tijd kwam net de Apple computer op de markt en ik vond het interessant wat je daarmee allemaal kon.

Het begon met een beetje pielen met achtergronden en teksten, tot ik ontdekte dat ik als freelancer goed geld kon verdienen met grafische vormgeving via de computer. Dat bood me ook de kans om daarnaast vrij werk te maken. Ik wilde met de computer tijdloze monumentale beelden maken van universele verschijnselen als schoonheid, onschuld en vergankelijkheid. Beelden die iedereen herkent en iets zeggen over de mens, maar die los staan van de waan van de dag. In eerste instantie begon ik met vrouwen. Ik fotografeerde etalagepoppen en daar plakte ik dan haren en een neus op. Beetje knullig nog allemaal. De meeste mensen dachten dat ik een vrouwenhater was."

Hoezo?

"Ze zagen er heel eng uit. In ondergoed en dan met zo'n zware slagschaduw over het gezicht. Ik vond dat juist mooi. Het ging mij erom een beeld te scheppen van verloren onschuld en sluimerend verlangen. Maar bij de buitenwereld kwam dat niet over. Ik ben toen al vrij snel overgestapt op kinderen als symbool van onschuld.

In 2002 fotografeerde ik in het Geboortecentrum in Amsterdam baby's. Ik vertelde de moeders dat ik de ideale baby wilde samenstellen. Elke moeder vond dat ik dan haar baby moest fotograferen. In mijn atelier ben ik uit al die foto's baby's gaan monteren. De hoofdjes maakte ik nog wat groter, waardoor het ook weer enge kindjes werden. Waarom? Ik vind ze dan mooier, omdat ze daardoor een beetje vreemd en geheimzinnig worden. Er zit iets van mysterie in. En dat moet ook."

Hebt u zelf kinderen?

"Nee, maar in die tijd kregen veel vrienden van mij kinderen. Ik vond dat leuk om mee te maken. Om te zien hoe onschuldig en vertederend ze zijn in een wrede wereld. Kinderen zijn zo naïef en vol verwachting. Ze hebben iets verstilds en tijdloos in zich. Dat intrigeerde mij en bracht me op het idee om kinderen te gaan afbeelden in een sfeer van onschuld en kwetsbaarheid. Eerst gebruikte ik foto's uit mijn familiealbum, maar ik ben al snel overgestapt op modellen die ik kleren liet dragen uit mijn eigen jeugd."

Waarom die vintage kleding?

"Vintage kleding versterkt de tijdloosheid van mijn beelden. Bovendien vind ik de kleding uit mijn eigen jeugd veel archetypischer, symbolischer dan de kleding van nu. In mijn atelier staan rekken vol, allemaal uit de periode 1940 tot 1975. In die tijd was er nog een groot verschil tussen jongens- en meisjeskleding. En de kleren waren veel uitgesprokener dan nu. Iedereen draagt tegenwoordig spijkerbroeken en shirtjes. In mijn jeugd zag het er visueel allemaal veel aantrekkelijker uit, met lakschoentjes, strikjes en dasjes. Als ik iets mooi vind, betaal ik rustig 100 euro voor een jurkje."

Hoe gaat u precies te werk?

"Heel intuïtief. Het uiteindelijke beeld ontstaat al doende. Vooraf weet ik niet precies wat ik wil maken, al maak ik wel potloodschetsen van de scène die ik voor ogen heb. Het hangt ook sterk af van de foto's die ik vooraf heb gemaakt. Ik haal nooit plaatjes van het internet. Ik fotografeer alles zelf, ook voor de achtergronden. Ik heb een enorme beeldbank opgebouwd. Daar haal ik heel veel uit. Maar voor een nieuwe serie ga ik meestal toch weer op pad. Voor het park dat als achtergrond dient voor de serie Sunday ben ik bijvoorbeeld naar Brabant gegaan om te fotograferen. Daar zie je veel tuinen met geschoren hagen en buxussen die in allerlei vormen zijn geknipt. Het is wel natuur, maar het heeft ook iets kunstmatigs. Dat past goed bij de sfeer van de beelden die ik maak. Ongeveer 20 procent van de tijd die gemoeid is met het maken van een nieuw werk, gaat zitten in het fotograferen. De meeste tijd ben ik kwijt met het monteren. Voor dat park heb ik elk takje en elk blaadje moeten uitknippen. Daar ben ik dagen mee bezig geweest. Vervolgens moeten de kinderen er nog in gemonteerd worden. Hun kleren moeten matchen, maar ze moeten ook passen bij de achtergrond. Met één niet al te groot beeld ben ik gauw twee weken bezig voordat het goed is."

Wanneer is het in uw ogen goed?

"Het moet mysterie in zich hebben en een beeld geven van de mens op aarde, zijn kwetsbaarheid, schoonheid, onschuld of vergankelijkheid. Mijn beelden zien er op het eerste gezicht vaak mooi uit, maar alleen schoonheid is saai. Daarom moeten ze ook iets engs of bevreemdends hebben. Er moet iets ondermijnends in zitten. Wat het publiek er vervolgens van vindt, kan geen leidraad zijn voor mijn keuzes.

Mensen komen vaak met allerlei interpretaties die ik er zelf niet bij had. Zo denken veel mensen bij een jong meisje dat op haar rug in het bos ligt, dat ze is verkracht. Op de voorgrond heb ik een tak afgebeeld om diepte te creëren. Dat roept angstgevoelens op, mensen denken dat daar een man achter zit die het meisje bespiedt. Terwijl het gewoon een beeld is van een meisje dat ligt te dromen, net zoals ik zelf vroeger graag naar het Mastbos ging om tussen de struiken te liggen dagdromen. Maar ik vind het niet erg als mensen er iets anders in zien dan ik bedoelde. Ik vind het alleen maar mooi dat ze geraakt worden door mijn werk."

Grijpt u in uw collages vaak terug op uw jeugdherinneringen?

"Niet heel direct, maar er zitten wel vaak elementen in uit mijn eigen jeugd. Er staan bijvoorbeeld 32 kinderen op mijn beelden van schoolklassen, net zoveel als op mijn oude klassenfoto's."

U maakte ook een schoolklas met 32 zwarte kinderen. Waarom?

"Ik had er geen politieke bedoelingen mee, al realiseerde ik me wel dat het bijzonder is om een zwart kind als symbool van onschuld af te beelden. Dat was nog nooit gedaan in de beeldende kunst. Een zwart kind is altijd een slaaf of een knecht, al komen er ook een paar zwarte prinsen voor in de schilderkunst. Vooral in Amerika sloeg mijn zwarte schoolklas enorm aan. Daar is mijn werk sowieso erg populair. Ik heb de indruk dat men daar minder vooroordelen heeft dan in Nederland. Ik mag dan hebben geëxposeerd in Museum Het Valkhof, in het Groninger Museum en nu een tentoonstelling hebben in het Noordbrabants Museum. Toch vinden sommigen dat ik mij geen kunstenaar mag noemen, omdat ik werk met Photoshop. In vergelijking met het buitenland is de Nederlandse kunstwereld op dit punt nogal behoudend."

Noemt u zichzelf wel een fotograaf?

"Ik ben beeldend kunstenaar, omdat ik al mijn beelden zelf creëer uit honderden fragmenten van foto's die ik ook zelf heb gemaakt."

Blijft u kinderen fotograferen?

"Dat hoofdstuk heb ik nu wel afgerond. Ik richt me nu op het thema vergankelijkheid. Op de tentoonstelling in het Noordbrabants Museum hangt ook een beeld van een oude vrouw. Verder ben ik bezig met het maken van landschappen. Vorig jaar heb ik heel veel in de natuur van Californië en San Diego gefotografeerd, waar ik een tentoonstelling had. De natuur intrigeert me. Ze is paradijselijk mooi, maar het is ook een jungle."

Tentoonstelling
In het Noordbrabants Museum in Den Bosch zijn tot en met 8 juni dertig fotowerken van Ruud van Empel te zien. Elf ervan waren nog niet eerder in Nederland te zien.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden