Verslag van een ruimtereis

Ver ben ik weg geweest, een halve wereld van hier, een kromming volgend over Rusland en China, en vanuit Shanghai nog een sprong over de betwiste Zuid-Chinese Zee, tot in Manila en de Filipijnen.

Een ruimtereis.

Je wordt afgeschoten van een basis bij Hoofddorp, diep de lange nacht in, om te landen in een snikhete Chinese havenstad, waar al snel weer de avond valt en langs een brede rivier miljoenen lichten worden ontstoken.

En dan de gewaarwording ergens te zijn waar niemand je kent, en het ook niemand kan schelen dat je er bent, die woestenij van onverschilligheid in een onbegrensde ruimte zonder coördinaten, dan begint daar ergens al het zweven, het besef los te raken van het vanzelfsprekende, je eigen grond, de punten waartussen je je blindelings begaf.

En dan - alweer een nieuwe dageraad - Manila. Het vuil, het stof, het leven, al op de wegen, langs de randen, op een vroegochtendlijk uur. Stille gestalten in de schemer, kinderen slapend op een stuk karton, kleine keukens, vuurtjes onder pannen, geuren die je niet bereiken achter je autoraam.

Dat is het begin.

Het hotel, in het oude centrum, is niet zoals het zich aan je presenteerde op de site, maar hoe presenteer je warmte in de kamers, het vocht, vervuilde buitenmuren, en daarna de ijskoude wind uit onder het plafond bevestigde roosters, die van kamers grafkelders maakt. Je draait de wastafelkraan open en weet dat niets meer vertrouwd is. En dan, bij het eerste daglicht, de blik uit het vervuilde raam op het vlekkerige asfalt, een oude muur om een parkje, een kraam waar voedsel wordt bereid, een man zit er aan een tafel, de slippers los onder hem; een ander slaapt in een houten ligstoel, hij ligt op zijn zij, een grijze hond slapend naast hem. Ik zie zilverkleurige pannen, uit één ervan kringelt stoom. Er staat een witte taxi met het rechterportier open.

Daar ben je dan, met vrouw en dochters. Een archipel, duizelingwekkend groot en vreemd, onder je voeten.

Amper 24 uur later zul je weer opstijgen, naar een zuidelijker eiland, dat Bohol heet en waar zich Chocolade Heuvels bevinden, groen bebost, maar bruinkleurig in april en mei - vandaar de naam.

En je zweeft verder, op weg daarheen, boven glinsterend water - ah, de Pacific - tussen kolkend hoog oprijzende wolken, boven dichtbegroeide eilanden met witte randen, waartegen het water turquoise afsteekt. En aan de horizon een Mount Fuji-achtige vulkaan.

Nee, dit wordt geen vakantieverslag.

Het is een verslag van afwezigheid, van elders zijn, terwijl thuis de Sportzomer was begonnen, en Yuri stond voor drama. Soms harken we ernaar via streepjes bereik, een flard, een snap, een app. Maar die archipel krijgt ons te pakken, met koppen in kranten - Duterte, extrajudicial killings, tyfoonwaarschuwingen, Marcos op de erebegraafplaats van Manila. De Spelen zijn hier niet, of toch, heel even, als voor het eerst in de geschiedenis van de Filippijnen een gewichthefster in de categorie tot 53 kilo een medaille wint.

De warmte, de regens.

De furieuze buien.

De raadsels van rijkdom en armoe.

Afgeschoten, teruggeschoten.

Thuis. En voor me, het hoofd nog daar - in een slum van Manila - weer die lege kolommen van Klein Verslag.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden