Vermoeide Gesink hoopt op surprise

'Laten we eerlijk zijn: de Nederlanders zijn geen uitgesproken favorieten bij WK'

Het is een opmerkelijk tafereel in het rennershotel waar de Nederlandse selectie zich opmaakt voor de WK-wegwedstrijd van morgen. Geen van de aanwezige journalisten heeft aandacht voor Robert Gesink. De pers stort zich op de overige kopmannen van Oranje.

Bauke Mollema, Lars Boom en Niki Terpstra worden bedolven onder een spervuur van vragen. Normaliter draait alles om hem, de 26-jarige blikvanger van het Nederlandse wielrennen. Gesink ziet het met het nodige leedwezen aan. Hij grinnikt.

Bondscoach Leo van Vliet wilde eergisteren, amper vijf minuten voor de mediastormloop op de renners, niets van zijn strijdplannen prijsgeven. Zijn woorden klonken ietwat hoogdravend. Er zijn afgezien van enkele ras-optimisten onder de wielerfans weinigen die serieus rekening houden met een Nederlandse wereldkampioen. Ook Gesink niet. "Laten we eerlijk zijn: voor geen van de renners in de Nederlandse ploeg is de wereldtitel momenteel een logische volgende stap in hun carrière."

Met welke ambitie is Gesink dan naar Limburg gekomen? Toch niet om als pelotonvulling te dienen? "De WK heeft de afgelopen jaren een aantal surprises opgeleverd. Daar klamp ik me aan vast." Hij noemt de editie van 2008 in het Italiaanse Varese. Gesink eindigde er, zijn eerste WK, als tiende. "Ik herinner mij dat niemand rekening hield met Alessandro Ballan. En wie werd daar vervolgens wereldkampioen? Verrassing is onze beste kans."

"Van jullie, de pers, mogen wij misschien niet afgaan voor eigen publiek. Ik zie onze rol heel eenvoudig: wij zijn geen uitgesproken favorieten." Als die er zijn dan moet je die zoeken in het kamp van de Belgen en de Spanjaarden, stelt Gesink. "Philippe Gilbert, Tom Boonen, Alejandro Valverde. Alberto Contador niet. Hij is na de Ronde van Spanje in een vacuüm gevallen. Waarschijnlijk omdat hij wat te vieren had", grijnst Gesink.

"Het is geen parcours voor mij om af te wachten tot de laatste ronde op de Cauberg. Ik ben niet de man om daar met kanshebbers als Joaquim Rodríguez of Vincenzo Nibali omhoog te sprinten." Realiteitszin is nooit ver weg in Gesinks uitspraken. Hij kent zijn beperkingen. Al menen anderen dat hij daar soms te makkelijk in berust. Hij is pas 26. Wie weet op die leeftijd waar zijn fysieke top ligt, is het verwijt. "Ik denk dat het meest verstandigse is als ik, of de andere Nederlanders, voor de Cauberg de aanval open."

Gesink kan net als de overige coureurs het parcours in Zuid-Limburg uittekenen. Het gaat traditiegetrouw op en af in deze veredelde versie van de Amstel Gold Race. Uiteindelijk komt het als altijd aan op een lange adem. Alleen is de beloning achter de finishstreep net even iets mooier, weet Gesink. "Hier hangt een trui aan vast."

Hij zou net als de rest van het profpeloton een 'moord doen' voor winst in Lombardije of Vlaanderen. Maar als hij mag kiezen tussen een klassieker van naam of wereldkampioen worden in eigen land gaat Gesinks voorkeur - begrijpelijk - uit naar dat laatste. Jan Raas werd in 1979 wereldberoemd in Nederland nadat hij in Valkenburg de regenboogtrui won. Gesink zou bij leven meteen een legende zijn.

Dan moet het morgen in datzelfde Valkenburg maar gebeuren, toch? Gesink: "Normaal gesproken volgt zo'n titel na een paar grote klinkende zeges. Dat echter Ryder Hesjedal de Giro d'Italia dit jaar won was ook geen logische stap. Ballan idem. Daar put ik kracht uit. 'Wat Hesjedal kan, kan ik ook', denk ik dan."

Vorig jaar rond deze tijd dacht Gesink nauwelijks aan wielrennen. Een beenbreuk haalde een abrupte streep door een seizoen dat toch al weinig vreugdevolle momenten kende voor de klassementsrenner. Zijn revalidatie verliep daarentegen veel vlotter dan hij had gedacht. "Als ik terugkijk op afgelopen jaar dan overheerst toch trots. Ik kwam snel terug op niveau en win meteen de Ronde van Californië. Dat had ik toen nauwelijks durven dromen."

Gesink snakt naar rust. Het herstel heeft veel geëist van zijn lichaam. In het nieuwe jaar pakt hij de draad weer op bij de Raboploeg. Tegen die tijd is ook de structuurwijziging zichtbaar die algemeen directeur Harold Knebel vorige week ineens aankondigde. Het wielrennen verandert dus zal de ploeg zich ook moeten aanpassen, zei Knebel in een verklaring. Gesink: "Ik denk dat het een goede zet is om die laatste paar procenten uit iedereen te halen en als ploeg weer een stapje vooruit te zetten."

De boodschap was voor technisch directeur Erik Breukink en ploegleider Adri van Houwelingen een dreun om de oren. Beiden hoeven na december niet meer terug te komen. "Ik heb heel goed met 'Breuk' en Adri gewerkt", reageert Gesink als hem gevraagd wordt of hij is gehoord in de nieuwe opzet. Dan valt een lange stilte. "Laat ik het zo zeggen: ik heb met mensen gesproken en wist misschien sommige dingen eerder dan anderen. Maar ik had hier geen actieve, meedenkende rol in."

Gesinks relatie met Van Houwelingen vertoonde over de jaren nogal eens plooien. Vorig jaar barstte na een teleurstellende Tour de spreekwoordelijke bom. Daarover zegt Gesink nu: "De ene relatie verloopt nou eenmaal makkelijker dan de andere. Laten we het er maar op houden dat er de afgelopen jaren in mijn leven veel is gebeurd waardoor ik niet ieder inzicht deelde."

Robert Gesink
Robert Gesink werd geboren op 31 mei 1986 in Varsseveld.

Hij woont afwisselend in Aalten en Spanje.

Lengte: 1.89 meter

Gewicht: 69 kilogram

Specialiteit: klassementsrenner.

1998: eerste racefiets

2004: Nederlands kampioen tijdrijden (junioren)

2007: winnaar vierde etappe Ronde van België

2008: winnaar jongerenklassement Parijs-Nice

2009: polsbreuk tijdens Tour de France

2010: overlijden vader

2011: beenbreuk

2012: winnaar Ronde van Californië

Orders in geheimtaal
Bondscoach Leo van Vliet maakt van de wegrace op de WK morgen - noodgedwongen - een bijna militaire operatie. Bovenop de Cauberg in Valkenburg heeft Van Vliet een hoteltoren in een commandocentrale omgetoverd. Vanuit zijn overdekte uitkijkpost heeft hij een veel beter beeld op de wedstrijd en zijn renners dan hij normaal gesproken zou hebben. "Ik reed de laatste jaren op de WK als een soort veredelde taxichauffeur achter de coureurs." Monitoren moeten het koersverloop voor Van Vliet nu veel inzichtelijker maken. Daarbij heeft hij het probleem dat er tijdens sommige grote wedstrijden, waaronder de WK, geen zogenoemde oortjes meer mogen worden gebruikt, op een andere manier aangepakt. De matrixborden langs het parcours gaat Van Vliet inzetten om met zijn renners te communiceren. Bang dat de vijand meeleest is hij niet. De strijdorders staan in geheimtaal, zei de bondscoach donderdag tijdens een persconferentie in het hotel van de Nederlandse wielerploeg. Zo heeft een WK in eigen land zo zijn voordelen, lachte Van Vliet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden