Verminking bruinvissen blijft raadsel

Natuurorganisaties wijten de verminkingen aan aangespoelde bruinvissen aan vissers. Utrechtse wetenschappers deinzen terug voor zulke conclusies.

Als ware het een tros druiven houdt Liedewij Wiersma de bruinvisdarmen in haar hand boven de snijtafel. Aan de inhoud ervan valt te zien of het zoogdier lang ziek was voor het overleed. „De zilveren stukjes die je ziet, zijn schubjes van opgegeten visjes”, vertelt de dierenarts die voor pathologe studeert droogjes, terwijl ze het orgaan met een schaar open knipt.

Afgelopen winter laaide een discussie op over de doodsoorzaak van de honderden bruinvissen die jaarlijks aanspoelen op de Nederlandse kust. Een aanzienlijk deel van deze walvissen is namelijk zwaarverminkt. Natuurorganisatie Ecomare schrijft die verwondingen toe aan vissers op de Noordzee, die de walvissen ruw uit hun netten zouden snijden. Hierop deed het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) een summier onderzoek op vijf aangespoelde bruinvissen in opdracht van het Openbaar Ministerie. Dat concludeerde dat niet de zeevissers, maar mogelijk scheepsschroeven de boosdoeners zijn.

De faculteit diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht onderzoekt de doodsoorzaken van aangespoelde bruinvissen. Dit doet ze aan de hand van secties – het opensnijden van de walvislijken. Stukken speklaag die los worden gesneden gaan naar het lab voor onderzoek op giftige stoffen.

Hoogleraar Andrea Gröne, hoofd pathologie van de faculteit, doet geen uitspraak over de bevindingen van het NFI. „Ik heb de bruinvissen niet gezien die zij onderzochten. Het gaat dan ook om verschillende onderzoeken.”

Het zoogdier dat voor Liedewij Wiersma op tafel ligt, nummer 36 dit jaar voor haar, mist inderdaad een flinke hap aan de onderkant van de kop. Volgens Gröne komt dat vaker voor bij walvissen die aanspoelen. Wel veelzeggend is het schuim dat ze aantreft in de luchtwegen. Een goede indicatie voor de doodsoorzaak. Het duidt op longoedeem, dat optreedt bij verdrinking. Mogelijk dus na verstrikt te zijn geraakt in een net.

De zijkant van het zeezoogdier is bedekt met een wirwar van krassen, toegebracht door meeuwen die het aanvraten zo gauw het op het strand belandde. „Daardoor valt niet meer te zeggen of de grote wond door mensenhanden is toegebracht”, licht dierenarts Wiersma toe.

Het onderzoeksmateriaal wordt aangeleverd door fanatieke vrijwilligers op de Waddeneilanden die het strand afstruinen, op zoek naar de walvissen. Wiersma spreekt lachend haar waardering uit voor het veldwerk: „Het is geen pretje zo’n beest in je auto te hebben, hè, Andrea?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden