Verliefd in een wanhopige tijd

In Marseille stroomden de mensen samen die voor Hitler op de vlucht waren. In die wereld plaatste Anna Seghers haar 'volmaakte roman' 'Transit'

Het regent er bijna aan één stuk door. De straten zijn smal, de kroegen armetierig, de mensen grauw. Vanuit de oude, smerige haven is nog net de zee te zien, verscholen onder een sluier van nevel. Dat is Marseille, begin 1941, door de ogen van Anna Seghers - een Duitse schrijfster, communiste, dochter van orthodox-joodse ouders. Ze was op de vlucht voor de nazi's, die Parijs en het grootste deel van Frankrijk al hadden bezet.

Zo'n drie maanden verbleef Seghers met haar twee tienerkinderen in de Franse havenstad. In maart 1941 werd haar man László Radványi uit het Franse interneringskamp Le Vernet vrijgelaten op voorwaarde dat hij onmiddellijk het land zou verlaten. Anna Seghers had al voor de nodige visa gezorgd. Het gezin vertrok op slag naar Mexico en keerde pas na de oorlog weer naar Europa terug.

In de tijd dat Seghers in Marseille verbleef, puilde de stad uit van vluchtelingen die zo snel mogelijk naar het Amerikaanse continent wilden vertrekken, bang dat de Duitsers naar de havenstad zouden oprukken. Iedereen was hectisch bezig visa te verzamelen. Visa voor het land van bestemming, transitvisa voor de landen die je zou passeren, uitreisvisa van de Franse autoriteiten. Voor de consulaten stonden ellenlange rijen.

Eenmaal in Mexico schrijft Seghers 'Transit', een roman over het doorgangsoord Marseille. De naamloze hoofdpersoon van de roman vertelt zijn verhaal aan een willige luisteraar in een pizzeria aan de haven. De man heeft de hoop op vertrek al opgegeven en zich neergelegd bij zijn status van anonieme ontheemde in een stad waar door de eeuwen heen altijd al vluchtelingen samendromden, 'op de vlucht voor de dood, de dood tegemoet'. "Ik voelde me stokoud, duizenden jaren oud, omdat ik alles al eens had meegemaakt, en tegelijk voelde ik me geweldig jong, hunkerend naar alles wat nog kwam, ik voelde me onsterfelijk. Maar ook dat gevoel sloeg om, het was te sterk voor een zwak iemand als ik. Er maakte zich wanhoop van me meester, wanhoop en heimwee. Ik betreurde mijn zevenentwintig verknoeide, in vreemde landen weggegooide jaren."

De man leidt een geleend bestaan. Uitgestoten door Duitsland, afgewezen door Frankrijk, afhankelijk van landen die hem tijdelijk een visum willen verstrekken. Niet alleen zijn nationaliteit, ook zijn identiteit is geleend. Hij heeft een vals paspoort, op naam van ene Seidler. Maar op het Mexicaanse consulaat zien ze hem aan voor ene Weidel, omdat hij in het bezit is van een koffer met manuscripten van de schrijver met die naam.

Dan schrikt hij op uit zijn sombere bespiegelingen, door een onzeker ronddwalende vrouw. Ze fascineert hem van meet af aan, maar om haar te krijgen moet hij zich van twee rivalen ontdoen: de man met wie zij reist en naar Amerika hoopt te ontkomen, en haar grote liefde, die haar in Parijs van zich heeft weggejaagd. Die grote liefde is de schrijver Weidel, van wie de verteller weet dat hij zelfmoord heeft gepleegd - wat hij niet aan de vrouw verraadt.

De toenadering van de verteller tot de vrouw, vol haperende dialogen en lange stiltes, tedere aanrakingen en bruuske ontwijkingen, maar ook vol leugens en verraad, levert een grandioos liefdesverhaal op, wellicht een van de mooiste uit de moderne Europese literatuur. De dramatiek van de vlucht raakt verstrengeld met de tragiek van de vergeefse liefde. Seghers heeft een kunststuk volbracht.

Bouwstenen voor het ingenieuze verhaal betrok Seghers uit de realiteit. Het lot van de schrijver Weidel is gelijk aan dat van de schrijver Ernst Weiss. Toen de Duitsers in 1940 Parijs binnentrokken, wist Seghers te ontkomen. Weiss pleegde zelfmoord. Sindsdien is een koffer met zijn manuscripten verdwenen. Weiss' laatste roman, 'De ooggetuige', een absurde geschiedenis over Hitler, is enkele jaren geleden opnieuw in het Nederlands verschenen.

Uitgeverij Van Gennep bouwt met vertalingen als die van Weiss en Seghers aan een meer dan verdienstelijke reeks (her)uitgaven van Duitstalige modernen. Die laat de Nederlandse lezer klassiekers herontdekken van bijna vergeten schrijvers als Hans Fallada, Siegfried Lenz en Marlen Haushofer. Seghers hoort zonder meer in deze rij thuis, niet alleen met 'Transit', maar ook met de in 2011 al heruitgegeven roman 'Het zevende kruis'.

Is 'Transit' volgens velen Seghers' beste boek, 'Het zevende kruis' is absoluut haar beroemdste. Beide romans verschenen in de oorlogsjaren eerst in Engelse vertaling in Amerika en pas na de oorlog in de oorspronkelijke Duitse versie. De Amerikanen ontdekten in 'Het zevende kruis' onmiddellijk een briljante antifascistische roman, door Hollywood in 1944 verfilmd, met Spencer Tracey in de hoofdrol.

Het briljante aan de roman is dat de Duitsers nu eens niet als fanatieke fascisten worden afgeschilderd, maar als mensen die uit de meest uiteenlopende motieven met de nazi's heulden dan wel zich van hen afzijdig hielden of verzet pleegden. Hoofdpersoon is Georg Heisler, één van zeven mannen die uit een kamp voor politieke gevangenen zijn gevlucht. De andere zes worden een voor een gepakt en in het kamp aan een boom opgehangen.

Maar de zevende boom, het 'zevende kruis', blijft leeg. Met hulp van bekenden en onbekenden, onder wie verstokte nazi's, weet Heisler uit de handen van de Gestapo te blijven en de Nederlandse grens te bereiken. Seghers vertelt het verhaal met een gedistantieerde blik op de verhoudingen op het Duitse platteland tijdens de opkomst van het fascisme, toen mensen nog amper een notie hadden van het onheil dat hun boven het hoofd hing.

'Het zevende kruis' en 'Transit' bezorgden Anna Seghers, pseudoniem van de in 1900 in Mainz geboren Netty Reiling, na de oorlog grote faam - vooral in de DDR, de staat die zichzelf als bolwerk tegen het fascisme zag. Ze vestigde zich in Oost-Duitsland, waar ze nog talrijke romans schreef, die hoe langer hoe meer de socialistisch-realistische voorschriften volgden. In 1983 overleed ze, zwaar gelauwerd, in haar woonplaats Berlijn.

In het Westen bleef haar reputatie, ondanks haar hoge functies in de officiële Oost-Duitse cultuur, onaangetast. Wie eenmaal een roman heeft geschreven als 'Transit', door de Keulse Nobelprijswinnaar Heinrich Böll ooit 'volmaakt' genoemd, kan onmogelijk níet deugen.

Anna Seghers: Transit. (Transit) Vertaald door Elly Schippers. Van Gennep, Amsterdam; 295 blz. € 22,50

Anna Seghers: Het zevende kruis. (Das siebte Kreuz) Vertaald door Nico Rost, volledig herzien door Elly Schippers. Van Gennep, Amsterdam; 390 blz. € 9,90

'Transit', een ongeëvenaarde liefdesroman, is Seghers' beste boek, al is 'Het zevende kruis' beroemder

'Transit' en 'Het zevende kruis' van Anna Seghers

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden