Verleidelijke knalkonten en een keur aan penissen

naturalis gaat op de schop. In 2018 moet er een nieuw museum staan in Leiden. Maar wat moet er worden tentoongesteld uit een collectie van veertig miljoen objecten? Trouw volgt de conservatoren en tentoonstellingsmakers bij hun keuzes. Aflevering 2: de seksetalage.

Sex' staat er geschreven in een van de ruimten op het voorlopig ontwerp van het nieuwe museum. Het is de werktitel van de werktitel. 'Ik wil je' is de officiële werknaam van de nieuwe zaal die moet gaan over voortplanting.

Aan tentoonstellingsontwikkelaar en biologe Ilse van Zeeland de taak om deze ruimte in te richten. Ook al zal het hier vooral gaan over voortplanting bij dieren en niet zozeer over de mens, dat is geen makkelijke opdracht in een museum dat er voor de hele familie wil zijn, van klein tot groot.

Eigenlijk is het best vreemd dat er heel weinig natuurhistorische musea zijn die uitdrukkelijk aandacht besteden aan zoiets wezenlijks van het leven als de reproductie, vindt Van Zeeland. "Alles wat wij mooi vinden aan de natuur komt in wezen door seks. De staarten van de pauw, bloeiende bloemen, zingende vogels, burlende herten. Alle kleur en geur, het is allemaal om een partner te verleiden om zich voort te planten."

Verleiding mag dan overal zijn - binnen de toren van Naturalis zijn er talloze voorbeelden van de natuur op zijn verleidelijkst - en ook aan jonge dieren, nesten en eieren is geen gebrek. Maar objecten die direct met voortplanting te maken hebben, dat is een wat subtieler verhaal.

Gek genoeg kom je voortplanting expliciet in de collectie tegen bij de insectenpreparaten. De voortplantingsorganen van veel insectensoorten zitten naast de preparaten geplakt. Dat is omdat het geslachtsorgaan soms de enige manier is om de ene insectensoort te kunnen onderscheiden van de andere.

De bijna twee meter lange, gedroogde penis van een blauwe vinvis, meegenomen door de mannen van Willem Barentsz uit de noordelijke ijszeeën, is een van de weinige objecten die voor de hand liggen om tentoon te stellen. Maar dieren die bijvoorbeeld bovenop elkaar zijn opgezet of al parend in de alcohol zijn gelegd, die heeft Naturalis niet.

Echt nodig vindt Van Zeeland dat ook niet voor de tentoonstelling. In een expositie in het Duitse Münster zag ze een hele serie opgezette dieren die parend geprepareerd waren. "Het was alsof ik naar een bevroren beeld uit een pornofilm zat te kijken. Het zegt niet zoveel, want voortplanting en seks gaan vooral over gedrag."

De tentoonstellingsmaker dacht na over andere manieren om verleiding, paring en nakomelingen te laten zien. Zoals het er nu naar uitziet, zal deze ruimte ingericht worden als een Frans warenhuis, met grote etalages met bewegende objecten. Zoals ook de klant met mooi uitgestalde spullen wordt verleid om over te gaan tot koop, zo wil Van Zeeland laten zien hoe dieren en planten elkaar verleiden, elkaar bevechten voor een partner, en elkaar uiteindelijk veroveren.

In de etalage wil ze bijvoorbeeld twee vechtende kangoeroes, om aan te geven dat voortplanten veel energie kost en dat er risico's aan verbonden zijn. Maar de wallaby's en kangoeroes die in de Leidse collectietoren staan, zijn óf keurig rechtop opgezet óf ze zijn gebalgd. Dat is een manier van opzetten waarbij het dier als het ware wordt platgestreken, de pootjes keurig tegen het lijf geprikt, de staart kaarsrecht, zodat ze makkelijk zijn op te bergen in relatief platte kartonnen dozen - praktisch voor onderzoek, ongeschikt om tentoon te stellen. Maar kangoeroes worden gefokt. Het is dus een dier dat aangekocht kan worden.

Fier in de lucht

Wel aanwezig in de collectie zijn bavianen, op vier poten geprepareerd, hun felgekleurde billen fier in de lucht. Met rode zwellingen op hun billen laten vrouwtjes de mannetjes weten dat ze vruchtbaar zijn. In de etalage die Van Zeeland voor ogen heeft, worden ze op een draaiend plateau gezet, zodat hun verleidelijke knalkonten goed te zien zijn.

Om de daad zelf te laten zien, heeft ze een aparte zolder in haar hoofd, die ze helemaal wil inrichten voor tieners. Een griezeldecor - de verborgen, krakende en donkere zolder van het dierenwarenhuis. De ingang is in het huidige ontwerp alleen voor de oplettende bezoeker te vinden, een beetje achteraf. Zo kunnen ouders de afweging maken om al dan niet naar boven te gaan, is de strategie van Van Zeeland.

Tieners kunnen de enge sfeer als excuus naar elkaar gebruiken om een kijkje op zolder te nemen: lekker griezelen, en o ja, ook nog iets met seks. Een soort bliksemafleider om de mix tussen het heel graag willen weten en de onpeilbare gêne voor alles wat maar riekt naar seks in goede banen te leiden.

Maar wat moet er dan op die zolder worden tentoongesteld? Het is lastig kiezen, vindt Van Zeeland. "Bijna ieder dier heeft seks." Vrijwel zeker is dat er een hele verzameling insectenpenissen uitvergroot te zien zal zijn. Dat toont de prachtige vindingrijkheid van een soort om zich te vermenigvuldigen. Keverpenissen zijn een soort sleutels, kevervagina's sleutelgaten waar lang niet alles in past. Mannetjeskevers hebben zich aangepast op wat past, maar ook op wat de vrouwtjeskevers pleziert. "Dildofabrikanten moeten eigenlijk komen kijken voor inspiratie." Uitvergroot is de Tarzan of de Rabbit er niets bij: vibrerend, allerlei tentakels en knobbels: een beetje mannetjesinsect heeft dit soort extra's.

En daarna weer snel met rode oren naar beneden, de krakende trap af van de warenhuiszolder om af te koelen bij het resultaat van alle inspanning: de jonkies, eieren, nesten. Pluizig en lief. Weer voor de hele familie.

Een geslacht als een zee-egel

Naturalis ziet de voortplanting van insecten als voorbeeld van hoe vrouwelijke keuzen een belangrijke drijvende kracht zijn achter de evolutie van het mannelijke geslachtsorgaan.

Zo heeft de bonenkever Callosobruchus analis een penis die er uitvergroot uitziet als een langgerekte zee-egel: vol stekels. Die zitten er om langer in het vrouwtje te kunnen blijven bij de paring. Zo kan de mannetjeskever zijn zaad beter inbrengen, omdat hij het met zijn vastgestoken penis langer kan volhouden. Maar door al die enge stekels zou hij zijn partner moeten verwonden, waardoor zij korter leeft en minder kans heeft om veel nageslacht te produceren.

Onderzoekers van de universiteit van Uppsala ontdekten echter dat vrouwtjeskevers die aangewezen zijn op stekelpenissen, een dikkere laag bindweefsel hebben, waardoor ze de paring kunnen doorstaan. De onderzoekers beschouwen dit als een evolutionaire aanpassing.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden