Verleden, heden en toekomst klinken door in Ives' Vijfde symfonie; de concertzaal als maquette van het universum.

In 1910 ontmoette Sigmund Freud componist Gustav Mahler in Nederland, op dringend verzoek van de componist. De twee Weners wandelden een informatief middagje door de omgeving van Leiden en de psychiater was onder de indruk van het psychoanalytische zelfinzicht van Mahler.

Een componist die rond datzelfde jaar in theorie ook zó op de sofa zou hebben gekund, was Charles Ives. Want als iemands muziek het product was van ervaringen in zijn jeugd, dan wel deze Amerikaan. Veel zou Freud overigens niet hebben hoeven analyseren: Ives was toen nog levenslustig, macho, voor niemand bang en van niemand afhankelijk als componist. Een echte Amerikaanse maverick, losgebroken uit de kudde en zijn eigen weg over de prairie zoekend.

Eigenlijk is het waarschijnlijker dat Freud na die denkbeeldige ontmoeting zélf in analyse zou hebben gemoeten. In 1911 vatte Ives namelijk het plan op voor een symfonie die alle andere symfonieën zou moeten overstijgen. Een werk dat niet zoals zijn andere vier symfonieën over New England zou gaan, niet over Central Park, noch over de onbeantwoordbare vragen van het bestaan (waar Mahler het in zijn muziek ook over had, herinnerde Freud zich). Nee, Ives' Vijfde zou het hele universum als thema hebben: het verleden, het heden en de toekomst, de aarde, de zeeën en de hemel, allemaal vervat in een werk dat heerlijk onbescheiden 'Universe in Tones' of de 'Universe Symphony' moest gaan heten.

Op verzoek van Freud vertelt Ives over zijn jeugd in het handwerkersplaatsje Danbury, aan de oostkust van de Verenigde Staten. En over zijn vader, een bandleader met een hoog aanzien, die hem al vroeg en op tamelijk onorthodoxe wijze eigenhandig muziekles gaf. Zo leerde Charles bijvoorbeeld populaire liedjes in twee toonsoorten tegelijk spelen, of canons in de secunde te zingen 'om de oren uit te rekken'; en nam zijn vader hem mee naar een bijeenkomst van marching bands die door elkaar heen koppig hun eigen muziek bleven spelen.

Het is niet vreemd dat de onconventioneel gevormde Ives het daarna in de 'brave' serieuze muziekpraktijk niet zag zitten. De eigenzinnige Amerikaanse pionier vond op eigen houtje uit wat later door anderen zou worden geclaimd. Atonaliteit, clusters, polytonaliteit, citaten en het tegelijk door elkaar laten lopen van meerdere melodieën kwamen al in zijn muziek voor voordat ze officieel werden uitgevonden, al bestaat tegenwoordig het vermoeden dat de componist (ter versterking van zijn eigen mythe) sommige werken antedateerde óf op een later tijdstip van 'interessante dissonanten' voorzag.

Na zijn conservatoriumtijd zocht Ives zijn heil elders, richtte een verzekeringsmaatschappij op, Ives & Co. genaamd, schreef een leerboek over verzekeren ('The Amount to Carry', dat nog tot twintig jaar geleden werd gebruikt) en componeerde in de avonduren, weekends en vakanties. Net zoals zijn collega en 'Sommerkomponist' Gustav Mahler trouwens, die door het jaar heen zijn geld verdiende als dirigent. En die ook pas na zijn dood beroemd werd.

In 1932 (hij is dan 58 jaar en het componeren wil niet meer zo goed lukken) schrijft Ives in zijn 'Memos' over de vorderingen die hij de afgelopen twintig jaar heeft gemaakt met zijn 'Universe Symphony'. Zijn visioen is dat het enorme orkest over de zaal moet worden verdeeld in zeven groepen. Een van die groepen bestaat uit louter slagwerk. Dat speelt de 'levenspuls', die door de hele symfonie heen klinkt. De symfonie bestaat volgens de aantekeningen uit drie delen: het eerste deel ('Verleden') gaat over de chaos en de schepping van water en bergen. Het tweede deel ('Heden') gaat over de aarde en de evolutie van de natuur en de mens. Het derde deel ('Toekomst') verklankt de hemel en de weg naar het hogere. “Ik refereer aan het bovenstaande omdat iemand zou kunnen proberen het idee uit te werken, voor het geval ik het zelf niet meer kan voltooien. De schetsen die ik al klaar heb zijn beter te begrijpen als je deze uitleg erbij hebt.“

Na Ives' overlijden in 1954 bleven de schetsen van de inderdaad onvoltooide 'Universe Symphony', lange tijd onaangeroerd. Totdat in het midden van de jaren negentig zich ineens drie personen bleken bezig te houden met de reconstructie van dit monsterwerk. Musicoloog David Porter kwam in 1993 met een uitgave van de fragmenten die Ives zelf af had gekregen en deed dus niet veel meer dan documenteren. In 1994 volgt Larry Austin met een volledige reconstructie die ruim dertig minuten duurt. En weer een jaar later kwam Johnny Reinhard met zijn versie van de 'Universe Symphony'. Opmerkelijk genoeg duurt die meer dan een uur, terwijl Reinhard beweert dat hij zelf nagenoeg geen noten hoefde toe te voegen, omdat Ives' schetsen in werkelijkheid nagenoeg voltooid waren. Volgens Reinhard heeft Austin zich niet aan de door Ives voorgeschreven tempi gehouden. Maar Austin vindt op zijn beurt Reinhards interpretatie veel te traag en toonde aan dat hij Ives noot voor noot volgt.

Het Noord Nederlands Orkest voert deze week de 'Universe Symphony' in de versie uit waaraan Austin (zelf ook componist) twintig jaar lang werkte, omdat artistiek manager Marcel Mandos die de meest overtuigende en fascinerende vond: in al zijn gelaagde complexiteit lijkt die het meest ivesiaans. Dirigent Jacques van Steen wordt vanaf vandaag bijgestaan door maar liefst vier assistent-dirigenten die de zeven orkestgroepen voor hun rekening nemen. De concertzaal als maquette van het universum, met de over de ruimte verspreide musici als oplichtende sterrenstelsels. Het heelal in tonen wordt voor de gelegenheid gekoppeld aan net zo'n hemelbestormende laatste symfonie - de Negende van Beethoven.

Overigens was het Ives' visioen om zijn lofzang op de schepping in de buitenlucht uitgevoerd te krijgen, met orkestgroepen verspreid in valleien en met koren (die hij nooit componeerde) op bergtoppen. Erg on-Nederlands, maar ook in zijn eigen land vond hij meer tegenwerking dan enthousiasme voor zijn soevereine composities, die veelal als onspeelbaar of dilettantistisch terzijde werden geschoven.

Anders dan bij Mahler leidde de verslechterende gezondheid en de voortdurende afwijzing van zijn werk bij Ives tot een blijvende componeercrisis in 1927. Ives' vrouw Harmony (prachtige naam voor een componistenvrouw) herinnerde zich later: “Op een dag kwam hij van de trap naar beneden met tranen in zijn ogen en zei hij dat hij niet meer leek te kunnen componeren. Niets lukte meer. Niets klonk meer goed.“

Dat de ooit zo productieve Ives vervolgens tot zijn dood in 1954 niet bij de pakken neerzat, maar zijn energie en verzekeringsgeld besteedde aan de promotie van zijn eigen werk en andere hedendaagse muziek; dat hij daarbij volgende generaties componisten uitnodigde om zijn magnum opus te voltooien naar hun eigen inzicht: dat is echt voer voor psychologen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden