Column

Verkiezingsprogramma's helpen de kiezer ook niet echt

Afgelopen week publiceerden drie partijen hun verkiezingsprogramma, waaronder D66 en PVV. Beeld anp

De verkiezingen voor de Tweede Kamer zijn nog ver weg, maar afgelopen week publiceerden alvast drie partijen hun verkiezingsprogramma. Bij twee ervan was je snel klaar: zowel de PVV als 50Plus hield het bij één A4-tje.

Voor D66 moet je flink aan de slag met een boekje van ruim 200 bladzijden, ruim opgemaakt maar toch altijd nog een hoop leeswerk. De komende tijd zal daar nog heel veel bijkomen.

Kiezers zouden dat eigenlijk allemaal moeten lezen. Alleen dan weten ze tenslotte waarop ze stemmen - ook al hebben ze daar, zoals in deze krant werd voorgesteld, geen examen over afgelegd. Wie een verantwoordelijk burger wil zijn, is dat aan zichzelf verplicht.

Persoonlijk vertrouwen
Maar wanneer ik snel de twee A4-programma's scan, kom ik direct al in de problemen. De pensioengerechtigde leeftijd moet terug naar 65 jaar, vinden ze allebei - en persoonlijk zou ik dat een welkom idee vinden. Maar ik besef ook wat dat betekent voor des lands financiën en mijn jaarlijkse belastingaanslag - en dan klinkt die 65 jaar meteen een stuk minder veelbelovend. Nee, dan maar liever een wat realistisch denkender partij.

D66 misschien? Met haar resoluut EU-gezinde uitgangspunt heeft ze een klein plaatsje in de hemel verdiend en daarom heb ik één keer in mijn leven op haar gestemd. Maar prompt daarop verspeelde ze dat recht weer met een van het beruchte anti-religieuze opspelingen. Waarom heb ik in godsnaam op die partij gestemd? - vroeg ik me van de weeromstuit af.

Dus toch de Partij van de Arbeid? De sociaal-democratie heb ik altijd een warm hart toegedragen. Sinds de dagen van Den Uyl ben ik zelfs het diepst slapende lid uit de geschiedenis van die partij. Maar dan roept iemand er weer iets doms van feministische aard - en besluit ik voor de zoveelste keer dat het maar eens uit moet zijn. En voor de zoveelste keer vergeefs - want om je lidmaatschap van de PvdA te beëindigen moet je vasthoudender zijn dan mijn dommel toestaat.

Zo is er met iedere partij wel wàt - en langzamerhand begin ik mij af te vragen of mijn familie in mijn jeugd het niet bij het rechte eind gehad heeft. Daar werden geen partijprogramma's gelezen. Politieke keuzen werden bepaald door het zuilensysteem en later door gevoelens van persoonlijk vertrouwen. Een politicus die dat laatste niet wist te winnen, kon het wel schudden - hoe groot zijn gelijk ook was en hoe voordelig zijn politiek ook mocht zijn voor de klasse van mijn afkomst.

Tekst loopt door onder afbeelding.

V.l.n.r. Diederik Samsom (PvdA), Halbe Zijlstra (VVD), Alexander Pechtold (D66) en Jesse Klaver (Groenlinks). Beeld anp

Formatieproces
Ik kon me er indertijd danig aan ergeren. Maar inmiddels ben ik niet meer zo zeker van mijn jeugdige gelijk. In de slogan dat het persoonlijke politiek is heb ik nooit zo geloofd, maar misschien is de politiek wel persoonlijker dan ik lang heb willen accepteren. En mogen verkiezingsleuzen en partijprogramma's allemaal heel mooi klinken, maar komt het uiteindelijk toch aan op de individuen die ze moeten uitvoeren.

Want iedere kiezer weet dat op de ochtend na de verkiezingen het papier waarop ze geschreven zijn zéér geduldig is. In de coalitievorming zijn beloften willige ruilobjecten ter wille van het meerderheidskabinet. Dat is niet erg; het hoort bij het formatieproces. Maar wie gekozen heeft voor een partij op basis van programmapunten, zal daardoor vaak minstens voor de helft ontgoocheld zijn. Misschien zelfs wel méér dan de helft, want je weet nooit welke belofte een politicus uiteindelijk laat vallen. Mark Rutte heeft er zojuist nog excuses over gemaakt.

Het enige wat dan overblijft is die politicus zelf - als hij tenminste niet direct na de verkiezingen zijn biezen pakt. In het onderhandelingsproces komt het op zíjn inslag en karakter aan, veel meer dan op de voornemens van zijn partij. Wat doet híj in de moeilijke en onvoorziene omstandigheden van de praktische politiek? Bewijst hij, zelfs wanneer hij de helft van zijn verkiezingsprogramma overboord kiepert, desondanks voor zijn kiezers een betrouwbare persoon te zijn?

Natuurlijk: de spindoctors weten daar wel raad mee. Maar daar is een grens aan - en mensen hebben een scherp gevoel voor echtheid en oprechtheid. Tien tegen een dat de overgrote meerderheid van de kiezers zijn stem voornamelijk uitbrengt op basis van persoonlijke sympathie. Ja, ze weten wel zo'n beetje waar een lijsttrekker voor staat. Maar vooral menen ze te weten wie hij ís - en dat geeft de doorslag. Ik vind dat intussen niet zo'n schande meer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden