Verkiezingsdag Irak ontsierd door geweld

De Iraakse kiezers trotseerden gisteren mortieraanslagen en kwamen op grote schaal opdagen bij de stembus. Of zij voor politieke verzoening hebben gekozen, moet nog blijken.

De tweede parlementsverkiezingen in Irak sinds de Amerikaans-Britse invasie in 2003, is gisteren gewelddadig verlopen. In de ochtenduren kwamen zeker 38 mensen om bij mortieraanvallen in Bagdad, Falloedja, Mosoel en verschillende kleinere steden in de buurt van de Iraakse hoofdstad.

De aanslagen vonden vooral plaats in soennitische steden en wijken. Voorafgaand aan de verkiezingen had de militante soennitische beweging Islamitische Staat in Irak al gewaarschuwd dat iedereen die mee zou doen aan de verkiezingen ’Gods toorn en de wapens van de moedjahedien’ riskeerde. Tot grote georkestreerde bomaanslagen bleek de organisatie echter niet in staat.

Het weerhield de bevolking er niet van massaal naar de stembus te gaan, zo berichtten internationale persbureaus – voor veel stembureaus stonden rijen. Cijfers over de opkomst waren er gisteren nog niet.

De Amerikaanse president Obama feliciteerde de Irakezen met hun doorzettingsvermogen: „We treuren om het tragische verlies aan levens vandaag, en eren de moed en veerkracht van de Irakezen.” Hij stelde ook dat de Amerikanen vast willen houden aan het plan om hun gevechtstroepen in augustus uit Irak terug te trekken. De overgebleven manschappen volgen voor 2012.

De eerste voorlopige uitslag wordt pas later deze week verwacht. De formatie van een nieuw kabinet zal waarschijnlijk weken, zo niet maanden in beslag nemen. Daarom kan ook pas op langere termijn vastgesteld worden of deze verkiezingen Irak op een pad naar politieke verzoening hebben gebracht.

De vermoedelijk grote opkomst in soennitische wijken en steden is in ieder geval een stap in de goede richting. Bij de vorige parlementsverkiezingen in 2005 boycotten de meeste soennitische Arabieren de stembusgang. Daardoor konden sjiieten en Koerden de afgelopen jaren onevenredig veel invloed uitoefenen.

Falih Abdoellah, een 62-jarige man in de soennitische stad Ramadi zei tegen persbureau Reuters: „Wij soennieten zijn op zoek naar werkelijke macht, niet naar alleen participatie. We zullen ons buiten spel gezet blijven voelen, tot we actief kunnen meedoen.”

Hoe reëel deze soennitische wens is, zal moeten blijken uit de formatiebesprekingen. Die kunnen ertoe leiden dat het seculiere blok van oud-premier Allawi deel gaat nemen aan de macht. Deze lijstverbinding kent veel soennitische politici. Maar voor hetzelfde geld blijft de huidige premier Al-Maliki – die volgens berichten goed gescoord zou hebben in het zuiden – aan de macht samen met het blok van sjiitische hardliners.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden