YFM

Vergeet schaalvergroting, het is tijd voor fundamentele verandering

Joris LohmanBeeld Trouw - Maartje Strijbis

Wereldvoedseldag 2013: geen reden voor een feestje. De problemen met ons huidige voedselsysteem zijn significant. In 2050 zijn er naar schatting zo'n negen miljard monden te voeden, maar op dit moment slagen we er al niet in om ruim zes miljard mensen voldoende te eten te geven. Anderhalf miljard mensen zijn ondervoed, terwijl ruim één miljard te veel en ongezond eet. Wereldwijd zien we een opkomst van voedsel gerelateerde ziektes zoals diabetes en hart- en vaatziekten. De toenemende vleesconsumptie draagt sterk bij aan klimaatverandering. En dit alles vindt plaats tegen het licht van een onstabiele politieke wereldorde, waar de wedloop voor schaarse grondstoffen als aardolie, water en met name land is begonnen.

Vaak worden er verbanden gelegd met de industrialisering van het voedselsysteem. Dat is slechts ten dele terecht, want de industrialisatie heeft ook veel goeds gebracht. Maar in een tijd waarin de negatieve bijeffecten van dit systeem zo overheersend zijn geworden, lijkt het tijd om in ieder geval ten dele de smalle focus op technologie en schaalvergroting los te laten. Ik verkeer in de bevoorrechte positie dat ik onderdeel uitmaak van een internationaal netwerk van mensen die op zoek zijn naar verandering in het voedselsysteem. De afgelopen maanden heb ik verschillende mensen ontmoet, projecten gezien en verhalen gehoord die hoop geven dat deze verandering mogelijk is.

De voorbeelden die ik hieronder wil noemen, hebben op het eerste gezicht niet veel met elkaar te maken, behalve dat ze op een of andere manier met elkaar verbonden zijn door dit internationale netwerk. De voorbeelden zijn heel specifiek en bieden niet altijd oplossingen voor de mondiale uitdagingen die ons te wachten staan. Het zijn wellicht uitzonderingen die de regel bevestigen. Nicheprojecten in een systeem dat wordt gedomineerd door de macht van multinationale bedrijven. Toch wil ik deze Wereldvoedseldag aangrijpen om te delen wat ik op verschillende plekken in de wereld heb gezien en gehoord.

Een dorpje in het paradijs
In Noord-Oost India, in de provincie Meghalaya, bezocht ik Nongtraw, een dorpje dat in een paradijselijke vallei ligt, niet ver van de stad Shillong. Om er te komen moet je 2500 traptreden afdalen (er is dus geen autoverkeer mogelijk), en het dorp biedt onderdak aan 27 huishoudens. De gemeenschap is volledig zelfvoorzienend. Pius Ranee (25) legt me uit hoe hun model van shifting cultivation (in het Nederlands 'zwerflandbouw); werkt: 'We verbranden een stuk van het woud, maar laten de boomstammen staan. Daarna zaaien we verschillende gewassen in: zoete aardappel, granen, wortelen. We cultiveren dit stuk land gedurende een jaar of drie, en dan laten we het braak liggen, voor minimaal 10-12 jaar. Zoals je aan de overkant kan zien, is de begroeiing daar al weer helemaal terug.' Anderhalf jaar geleden zijn de dorpsbewoners tegenover de school een schooltuin begonnen, zodat de kinderen al vroeg de traditionele landbouwmethoden kunnen leren. Zo gaat de kennis niet verloren.

Een tuintje in Afrika
In Uganda runt Eddie Mukiibi (26) het project A Thousand Gardens in Africa. Hij reist westelijk Afrika af om overal kleinschalige landbouwprojecten te starten. Het primaire doel van de tuinen is niet zozeer bijdragen aan de lokale voedselproductie, maar educatie. 'Er zijn veel NGO's die met een zak geld lokale landbouwprojecten starten. Zulke investeringen zijn onrealistisch, de lokale gemeenschap kan nooit zo'n duur project draaiende houden. Wij komen niet met geld maar met kennis. We doen een minimale investering, maar geven vooral workshops om de mensen te inspireren voor zichzelf te beginnen.' Eddie wil juist jonge mensen motiveren. 'Het is belangrijk dat de jongeren de waarde van voedselproductie weer gaan inzien, dat het aantrekkelijk kan zijn om boer te worden.'

Hippe mais in Mexico
In Mexico is er een samenwerkingsverband ontstaan tussen een inheemse gemeenschap in San Mateo Ozolco en een aantal ondernemers uit de stad Puebla. Alfonso Rocha Robles (29) vertelt: 'Door de opkomst van fast food is het traditionele dieet op basis van mais onder druk komen te staan. Waar Mexico lange tijd veel mais produceerde, moeten we nu zelfs mais importeren. Dit is vaak Amerikaanse genetisch gemodificeerde gele mais. Daarom zijn we begonnen met het vermarkten van de traditionele mais azul, blauwe mais.' Door de samenwerking met de ondernemers uit Puebla vindt de blauwe mais met succes een afzetmarkt in de stad, verpakt in hippe bruine zakjes.

Culinair Zuid-Korea
In Namjangyu, Zuid-Korea, vond van 1 tot 6 Oktober de eerste editie van AsioGusto plaats. Gedurende zes dagen lieten honderden producenten traditionele Aziatische producten en gerechten zien. Er waren smaakworkshops, kindereducatieprogramma's en een live landbouwmanifestatie. Een kleine vijfhonderd duizend bezoekers vonden gedurende deze dagen de weg naar het terrein. 'We hadden zo'n groot succes niet verwacht', zegt Sinae Stream (24), mede-organisator. 'Het bewijst hoe springlevend de Koreaanse eetcultuur is.'

Foodhype in Europa
Ook in Europa is een ware foodhype aan het ontstaan. De beweging is veelzijdig, maar begint zich langzaam te focussen op een van de ernstigste symptomen van een niet-functionerend, overproducerend voedselsysteem: verspilling. Wereldwijd gaat er niet minder dan een derde van al het geproduceerde voedsel verloren. Westerse Europeanen, die een groot aandeel hebben in deze weggooien van goed voedsel, zijn de afgelopen jaren in alle hoeken van het continent een protest gestart tegen de verspillingsproblematiek. Het protest waar ik het over heb is overgoten met een scheutje disco: op de muziek van een dj worden enorme hoeveelheden groenten die anders zouden worden weggegooid gesneden en vermaakt tot soep, salade en smoothies. In Nederland vinden vandaag op vijf plaatsen (Den Haag, Groningen, Eindhoven, Utrecht en Rotterdam) deze zogenaamde DiscoSoep evenementen plaats. Tegelijkertijd is er in Brussel de kick-off van een Europese campagne tegen voedselverspilling (jawel, met een DiscoSoupe, op z'n Frans). Ook in Parijs, Lyon, Nantes en Bordeaux wordt er gesneden op de maat, en tevens in Berlijn zullen mensen te eten krijgen van ongewenste groenten. De beweging is niet onopgemerkt gebleven: Europarlementariërs lopen weg met de Brusselse soep, in Frankrijk is de DiscoSoupe Crew een langlopende samenwerking met het ministerie van landbouw aangegaan en ook in Nederland komt de boodschap aan. NGO's en kennisinstellingen hebben voedselverspilling ineens hoog op de agenda staan en in Den Haag zijn nieuwe wetsvoorstellen in de maak.

Inspiratie en motivatie
Een aantal mooie voorbeelden op een rij die hoop geven en inspireren. Roterende landbouw en kennisoverdracht naar volgende generaties bieden tegenwicht aan een voortdenderende trend naar homogenisering en schaalvergroting. Traditie is niet stilstand of achteruitgang, ook traditionele kennis past zich aan de veranderende tijd. Honderden miljoenen Indiërs en Mexicanen ook jonge Afrikanen geven zich dagelijks over aan fast food, maar op heel veel plaatsen is de traditionele keuken nog intact. Als de tradities beschermd worden, kunnen we blijven leren van de technieken die al honderden dan niet duizenden jaren worden toegepast.

Gaan de aanhangers van de 'voedselhype' het voedselsysteem hervormen? Heeft de grootstedelijke jeugd die zich verzet tegen het geïndustrialiseerde voedselsysteem, door eten als cultuur te verheerlijken en al disco-dansend de voedselverspilling te lijf te gaan, wat in de melk te brokkelen? Critici stellen dat de 'good food' beweging elitair is. Dit is zeker ten dele waar, maar wat dan nog? Belangrijk is dat er een generatie opstaat van mensen die genieten van eten probeert te koppelen aan verantwoordelijkheid voor eten. In eigen stad, land, en elders in de wereld.

Het voeden van de negen miljard. De discussie zal nog wel even voortwoeden. Deze voorbeelden bieden stof tot nadenken en zorgen voor inspiratie. Het laat vooral zien dat overal in de wereld mensen bezig zijn met op een andere manier naar eten te kijken. Meer monden voeden staat niet gelijk aan meer produceren. Hoe abstract of vaag het ook mag klinken: de hervorming van een systeem gaat hand in hand met een cultuuromslag. Eten gaat over economie, maar ook over cultuur, en over natuur. Voedsel is geen commodity, maar een eerste levensbehoefte. Laat Wereldvoedseldag 2013 daarom een aanleiding zijn om de waarde van voedsel te vieren. Samen met de vele deelgenoten in een wereldwijde voedselbeweging.

Joris Lohman (27) is voorzitter van de YFM, en bestuurslid bij Slow Food International.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden