Verdreven uit de vallei

Vruchtbaar en goedkoop Afrikaans land is gewild. Wereldwijd jagen zakenlui op dit 'groene goud' voor de productie van voedsel en biobrandstoffen. Foute zaak, zeggen mensenrechtenclubs en milieukundigen. Maar Afrikaanse leiders zijn dolblij met de investeerders. Wie heeft er gelijk? Trouw zocht naar antwoorden in Oost-, West-, en zuidelijk Afrika. Deel 3: suikerriet en elektriciteit in de Ethiopische Omovallei.

'Wij zijn een uitstervend ras", zegt Gorgis, herder van de Ethiopische Bodi stam. Met zijn twee vrouwen en elf kinderen volgt hij de regens om zijn vee te laten grazen. Gorgis heeft zijn koepelvormige hutjes opgebouwd in de bush vlakbij het dorpje Hana in de zuidelijke Omovallei van Ethiopië, territorium van semi-nomadische stammen en door de Verenigde Naties aangemerkt als werelderfgoed.

Aan de vruchtbare oevers van de Omorivier, die door het zuiden van Ethiopië slingert en honderdduizenden in hun levensonderhoud voorziet, verbouwt Gorgis maïs en graan. Maar hij verwacht geen oogst dit jaar, en ook niet in de komende jaren: het suikerbedrijf van de overheid heeft zijn grond ingenomen om de bouw van een suikerplantage van 150.000 hectare te beginnen, zegt hij.

De suikerplantage is onderdeel van een grootschalig ontwikkelingsplan dat de wildernis van de Omovallei, vanwege unieke inheemse stammen populair onder toeristen en onderzoekers, moet omtoveren tot een landbouwparadijs. Ethiopië bouwt een van de grootste stuwdammen van Afrika stroomopwaarts en verpacht grote percelen grond aan investeerders die er suikerriet en andere marktgewassen gaan verbouwen.

Die plantages moeten worden geïrrigeerd met water uit het 150 kilometer lange stuwmeer van de Gibe III-dam. Die gaat anderhalf miljard euro kosten en zal de stroomcapaciteit van Ethiopië bij voltooiing in 2013 bijna verdubbelen, aldus de overheid. De plantage bij Hana alleen zal jaarlijks drie miljard kubieke meter water verbruiken, aldus het suikerbedrijf. Dat is voldoende om de Omo praktisch droog te leggen, zeggen experts.

Door de aanleg van de dam zullen enkele tienduizenden leden van lokale stammen moeten verhuizen naar dorpen waar ze volgens de overheid toegang hebben tot medische hulp, scholen en water, wegen en stroom. De verhuizing betekent het einde van een archaïsche levensstijl: het is gedaan met 'naaktlopen' en 'achterlijke cultuur', zegt de overheid.

"We willen de inwoners van Zuid-Omo betrekken bij de economische ontwikkeling die Ethiopië doormaakt", zegt Shiferaw Teklemariam die als minister van federale zaken over de verhuizing van mensen in de achtergebleven gebieden van Ethiopië gaat. Naast Zuid-Omo heeft de overheid vergelijkbare plannen voor de regio's Gambella en Benishangul-Gumuz in het westen van het land, grenzend aan Zuid-Soedan en Soedan, en de regio's Somali en Afar in het noord- en zuidoosten.

De overheid gaat daarbij zeer zorgvuldig te werk, verzekert de minister. De verhuizing heeft in goed overleg met lokale bewoners plaats. "Dwang zou illegaal zijn en averechts werken. We laten de inheemse mensen zien wat de voordelen zijn van verhuizing naar een dorp." Volgens de minister zijn de voordelen van een 'modern' leven in een dorp evident en zal het daarom niet moeilijk zijn de stammen te overtuigen: "Wist je dat sommige vrouwen in Zuid-Omo hun kinderen moederziel alleen in de bosjes baren? Met alle gevolgen van dien. Dat kan toch niet?"

Maar de Bodi zeggen dat ze nooit zijn ingelicht. "De overheid bouwt nieuwe dorpen en verwacht dat we verhuizen", zegt Gorgis. "Maar ons is niets gevraagd. Onze koning zegt dat het dieven zijn." Gorgis' stamgenoot Duri Bela, die een roodgeblokte toga om zijn verder naakte lichaam draagt, zegt dat hij pas van de plannen hoorde toen de eerste graafmachines over een gloednieuwe weg Hana binnenreden. De overheid "gebruikt al het water en bouwt op grond waar eerst onze gewassen stonden", zegt hij. "Ik vrees dat we honger zullen lijden." Duri Bela ziet een leven als dorpsbewoner niet zitten. Hij wil rondtrekken met vee en voor zijn kinderen wenst hij eenzelfde leven. "In het dorp zie ik mensen bedelen en op straat slapen", zegt hij. "Herders bedelen niet".

Duri Bela en zijn stamgenoten staan niet alleen in hun vrees voor de toekomst. Mensenrechtenorganisaties en de VN - die Ethiopië heeft opgeroepen de bouw van de dam onmiddellijk te stoppen - vrezen voor honger en stammenstrijd om water en grasland en uiteindelijk zelfs het einde van een unieke levensstijl in Zuid-Ethiopië en Noord-Kenia.

In Noord-Kenia mondt de Omo uit in het grootste woestijnmeer ter wereld: het Turkanameer. Terwijl Ethiopië zegt dat het waterpeil daarvan door de dam onaangetast blijft, claimen onderzoekers van onder meer de Africa Resources Working Group dat het waterniveau tien tot twaalf meter zal dalen. Daardoor verzilt het water en zal de rijkdom aan vis verdwijnen. Volgens Ethiopië's leider Meles Zenawi, al meer dan twintig jaar aan de macht, is dit 'valse propaganda' van 'vrienden van achterlijkheid' die willen dat stammen 'voor altijd een toeristische attractie blijven'. Ze willen juist een 'stabiel en verbeterd leven'.

Michael Irgiena, een visser die met zijn vrouw en tien kinderen aan de oevers van het Turkanameer in het noorden van Kenia woont, zegt dat zijn dorpsgenoten van de Dassanech-stam niet negatief staan tegenover ontwikkeling. In tegendeel: het woestijnachtige gebied rond het Turkanameer kan wegen, stroom, drinkwater en een ziekenhuis goed gebruiken, zegt hij. Maar de plannen van de Ethiopische overheid zullen geen springplank naar moderniteit zijn, verwacht hij. Net als zijn stamgenoten leeft Michael van de visserij, al 26 jaar, maar hij vraagt zich af of het nog zin heeft zijn visserskennis over te dragen op zijn zonen. "Ik was geschokt toen ik het nieuws over de dam hoorde", zegt hij. "Wat zal er met het meer gebeuren, wat betekent dit voor mijn kinderen, en waarom heeft niemand ons hierover ingelicht?" Michael denkt dat het water te zout zal worden om nog in te vissen. "En ik vrees ook voor ons vee want zonder water is er geen gras", zegt hij.

Volgens Jason Mosley, onderzoeker van de Britse denktank Chatham House, "plant Ethiopië het zaad voor onvrede over land en potentieel conflict" met zijn plannen de regio's te hervormen. "Gezien de lange geschiedenis van conflicten in de Hoorn van Afrika is er een gevaar dat de grootschalige landbouwprojecten de spanning tussen investeerders en de lokale bevolking, of tussen lokale gemeenschappen onderling, verder aanwakkert", zegt hij. Een westerse onderzoeker in Zuid-Omo, die niet bij naam genoemd wil worden uit angst voor de overheid, zegt een gewapende opstand van stammen tegen de overheid te verwachten.

Michael Irgiena denkt ook dat het Turkanagebied meer 'bloedvergieten' zal zien. De stammen vechten nu al vaak om water en grasland. "Als het meer onbruikbaar is, hebben we geen andere keus dan naar het territorium van buurstammen te verhuizen", zegt hij.

Minister Shiferaw zegt niet verbaasd te zijn over het verzet van lokale stammen in Zuid-Omo. De streek is door vorige regimes compleet genegeerd, zegt hij. En inwoners hebben daardoor een vijandige houding tegenover de overheid aangenomen.

Maar 'zien is geloven', aldus Shiferaw, die denkt dat iedereen om zal zijn zodra de voordelen van ontwikkeling zichtbaar worden. "We moeten ze stap voor stap overtuigen", zegt hij. Hij voegt eraan toe: "Als je je hele leven in een groot gat in de grond hebt gewoond, bedekt met vliegen, dan denk je wellicht dat het de beste plek is om te leven. Het is je goed recht om dat te geloven, maar is het daadwerkelijk de beste plek om te leven?"

Eerdere afleveringen van deze serie verschenen op 19 en 26 mei.

Pottenkijkers niet gewenst
Ethiopië zegt dat eigen studies naar de impact van de Gibe III-dam op milieu en lokale bevolking het ongelijk van critici bewijzen. Het zegt ook dat lokale stammen zijn ingelicht en zullen worden gecompenseerd voor de 'vrijwillige' verhuizing.

Maar volgens Survival International, een organisatie die opkomt voor rechten van inheemse stammen, gebruikt de overheid geweld om zijn plannen aan de lokale bevolking op te dringen.

De belangenorganisatie claimt dat meer dan honderd stamleden van de Mursi- en Bodi-stammen die tegen de dam zijn, in de buurt van Hana zijn gearresteerd. Hoewel deze massa-arrestatie niet door de stamleden in dat gebied wordt bevestigd, geven ze aan bang te zijn om kritiek te uiten op overheidsplannen.

Ook hield de lokale politie in Hana de Trouw-correspondent vijf uur lang vast nadat hij het lokale kantoor van het suikerbedrijf in Hana bezocht. Dat laat zien dat er krampachtig wordt omgegaan met onafhankelijk onderzoek naar het project en de gevolgen voor de lokale bevolking.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden