Review

Verdi-liederen uitgevoerd als kleine opera-scènes

Het ziet er niet naar uit dat het lopende Verdi-jaar op fonografisch gebied veel nieuws zal brengen. Bijna alles van de boer uit Roncole is al op cd gezet. In vele versies en met alle alternatieven.

Decca brengt echter binnenkort een disc uit waarop zowaar cd-wereldpremières van Verdi te beluisteren zijn. Het gaat om religieuze werken uit zijn studententijd, opgenomen door Riccardo Chailly en zijn andere orkest, het Milanese Verdi-orkest. Opzienbarend, maar daarover later meer. Op opera-gebied blijft het vooralsnog redelijk stil. Philips heeft onlangs 'Jérusalem' uitgebracht, later in het jaar volgen 'Alzira' en 'Aroldo'. Het zijn overblijfselen van een ambitieus Philips-plan om in dit jaar alle Verdi-opera's en hun alternatieven op cd uit te brengen. In navolging van de Verdi-box die het Kruidvat uitbracht (niet alle opera's - allemaal oudere RCA-opnamen) komt er van Universal (Philips, Decca en Deutsche Grammophon) ook een verzamelbox waarin alle 26 opera's zitten op 55 cd's.

In afwachting daarvan wil ik het hier hebben over GIUSEPPE VERDI-COMPLETE CHAMBER SONGS (Stradivarius STR 33545). Twee discs waarop het complete lied-oeuvre van Verdi staat. De liederen van Verdi (gecomponeerd tussen 1838 en 1894) worden zo af en toe weleens door een zanger in een recital opgenomen, maar zijn over het algemeen niet zo bekend. De circa dertig liederen -Verdi noemde ze zelf arie da camera of romanze- behoren niet tot de top in het repertoire en halen nooit het niveau van die van zijn Duitse collega's. Maar aantrekkelijk en melodieus zijn ze zeker. Op de onderhavige cd's hebben ze er iets bijzonders mee gedaan. De oorspronkelijke pianopartijen zijn door Andrea Chenna gearrangeerd voor het Parma Opera Ensemble (fluit, hobo, klarinetten, fagotten, hoorns en contrabas) waardoor de liederen het karakter van kleine opera-scènes krijgen.

Het idee voor deze arrangementen ontstond wellicht omdat Verdi zelf een notturno schreef voor drie stemmen, fluit en piano. Dit 'Guarda che bianca luna' uit 1839 vormt de opening van dit project. Sopraan Mariella Devìa, tenor Sergej Larin en bas-bariton Michele Pertusi zingen hierin samen en verdelen de overige liederen, die steeds voor een stem zijn geschreven, onder elkaar. Pertusi zingt er twaalf, Devìa tien en Larin vijf. De drie zangers bewezen hun kwaliteiten al ruimschoots in andere projecten. Larin zingt een mooi 'Ave Maria', Pertusi ontfermt zich onder andere over het bekende 'La zingara' en Devìa leeft zich uit in het eveneens bekende 'Lo spazzacamino' (De schoorsteenveger). Prettige muziek kortom, aanstekelijk en helder begeleid door de blazers van het Teatro Regio van Parma.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden