Verder zonder de dierbare tovenaar

Vanavond speelt het Orkest van de Achttiende Eeuw in Carré. Zonder oprichter Frans Brüggen, die op 13 augustus overleed. Het orkest gaat zonder hem verder. Dat wás ondenkbaar.

We gaan niet met rouwbanden spelen", zegt Sieuwert Verster, algemeen directeur van het Orkest van de Achttiende Eeuw, naar aanleiding van de dood van orkestoprichter en muzikaal directeur Frans Brüggen. "En we gaan ook geen concerten aan hem opdragen, want onze hele toekomst is al aan hem opgedragen. We hebben tijdens een mooie bijeenkomst in de Oude Kerk vorige week met vrienden, fans en collega's gerouwd om Frans. Daar is toen alles gezegd. Natuurlijk zijn we verdrietig, maar ik vind niet dat je publiekelijk je tranen moet laten zien. Straks in Warschau is er nog een besloten herdenkingsbijeenkomst uitsluitend voor de orkestmusici."

Vanavond herneemt het Orkest van de Achttiende Eeuw in Carré nog een keer de fantastische 'Così fan tutte' van Mozart die in het voorjaar zo succesvol door de Nederlandse zalen trok. Daarna vertrekt het orkest naar Warschau waar het al jaren een zeer geliefde gast is tijdens het Chopin Festival in de Filharmonia Narodowa. Sinds de oprichting in 1981 is dit de 121ste tournee van het orkest. Ed Spanjaard, die de opera van Mozart zo energiek leidt, en Kenneth Montgomery gaan mee als gastdirigenten. Pianisten Nelson Goerner, Dang Thai Son en Alexey Zuev spelen in Polen met het orkest en Montgomery concerten van Beethoven, Grieg en Chopin.

Over de toekomst van het orkest is de laatste tijd druk gespeculeerd. Er werd immers altijd verkondigd dat het orkest, geesteskind van Brüggen, met de dood van de dirigent zou worden opgeheven. Maar de laatste tijd waren er ook andere geluiden te horen, en na het overlijden van Brüggen wordt de vraag over de toekomst heel actueel. Verster vertelt dat tot zijn verrassing zelfs The New York Times onlangs aan de lijn heeft gehangen om naar de plannen van het orkest te vragen. Teken dat het orkest wereldwijd geliefd is.

"Er is geen afscheidsbrief van Frans aan het orkest, noch een soort van testament. Maar tot op het laatst ben ik met Frans in gesprek geweest over de toekomst. We hebben altijd gezegd: 'Als Frans stopt, stoppen we allemaal'. Dat was een krasse uitspraak, waar we ongeveer anderhalf jaar geleden - Frans was toen al ziek - op teruggekomen zijn. In het eerste decennium van ons bestaan hadden we genoeg aan het ontdekken van al die muziek, samen met Frans. In het tweede decennium hebben we op advies van Frans gastdirigenten geëngageerd. Dat waren niet de minsten. Simon Rattle, Edo de Waart, Roger Norrington. Het was nuttig, maar we hadden er nooit een euforisch gevoel bij. In het derde decennium hebben we daarom besloten om voorlopig even geen gastdirigenten meer uit te nodigen.

"In het vierde decennium werd het vanwege de gezondheid van Frans noodzakelijk dirigenten te vragen verscheidene tournees over te nemen. Kenneth Montgomery, Ed Spanjaard en Daniel Reuss hebben ons toen enorm geholpen. En we ontdekten toen dat we als orkest minder pedant waren geworden, minder arrogant. Misschien zijn we als orkest ook wel beter geworden. Maar hoe dan ook was de samenwerking met andere dirigenten nu wel heel bevredigend. Ons krasse credo kwam ter discussie. Bovendien kregen we vragen van verschillende directeuren van concertzalen of we ons standpunt niet wilden heroverwegen.

"We zijn voorlopig niet op zoek naar een nieuwe chef-dirigent. We gaan de komende drie jaar met verschillende mensen samenwerken en daarna zien we verder. Na het huwelijk met Frans hebben we nu even wisselende contacten, zogezegd. Als we meteen met één vervanger verder zouden gaan, dan bouw je teleurstellingen in, omdat het natuurlijk nooit wordt wat het was. Het komt er gewoon op neer dat Frans onvervangbaar is. Hij had overigens nog volop plannen, ondanks zijn ziekte. Hij dirigeerde graag Bachs 'Johannes-Passion', maar hij was voor 2016 de 'Matthäus-Passion' aan het voorbereiden. Dat had natuurlijk alles te maken met zijn eigen 'grote lijden'.

"In mei heeft hij nog een project gedaan in het Koninklijk Conservatorium van Den Haag. Ons orkest werd daar verdubbeld met vijftig jonge conservatoriumstudenten voor een groot Rameau-programma. Frans zat al in een rolstoel en hij was fysiek heel zwak. Maar zijn geest was nog onverminderd aanwezig. Onze dierbare tovenaar bracht daar nog één keer twee generaties bij elkaar."

In deze krant zei Verster ooit dat het Orkest van de Achttiende Eeuw één groot zondagskind is. Is dat nog steeds zo?

"Ik moet bekennen dat je soms bij de dood van iemand vreugde voelt dat zo iemand geleefd heeft. Bij componist Guillaume Machaut bijvoorbeeld. Bij Mozart wordt dat al twijfelachtiger. Met de dood van Frans hebben we ons nog niet verzoend, omdat die te vers is. Het was mooi dat alle orkestmusici van over de hele wereld op eigen kosten naar Amsterdam zijn gevlogen om de herdenkingsdienst in de Oude Kerk bij te wonen. Dat zegt wat. Het zondagskind heeft een behoorlijke knauw gekregen, maar we voelen ons nog steeds bofkonten."

Vanavond speelt het Orkest van de Achttiende Eeuw met solisten onder leiding van Ed Spanjaard Mozarts 'Così fan tutte' in Koninklijk Theater Carré in Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden