Verbruggen nog niet klaar met UCI

Over twee jaar loopt het mandaat van Hein Verbruggen als voorzitter van de internationale wielrenunie UCI af. De Nederlander heeft altijd geroepen dat hij aan zijn laatste termijn bezig is. Inmiddels is hij op dat standpunt teruggekomen. Hij wil er in 2001 een nieuwe periode van vier jaar aan vastknopen, op voorwaarde dat de profs onder de vlag van de UCI een aparte sectie vormen.

De Conseil Route Elite (CRE) moet vergaande, bijna autonome bevoegdheden krijgen. Verbruggen hoopt daarmee te voorkomen dat marketingbureaus met het beroepswielrennen aan de haal gaan, waardoor de UCI zou verschrompelen tot een mondiale koepel voor amateurs, vrouwen, mountainbikers, kunstfietsers en peddelende dauwtrappers. Het bureau IMG heeft in het recente verleden al begerige blikken naar een aantal profploegen gericht.

Zo mogelijk nog belangrijker is de greep die Verbruggen via de CRE op doping- en gezondheidscontroles en het selectieve toelatingsbeleid van bepaalde wedstrijdorganisatoren (de Tour de France) wil krijgen. Nu is dat een ratjetoe van persoonlijke belangen en nationale competentiestrijdjes.

Houdt de UCI vier algehele gezondheidscontroles per jaar, de Franse bond legt er eer mee in om dat aantal op te voeren tot twaalf. Dat doet FFC-voorzitter Baal niet om zijn renners te pesten, maar om Verbruggen duidelijk te maken dat hij het dopingprobleem in zijn ogen niet serieus neemt.

In Italië dienen de coureurs zich niet alleen te onderwerpen aan de regels van de UCI, maar ook aan de wetten van het nationale olympische comité Coni. In de jongste Giro d'Italia stuurde de wereldwielerbond het aan op een conflict door de renners te verbieden urinestalen te laten afnemen door Coni-inspecteurs.

En dat Tourdirecteur Leblanc ploegen weigert op slecht gedrag (TVM) zint Verbruggen ook al niet. ,,Zoiets is niet van de dag van vandaag. Daarom moet er binnen de UCI een instantie komen die zegt: dit kan wel en dat niet.''

Gisteren kreeg Verbruggen van het UCI-congres het groene licht om de contouren van de CRE te schetsen. In januari wordt in Sint-Michielsgestel (de locatie van het WK veldrijden) inhoudelijk over het ambitieuze project gepraat. Daarna komt de personele invulling van de commissie aan de orde. De helft van het twaalfkoppige bestuur is neutraal, de andere helft komt voort uit de UCI. De voorzitter krijgt de status van (betaalde) manager.

In wezen wordt de oude profsectie FICP, die door Verbruggen werd voorgezeten voordat hij in 1992 preses van de UCI werd, nieuw leven ingeblazen. Ten tijde van het Oostblok figureerden binnen de UCI een sterk autonome prof- en amateursectie. Na de val van de Berlijnse muur werd organiek de scheiding tussen die twee categorieën opgeheven.

De FICP nieuwe stijl wordt ingericht naar het Amerikaanse NBA-model. Renners blijven licentiehouder bij hun nationale bond, maar de merkenploegen kunnen zich rechtstreeks bij de CRE aansluiten. Het beteugelen van de dopingproblematiek is de grootste en lastigste opdracht die de nieuwe commissie moet uitvoeren. Verbruggen wil een veel zwaarder accent leggen op gezondheidsonderzoeken.

,,We stoppen 5,5 miljoen gulden in dopingcontroles - meer geld hebben we niet - en komen thuis met één procent positieve gevallen. Terwijl de Festina-affaire heeft geleerd dat het probleem ligt bij de niet opspoorbare stoffen. Ik ben ervan overtuigd dat doping alleen binnen de perken blijft wanneer de gezondheidscontroles worden geïntensiveerd. Wij lopen met deze policy vijf tot tien jaar voor op veel andere bonden.''

Met toestemming van de medische commissie van het IOC houdt de UCI op de Olympische Spelen van Sydney ook bloedtesten. ,,De renners en de ploegen zijn het met onze ideeën eens'', weet Verbruggen. ,,Maar alleen als in de hele wereld hetzelfde systeem wordt gehanteerd.''

Voor het opleggen van sancties - wat bij gezondheidstesten niet het geval is; een door de mand gevallen renner is om juridische redenen te ziek om te werken - geldt hetzelfde. Verbruggen verwijst naar de ex-TVM'er Claus Möller, die na een dopingzaak door de Deense bond twee jaar werd geschorst voor wedstrijden in Denemarken. ,,Dat is niet genoeg, want hij kan in feite overal rijden.''

Overigens heeft de UCI meer verfijningen in het schorsingsbeleid aangebracht. 'Lichte' producten als efedrine en cafeïne blijven op de dopinglijst staan, maar overtredingen kunnen voortaan ook met een waarschuwing worden afgedaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden