Verblijfsvergunningen / De lange lijdensweg van de witte illegaal

Een beperkt pardon hielp ingeburgerde illegalen destijds aan een verblijfsvergunning. Een succes, zei men. Maar sommige ’witte illegalen’ procederen nog steeds.

Een vergeten groep, zegt de Utrechtse advocaat Rachid Aboukir. Vorig jaar behartigde hij tijdelijk de belangen van zo’n tweehonderd witte illegalen. Ze vielen in 1996 buiten de ’zesjarenregeling’ en in 1999 ook buiten de uitgebreidere ’Tijdelijke Regeling Witte Illegalen’.

De voorwaarden waren glashelder, zegt Aboukir, maar werden te strikt gehanteerd. „Het was voor veel illegalen bewijstechnisch niet te doen. Zo had lang niet iedereen een arbeidscontract, en dan hield het op.”

Aboukir zegt dat zijn cliënten allemaal leken op de Turkse kleermaker Gümüs, die ondanks zijn goede integratie het land werd uitgezet. „Ze wonen hier twintig, soms dertig jaar, betaalden belasting, spaarden zelfs pensioen op. Maar dan knakte het weer op het bewijs.”

Een vergelijking tussen de regeling voor de witte illegalen (1999) en de verse pardonregeling voor uitgeprocedeerde asielzoekers ligt voor de hand. Beide zijn bedoeld om schoon schip te maken rond een grote groep problematische vreemdelingen. En in beide gevallen was er vanuit de maatschappij jarenlang om geknokt, tot hongerstakingen aan toe. Maar in de uitvoering zit een belangrijk verschil. Justitie wil asielzoekers die nu buiten de boot vallen koste wat kost uitzetten. De illegalen uit de jaren negentig zijn veelal gebleven.

De Amsterdamse advocaat Alexandra Nederveen heeft enkelen van hen weer in procedure gebracht, dankzij Hilbrand Nawijn. De ex-minister van vreemdelingenzaken weigerde destijds een generaal pardon voor asielzoekers af te kondigen, maar deed op 14 januari 2003 wel een belangrijke toezegging. Iedereen die zichzelf een ’schrijnend geval’ vond, mocht Justitie aanschrijven. Er volgden 15.750 zogeheten ’14-1-brieven’ – verwijzend naar de datum van de oproep.

Hoewel algemeen werd aangenomen dat de actie was gericht op asielzoekers, ging Nederveen het juridisch gevecht aan. „Het accent lag op schrijnendheid”, zegt ze, „niet op de vraag of het een asielzoeker of een reguliere vreemdeling is, zoals een witte illegaal.”

Nawijns opvolger, Rita Verdonk, weigerde aanvankelijk de ’14-1-brieven’ in behandeling te nemen, maar werd hiertoe op 19 november 2004 gedwongen door een uitspraak van de Raad van State. Spoedig daarna gaf de minister een illegale Kameroener zónder asielverleden een verblijfsvergunning wegens ’schrijnende omstandigheden’, nota bene zonder tussenkomst van de rechter. „In al mijn brieven en bezwaarschriften hamer ik precies daarop”, zegt advocaat Nederveen. „Het kan dus ook voor niet-asielzoekers.”

De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) toetst de ’14-1-brieven’ aan de hand van een lijstje criteria. Als iemand afvalt, maar volgens de IND’er toch een vergunning verdient, gaat het dossier naar de minister of staatssecretaris. Die heeft een discretionaire bevoegdheid om af te wijken van het beleid.

Maar wanneer komen vreemdelingen daarvoor in aanmerking? Bekend is dat de IND rekening houdt met trauma’s, medische problemen, kinderen die hier geboren zijn en familieleden die in Nederland zijn gestorven. De lijst is niet eindig, en er bestaan geen duidelijke combinaties van omstandigheden waarbij altijd een vergunning wordt verleend.

„Dat is precies het probleem”, zegt advocaat Aboukir. „Justitie heeft een heel ruime, ondoorzichtige beleidsvrijheid. Het lijkt op willekeur. En daar is niet tegen te procederen.”

Voor asieladvocaten biedt een andere uitspraak van de Raad van State van 21 december 2006 een nieuwe strohalm. De raad oordeelde toen dat voormalig minister Verdonk de negatieve beslissingen over de ’14-1-brieven’ onvoldoende heeft gemotiveerd. Haar opvolger zal mogelijk duizenden weigeringen opnieuw moeten beoordelen, daaronder die van de witte illegalen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden