Verbijsterend originele Fin

De composities van Jean Sibelius zijn zeer geliefd op de Britse eilanden. Sir Simon Rattle nam voor de tweede keer de zeven symfonieën op, nu met zijn Berlijnse orkest.

Jean Sibelius werd even na middernacht geboren. In die vroege ochtend van 8 december 1865 vroor het 17 graden in Hämeenlinna. Een klein stadje in wat toen nog het Groothertogdom van Finland was, een autonoom gebied binnen het Russische tsarenrijk. Zijn dit soort gegevens over geografie, tijd en temperatuur belangrijke wetenswaardigheden voor het compositorische leven van Sibelius? Je bent geneigd te zeggen van wel.

Op die ijskoude ochtend dat Johan Julius Christian ter wereld kwam, kun je je voorstellen dat het stil was in Hämeenlinna. Maar die stilstaande lucht in een uithoek van Europa zou langzaamaan gaan zinderen. De wereld zou veranderen en ook in Finland ging het schuiven. Smelten is een mooi woord in deze context. Het geluid van smeltend, splijtend ijs op de grote meren van Finland. Sibelius, een natuurmens, kende dat snel wegschietende en galmende geluid, en kenners beweren dat hij het in zijn composities verstopte.

Wat Sibelius in elk geval niet verstopte, was het ontwakende nationalistische gevoel van de Finnen. Zijn bekendste compositie 'Finlandia' spreekt wat dat betreft boekdelen. Sibelius werd net als collega's als Dvorák, Smetana, Janácek en Rimski-Korsakov het geluid van een volwassen wordende natie. En terwijl de wereld en Finland veranderden, vond Sibelius zijn eigen stem. Een stem die zich luid en welluidend teweerstelde tegen het brute en atonale dat zich elders in het Europese muziekleven ontwikkelde. Het leverde Sibelius lang een slechte naam op bij de avant-garde van de westerse klassieke muziek. Hij hoorde er niet meer bij. Hij kreeg zelfs het etiket 'slechtste componist in de wereld'.

Het is misschien daarom dat Sibelius de laatste dertig jaar van zijn leven zweeg. Na de Zevende symfonie in 1926 kwam er, op een paar werken na, bijna geen muziek meer uit zijn handen. In het openbaar sprak hij ook nooit meer over zijn muziek. Na het zelfopgelegde zwijgen van Rossini, was er nooit een beroemd componist die zo ver voor zijn dood een finale punt achter zijn carrière zette. En dat terwijl de wereld met smart wachtte op een Achtste symfonie waarmee de componist aan het stoeien was. Maar die Achtste kwam er nooit, ook al had Sibelius de première ervan aan dirigent Serge Koussevitsky beloofd. Maar liefst 91 jaar oud werd Sibelius, en tegen de tijd dat hij in 1957 stierf, werd hij beschouwd als een versteend en stom fossiel, levend in een compleet andere tijd en omgeving dan waarin hij geboren was.

Maar gepassionneerde ambassadeurs heeft Sibelius gelukkig ook altijd gehad, en niet alleen in eigen land. Groot-Brittannië liep daarbij voorop, dankzij de inspanningen van collega-componisten als Arnold Bax en Ralph Vaughan Williams die beiden hun Vijfde symfonie aan Sibelius opdroegen. En nog steeds houdt Engeland van de muziek van de grote Fin. Getuige het cd-project dat Sir Simon Rattle met zijn Berlijnse orkest aan Sibelius wijdde, ter gelegenheid van zijn 150ste geboortedag.

Rond de laatste jaarwisseling voerde Rattle in de Berliner Philharmonie en op tournee door Europa in drie maanden alle symfonieën van Sibelius uit. In een prachtige box bracht het orkest de Berlijnse opnamen ervan in eigen beheer uit. Vier cd's met de live-opnamen, plus een dvd met alle concertregistraties en een interview met Rattle. Daarin noemt hij Sibelius 'een van de meest verbijsterend orginele componisten (...) een grootmeester in vorm, die hij met elke nieuwe compositie opnieuw uitvindt'.

Rattle nam al eens eerder het complete symfonische oeuvre van Sibelius op met zijn orkest uit Birmingham. Zijn interpretatie is gegroeid, de opwindende onstuimigheid van toen heeft plaatsgemaakt voor introspectie. Het één is niet per se beter dan het ander. Het best geslaagd hier zijn de vroege symfonieën, met name de Eerste en de Derde.

Die laatste symfonie werd vóór deze concerten nooit eerder gespeeld door de Berliner Philharmoniker, een veelzeggend teken in het licht van de anti-Sibeliushouding in Europa. In Amsterdam was het Sir Colin Davis die in 1980 de Derde bij het Concertgebouworkest introduceerde. In het uitgebreide boekwerk bij de cd's staan de dirigenten vermeld die de symfonieën in Berlijn in première hebben gebracht: Karl Muck (I), Sibelius zelf (II), Oskar Fried (IV), Ferruccio Busoni (V), Herbert von Karajan (VI) en Wilhelm Furtwängler (VII). Een indrukwekkend rijtje.

Rattle voegt zich bij hen met interpretaties die door en door uitgediept zijn. Met verrassende keuzes her en der wat tempi betreft, maar altijd volledig helder en transparant. Als wilde Rattle die originele vormen waarover hij spreekt blootleggen. De live-opnamen zelf hadden een fractie scherper kunnen zijn - dat doen ze in het Concertgebouw echt beter. Maar de liefde van Rattle voor Sibelius spreekt uit iedere maat, niet in de laatste plaats in dat schitterende slotdeel van de Vijfde. Heeft Sibelius ooit iets schoners geschreven?

KLASSIEK

Sir Simon Rattle

Sibelius Complete symfonieën

(www.berliner-philharmoniker.de)

HHHHH

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden