Jan vraagt Daan

Verbeeld ik me het, of kan mist een bepaalde geur overnemen?

Jan Beuving Beeld Maartje Geels

Daan van Eijk en Jan Beuving vormden samen het (wetenschaps)cabaretduo Jan & Daan. Jan is wiskundige en theatermaker. Daan is natuurkundige aan de University of Wisconsin in Madison, VS. Om de week stellen zij elkaar een vraag.

Dag Daan,

Ik moest deze week denken aan een van de mooiste liederen van Jan Boerstoel: Amsterdams Parfum. Hij schreef het voor Jenny Arean, en het gaat over de geuren van Amsterdam. De regels die in mij opkwamen waren deze: 'Terwijl op ieder woonschip weer / een kromme schoorsteen dapper rookt / dan krijgt de mist de scherpe geur / van kacheltjes op hout gestookt.'

Een mooie observatie, want mist kan inderdaad scherp ruiken. Dat was ook mijn associatie, want ik fietste door de mist naar mijn ouders, en rook al van ver de nertsenfokkerij bij hen in de buurt. Is het waar, wat Jan Boerstoel schrijft? Dat mist de geur overneemt? Kleeft die geur aan de mist? Speelt de temperatuur een rol? Of is het alleen omdat het windstil is, dat die geur blijft hangen?

Dat laatste vermoed ik niet, want op een kraakheldere, windstille dag ruik je die nertsenfokkerij - en die schoorsteentjes van Boerstoel - helemaal niet zo sterk. Bovendien heb ik nóg een associatie met de versterkende werking van mist: ik had vroeger een heel klein televisietje op mijn kamer, met een ouderwetse antenne erbij. Daarmee kon ik Nederland 1, 2 en 3 ontvangen. Maar, als het dicht mistte, kon ik ook vaag wat Belgische zenders ontvangen. Eén keer zelfs met lichte kleur! Sensatie op mijn jongenskamer, dat begrijp je.

Mist is een voorbeeld van een aerosol: een mengsel van vloeistofdruppeltjes in een gas. Ik las dat in een aerosol zogeheten colloïden voorkomen: kleine deeltjes, die nochtans groter zijn dan een molecuul. (Afgeleid van het Griekse woord voor lijm, kolla.) Colloïden hebben sommige eigenschappen gemeen met moleculen, maar omdat ze veel groter zijn dan moleculen, hebben ze andere eigenschappen wat betreft lichtbreking, elektrische geleiding, etcetera.

Hebben die colloïden er iets mee te maken? Of bedriegen mijn zintuigen mij, en heeft de mist helemaal geen magische krachten? Dat zou ik jammer vinden, want het is wel poëtisch. Dat dat wat ons zicht vertroebelt, juist het onzichtbare helder maakt. Kun jij een tipje van de nevelsluier oplichten? Al is het maar een flard?

Lees verder onder de foto

Daan van Eijk Beeld Maartje Geels

Ha Jan,

Je zintuigen bedriegen je niet, want mist kan inderdaad een bepaalde geur hebben. Dat heeft te maken met hoe mist zich vormt. De lucht om ons heen kan maar een bepaalde hoeveelheid waterdamp bevatten. Die hoeveelheid is afhankelijk van de temperatuur. Dus hoe warmer de lucht, hoe meer waterdamp deze kan vasthouden. Als de lucht daarentegen afkoelt raakt de lucht steeds meer verzadigd, tot het punt waarop de waterdamp het liefst condenseert tot vloeibare waterdruppels.

Die gecondenseerde waterdruppeltjes vormen zich op zogeheten condensatiekernen: kleine stofdeeltjes die altijd in meer of mindere mate in de lucht voorkomen. In jouw geval kwamen die stofdeeltjes uit de nertsenfokkerij. Hun kenmerkende geur werd zo 'opgesloten' in de mist en kwam vrij in je neus toen je die inademde.

Maar, zo werp jij zelf ook al tegen, waarom ruik je die nertsenfokkerij dan niet net zo sterk op een heldere (dus niet mistige) windstille dag? Ik denk dat hier het meteorologische verschijnsel van de temperatuursinversie een rol speelt. Normaal gesproken koelt lucht af hoe hoger je komt in de atmosfeer. Maar in sommige gevallen stijgt de temperatuur juist met toenemende hoogte. Dat gebeurt tot aan een bepaalde hoogte, waarna het temperatuurverloop weer normaal wordt.

Die onderste inversielaag van stijgende temperatuur met hoogte werkt als een soort stolp waaronder lucht- en stofdeeltjes niet kunnen ontsnappen. Dit zijn precies de omstandigheden waarin smog en, als de lucht koud genoeg is, mist zich vormen!

Op jouw hypothetische heldere, windstille dag is er geen inversie en bijbehorende stolpwerking. Stofdeeltjes worden meegenomen in de lucht die nu ongestoord kan opstijgen. En daardoor ruik je ze aan het aardoppervlak dus minder of niet.

Zo'n zelfde temperatuursinversie zorgt voor minstens even poëtische effecten als fata morgana's. Of de observatie dat je beter hoort in het donker: de temperatuuropbouw van de lucht 's nachts zorgt ervoor dat je geluiden van veel verder weg kunt horen dan overdag.

Dat van die antenne-TV in de mist vind ik verrassend, trouwens. Ik dacht altijd dat mist het signaal juist verstrooit en daarmee verzwakt, dus ik had verwacht dat je die Belgische uitzending zou hebben gemist.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden