Verband wordt hergebruikt, gewonden liggen aan een leeg infuus

Op drukke dagen komen in noodziekenhuis in Allepo honderd gewonden binnen, er is één arts

Het bloed zit tot op de muren. In het kleine Dar al-Sjifa ziekenhuis in Aleppo kan het personeel de stroom gewonden en doden niet meer aan. Net als de muren schoon zijn, volgt er een nieuwe stroom gewonden en kleuren de wanden weer rood. De vloeren zijn gevaarlijk glad door de combinatie van bloed en het vette koelwater uit de generator bij de ingang.

Dar al-Sjifa beschikt over zo'n twintig bedden in het centrum van Aleppo dat onder controle staat van het Vrije Syrische Leger (VSL). Dat heeft dag en nacht bewakers voor de deur staan. Het ziekenhuis is oud en smerig, en er wordt ongegeneerd gerookt. De posters van het VSL aan de muren laten geen twijfel bestaan over de sympathiën van het personeel.

Een overwerkte staf bestaande uit zes mensen runt het noodziekenhuisje. Ze hebben het niet over salaris of over vrije dagen, de strijd staat voorop. Op piekdagen komen er soms wel honderd gewonden het ziekenhuis binnen. Uit ruimtegebrek worden zij op straat behandeld, te midden van de doden.

De meeste slachtoffers zijn burgers, vertelt de jonge arts in witte jas, die anoniem wil blijven. Hij is de enige arts in het ziekenhuis en verricht alle operaties zelf. Maar dat is niet zijn voornaamste zorg. "We hebben een enorm tekort aan medicijnen", klaagt hij.

Door de gevechten komen er geen hulpgoederen meer binnen. Verband wordt hergebruikt en veel patiënten liggen aan een lege infuuszak; een infuus is alleen beschikbaar voor de ergste gevallen, vertelt de arts verontschuldigend.

Behalve medicijnen is er ook een tekort aan elektriciteit. Generators werken niet door het gebrek aan brandstof. "De prijs van een liter diesel is al gauw zeven dollar op de zwarte markt", zegt de arts.

En als de generator draait, is het geluid zo oorverdovend dat contact met de gewonden vrijwel onmogelijk is. Dan vervangt de stank van diesel de weeïge geur van bloed.

Alle gewonden die aankomen per pickup of personenauto - ambulances zijn er niet - zijn oorlogsslachtoffers. "Ik liep op straat toen ik opeens pijn in mijn been voelde. Het was een kogel", zegt een twintiger. Hij zegt het wat laconiek; iedereen kent de gevaren van de straat waar scherpschutters de dienst uitmaken.

Soehaya Hoessein, een in het zwart geklede jonge vrouw, registreert iedereen die binnenkomt. Op haar mobieltje laat ze foto's zien van binnengedragen gewonden en doden. Er zijn gruwelijke beelden bij van kinderen die in hun achterhoofd zijn geschoten, van slachtoffers van executies, van zakken vol afgeschoten lichaamsdelen. Het ziekenhuispersoneel wil de wereld laten zien wat het Syrische regime de burgers aandoet.

Zelfs ziekenhuizen worden niet ontzien in de strijd, zoals vorige week bleek bij een bombardement op Salah al-Din, de wijk waar zwaar gevochten wordt. De bom miste doel, waardoor alleen de ramen sneuvelden. Dar al-Sjifa is op wonderlijke wijze gespaard gebleven.

Gelukkig maar, zegt Suhaya Hoessein. Ook al is het ziekenhuis, klein, oud en smerig, de slachtoffers kunnen niet zonder Dar al-Sjifa.

Wegens ruimtegebrek wordt ook op straat behandeld, te midden van de doden

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden