Ver in de blessuretijd wankelt Rutte II alsnog

Premier Mark Rutte na afloop van het begrotingsoverleg tussen Pvda en VVD op het Ministerie van Financiën. Beeld ANP

Nog maar een week geleden bracht VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra taart mee naar het vaste overleg met coalitiepartner PvdA. Daarop prijkten de glazuren hoofden van de partijleiders Mark Rutte en Lodewijk Asscher. Er was wat te vieren, zei Zijlstra. 

“Deze twee mannen hebben ervoor gezorgd dat dit het langstzittende naoorlogse kabinet is.” ‘1750 dagen goede samenwerking’, stond erbij.

Van een feestje is inmiddels geen sprake meer. De coalitie dreigt alsnog uiteen te spatten, ver in de blessuretijd van dit demissionaire kabinet, in het nauw gebracht door een conflict dat lange tijd oplosbaar leek.

Verhoudingen op scherp

Het was Asscher die eind juni de verhoudingen binnen de coalitie op scherp zette, door voor de camera van de NOS te verklaren: “Als er een begroting komt waar de PvdA zijn handtekening onder zet, dan staat daar in een eerlijke koopkrachtverdeling én ruimte voor salarissen voor leraren.” En: “Als wij toch de begroting maken, dan kun je niet van ons verwachten dat we alleen maar bewindspersonen regelen die daar op de boel aan het passen zijn. Dan vinden we ook wat.”

De eis van Asscher (honderden miljoenen voor het basisonderwijs) zette kwaad bloed bij Rutte: “We hebben vier jaar ontzettend goed samengewerkt. Dit stelt mij een beetje teleur.” Sinds 2012 doorstond deze coalitie tal van crises; over de inkomensafhankelijke zorgpremie, bed-bad-brood voor vluchtelingen, het wetsvoorstel van Schippers over de vrije artsenkeuze, de grote toestroom van migranten; elke keer bleek het verbond tussen VVD en PvdA sterk genoeg om het probleem het hoofd te bieden.

De coalitie heeft de afgelopen jaren voor hetere vuren gestaan, toch dreigt nu een abrupt einde aan de samenwerking. Er zijn belangrijke verschillen ten opzichte van de vorige kwesties. Dit keer staat niet Diederik Samsom aan het hoofd van de PvdA, iemand die het kabinet koste wat kost overeind wilde houden, maar Asscher. Die nieuwe leider schuwt het conflict niet. En, daarmee samenhangend: de sterk uitgedunde PvdA-fractie is tegenwoordig veroordeeld tot de oppositie. Dat vraagt om profilering. De begroting is een ultieme kans voor de partij nog iets binnen te slepen.

Weinigen in Den Haag hielden er deze zomer rekening mee dat het meningsverschil over de lerarensalarissen zo zou escaleren. Alle partijen hebben sympathie voor de klacht van leerkrachten op basisscholen dat zij minder betaald worden dan hun collega’s in het middelbare onderwijs. Maar dat brengt de oplossing niet per definitie dichterbij.

De VVD zit klem tussen twee onderhandelingstafels. Aan de ene zit de PvdA, aan de andere zitten de formerende partners CDA, D66 en ChristenUnie. Informateur Gerrit Zalm maakte maandag bekend dat er aan de formatietafel nog geen overeenstemming is over het komende begrotingsbeleid. Oftewel: van de formerende partijen wordt nu dus verwacht toezeggingen te doen aan het demissionaire kabinet, terwijl zij zelf nog geen helderheid hebben over de eigen financiële plannen.

Wat ook meespeelt: op de begroting van het ministerie van onderwijs gaapt een gat van bijna een half miljard euro. De coalitie in wording moet eerst dit tekort oplossen. Pas daarna willen zij geld voor de leraren vrijmaken. De vraag is nu: gunnen de vier formerende partijen de PvdA dit laatste succes, ondanks alle bezwaren?

Lees ook: Struikelt het demissionaire kabinet alsnog over de begroting 2018?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden