Vegetarische gehaktbal

Weer lijkt een 'botsing van beschavingen' aanstaande, tussen mijn geboortestreek en mijn aangenomen provincie. Niet om vegetarische restaurants deze keer, maar om gehaktballen.

Begin oktober staat er groot nieuws in de kranten: slagerij Beerens uit Eindhoven heeft de prijs voor de 'Lekkerste Gehaktbal 2013' gewonnen, uitgereikt door de Koninklijke Nederlandse Slagersorganisatie. Heel Brabant blij. Maar een nieuw bericht raakt onze provincietrots midscheeps: op de 'Markt van 1001 Smaken' wordt de 'Gouden Gehaktbal' uitgereikt, onafhankelijk van slagersorganisaties. Die markt is op het Food Centre in, jawel: Amsterdam.

Laten die westerlingen een Amsterdammer winnen? Maar nee. Er is gerechtigheid. De uiteindelijke winnaar is Mevrouw Stroeve uit Steenwijk. Steenwijk! Verder van de Randstad kun je bijna niet komen.

Het belangrijkste nieuws verzuipt bijna in de euforie: op de derde plaats is geëindigd de Gehacktbal van de Vegetarische Slager - een relatief nieuwe productlijn van vleesvervangers.

Een gehaktbal zonder beest, die zo hoog scoort? Dat zou wat zijn, een bal die de aarde niet belast en toch smaakt. Maar hoe kom je daar achter? Daar is maar een antwoord op: proeven. En vergelijken.

Steenwijk is voor mij ver weg, de bal van Beerens is dichterbij te koop. In de blinkende zaak aan de Kruisstraat in Woensel, Eindhoven, hangt een groot bord: vier ballen voor vijf euro. Kijk, dat is nog eens een mooi aanbod. Ze zien er ook mooi uit: roze, glanzend en sappig, het kenmerk van de ware gehaktbal. Daarvoor is 1,25 euro niet veel.

De Gehacktbal van de vegaslager is moeilijker te vinden. Volgens een persbericht zouden ze bij de Jumbo te koop zijn, maar die heeft ze niet. Wel bij Ekoplaza, maar daar blijken ze in de diepvries te zitten. Ze kosten 1,60 euro per stuk. Voor de zekerheid neem ik er twee mee, maar twijfel trilt in mijn boezem. Zouden dit wel de bedoelde ballen zijn?

Toevallig ben ik de volgende dag in Amsterdam, waar de Vegetarische Slager een winkel heeft. Daar verkopen ze losse gehaktballen, niet uit de diepvries, maar die wel sprekend op de diepvriesballen lijken. Ze ruiken ook hetzelfde, maar ze kosten meer dan die uit de Ekoplaza; in Amsterdam zijn de ballen een dubbeltje duurder.

De vegaballen moeten, volgens de verpakking, opgewarmd worden 'in vegetarische bouillon'. Daar zou ik uit mezelf ook geen beestachtige bouillon voor hebben gebruikt, maar voor deze proeverij is bouillon geen optie. De vega's gaan in de pan waarin de vleza's een kwartiertje braden. Scheutje water erbij, nog een kwartiertje sudderen en klaar.

Voor het keuren zet ik mijzelf in en de scherpe tong van mijn zoon, die het verschil kan proeven tussen de worst van Appie en die van Jumbo. We proeven blind, vegaballen en vlezabollen. Om het proeven moeilijk te maken liggen ze verdeeld over negen genummerde bordjes, vega's en vleza's door elkaar.

De eerste hap, van bordje nummer 1, vult de mond met sap, met smeuïg brokkelende structuur, net als echt gehakt. De kruiding is wel wat heftig, wat zout en scherp, maar dat kan je verwachten van een slager- die moet zoutliefhebbende klanten tevreden stellen. De volgende bal heeft een smeuïg brokkelende structuur en vult de mond met sap, net als echt gehakt. Hij is alleen veel zachter gekruid, duidelijk anders. Een stiekeme blik, op het velletje dat nummers aan ballen linkt, verraadt dat dít de bal van Beerens is. Dan was de eerste bal dus een vegabal?

Zo gaat het door. Telkens weer bevinden wij structuur en sap vrijwel gelijk, en de kruiding anders. Die van Beerens is beter.

Toch nog winst in de 'botsing der beschavingen'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden