Veel verborgen armoede onder ouderen

De circa 50 000 Chinezen in Nederland staan veel lager op de maatschappelijke ladder dan algemeen wordt verondersteld. Met name de oudere Chinezen gaan gebukt onder verborgen armoede. Veel kleinere Chinese restaurants blijken nog nauwelijks levensvatbaar, terwijl tachtig procent van de beroepsbevolking van de horeca afhankelijk is.

Deze weinig rooskleurige uitkomsten van een nog niet gepubliceerd onderzoek van het Instituut voor sociologisch-economisch onderzoek (ISEO) nopen de overheid tot maatregelen, menen Chinese organisaties. De Chinezen zitten wat betreft opleidingsniveau en positie op de arbeidsmarkt in tussen enerzijds de Marokkaanse en Turkse en anderzijds de Surinaamse en Antilliaanse migranten. Ten opzichte van autochtonen hebben de Chinezen een behoorlijke achterstand. Desondanks heeft deze grote groep migranten die met name in de jaren zestig en zeventig naar Nederland kwam, nooit aanspraak gemaakt op het minderhedenbeleid. Tien jaar geleden ontspon zich al een discussie over wel of niet opnemen van de Chinese migranten in het minderhedenbeleid. Het waren destijds vooral de oudere Chinezen die niets voelden voor overheidsbemoeienis.

Maar inmiddels is de nood zo hoog dat ook de eerste generatie Chinezen bereid is iets van hun onafhankelijkheid prijs te geven. Het zijn ook juist die Chinezen die het minst zijn geïntegreerd in de Nederlandse samenleving. Grootste struikelblokken bij integratie vormen het gebrek aan kennis van de Nederlandse taal en de grote culturele verschillen tussen Chinezen en Nederlanders. Dat zijn ook de voornaamste redenen waarom Chinezen nauwelijks gebruik maken van Nederlandse (zorg-)voorzieningen.

Over en weer is er onbegrip en het gebrek aan in het Chinees vertaalde overheidsinformatie is fnuikend. De kans dat de eerste generatie Chinezen ooit nog Nederlands leert, achten de onderzoekers laag. Tachtig procent van de Chinese beroepsbevolking (vooral oudere Chinezen; de tweede generatie volgt veel vaker onderwijs) werkt in de horeca. Een vijfde deel daarvan heeft een eigen zaak.

Maar juist de horeca heeft steeds meer problemen, met name veroorzaakt door toenemende onderlinge concurrentie, maar ook concurrentie van andere buitenlandse eethuizen en een nijpend gebrek aan personeel. Door de vaak zeer slechte arbeidsomstandigheden in de Chinese restaurants voelen nog maar weinig Chinezen van de tweede generatie voor een baan in de horeca. Zesdaagse werkweken van zestig tot zeventig uur zijn eerder regel dan uitzondering.

De Chinese organisaties die aan het ISEO-onderzoek meewerkten, vinden dat de Chinezen dringend in het integratiebeleid minderheden moeten worden opgenomen. Chinezen zouden dan net als andere minderheidsgroepen een stem krijgen in het inspraakorgaan minderheden van de overheid, er zouden subsidies aangevraagd kunnen worden voor taalcursussen en wat heel belangrijk wordt gevonden: dan kan overheidsinformatie niet alleen in het Turks en Arabisch, maar ook in het Chinees worden vertaald waardoor de Chinezen beter op de hoogte raken van de mogelijkheden die de Nederlandse maatschappij hun te bieden heeft.

Het onderzoek van ISEO (verbonden aan de Rotterdamse Erasmus-universiteit) werd uitgevoerd in opdracht van de ministeries van VWS en binnenlandse zaken. Uit de conclusies moet een advies voor de Tweede Kamer worden geformuleerd. Daarbij zal de vraag centraal staan of de Chinese gemeenschap in aanmerking komt voor opname in het integratiebeleid minderheden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden