Opinie

Veel van hetzelfde hiphop-gegoochel

José Montalvo en Dominique Hervieu, sinds kort de artistieke leiders van het Centre Choreographique National de Créteil et du Val de Marne (nabij Parijs), hebben al hun hoop op multiculturele dans gevestigd: hiphoppend tussen filmscherm en toneelvloer en opgejaagd door Rameau en Vivaldi moeten hun negen dansers in het Amsterdamse Muziektheater glimpsen van een 'Paradis' tevoorschijn toveren. Voor wie het wil zien ligt Gods hovenierkunst immers voor onze voeten, handen en ogen voor het oprapen.

Het blijkt aangenaam verpozen in de dadaïstische wereld van Montalvo en Hervieu, waar de smurf-dansers moeiteloos in en uit de acht stroken filmdoek stappen om met hun head- and backspins, windmills, smurfs en andere tracks te stunten. Toch wil hun energieke esperanto-oproep niet overtuigen. Als Gods acrobaten zwepen de vier jongens en vier vrouwen elkaar op, als tot in de puntjes verzorgde deelgenoten van een stoet op het scherm voorbijtrekkende circusklanten: een olifant schettert, een kameel schommelt, het Edison-hondje luistert braaf naar een trompettist en ook tijgers rennen voorbij... allen behoren tot dezelfde virtuele karavaan, waarin ook kindertjes de hemelsblauwe en schots geruite lappen van hun opa of oma overnemen.

Soms treden drie dansers uit die virtuele wereld naar voren om een flinke slok water te nemen, nodig voor een geestige gorgel-act, waarin ze elkaar als alternatieve vuurspuwers aftroeven; dan weer mogen de anderen beurtelings in de cirkel tussen filmdoek en zaal stappen om hun eigen hiphop-specialiteit ten beste te geven. Echt virtuoos zijn zij niet en in de Bronx of de townships van Zuid-Afrika zullen er velen zijn die om dit gedraaf en gespin gniffelen.

Hoeveel aandoenlijk plezier de dansers ook beleven, het blijft een uur lang veel van hetzelfde gegoochel tussen waan en werkelijkheid, dus tussen scherm en scène. Paradijs, maar ook Hel en Vagevuur blijven buiten beeld. In de stroom van vermakelijke kunstjes, die naar hartelust de oerstem der ledematen laten opborrelen en sudderen, wil maar geen muziektheatrale, laat staan dramatische vonk schieten. Daarvoor laten de acht artiesten elkaar te veel in hun gedribbel en gedraaf. In die jachtige magimix van oppervlakkige verbroedering is in elk geval geen plaats voor een individuele ontsporing die ook de anderen meesleept of overrompelt. Anders gezegd: nergens een angst of afgunst verwekkende afgrond te bekennen en evenmin een driesprong, die de van links naar rechts trekkende dwergen voor een dilemma plaatst.

De enige dramatische verwijzing die van het Paradijs op het projectiescherm een Inferno op aarde maakt, wordt gevormd door twee kolossale grijze voeten waarmee een denkbeeldige reus over het gekrioel heen op het filmscherm voorbij banjert. Om niet onder zijn laarzen verpletterd te worden moeten de dansers alert en bijtijds wegspringen. Dat lukt ze allemaal even aardig. Een aantal jongeren in de zaal reageerde met gepast enthousiasme op de headspin, waarmee aan deze danse macabre een nogal abrupt puntje wordt gezogen. Maar er waren er meer die teleurgesteld afdropen. Was dat nou alles?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden