Veel kunst raakt de samenleving wel degelijk

Zeker anderhalve maand heb ik er over gedaan om het boek uit te lezen. Niet omdat ik zo langzaam lees, maar omdat steeds als ik een páár pagina's op weg was, ik me alweer zó boos had gemaakt en de kantlijn zo vol had geschreven met opmerkingen als 'onzin!' 'klopt niet!' 'speculatief!', dat ik het boek dan maar weer een paar dagen weglegde.

De schrijver, Hans den Hartog Jager, wordt over het algemeen serieus genomen als kunstcriticus. Hij schrijft voor NRC Handelsblad, heeft wat boeken op zijn naam staan en nog het een en ander aan kunstgerelateerde zaken. Niet de eerste de beste dus en dat maakte me nóg bozer. Want als serieus te nemen mensen onzin opschrijven en deze opgeschreven onzin zeer mogelijk serieus genomen gaat worden, is dat pas problematisch. Voor mij (als kunstenaar) en voor míjn sector: de kunstsector.

Want wat schrijft hij in zijn jongste boek 'Het streven'? (Nu ga ik zeer ongenuanceerd, excuses daarvoor, een compleet boek in een paar zinnen beschrijven wat natuurlijk niet kan, dus lees het vooral zelf en huiver of neem bij dezen van me aan dat het een opsomming van bullshit met een mooie kaft eromheen betreft.) Feitelijk stelt hij dat er in deze tijd twee soorten kunst zijn: normale kunst en geëngageerde kunst en bij die tweede vorm constateert hij een probleem. Namelijk dat de geëngageerde kunst de wereld wil veranderen, maar doordat er een hoge muur tussen de kunstsector en de maatschappij bestaat, lukt het de geëngageerde kunstenaar niet om daadwerkelijk invloed uit te oefenen op die maatschappij. Dit 'bewijst' hij door een aantal kunstenaars en kunstwerken op te sommen waarbij het (volgens hem) niet gelukt is om maatschappelijke of politieke veranderingen teweeg te brengen. (Dat is gelijk aan bewijzen dat alle mensen op de wereld blond zijn door twintig blonde mensen in een kamer te zetten en te zeggen 'kijk, ze zijn allemaal blond!')

Dat dit absurd is qua methode, lijkt me duidelijk. Dat het bovendien ook echt niet klopt, weet ik uit eigen ervaring als kunstenaar met als recentste voorbeeld mijn film 'Save our children' over oprakend fosfaat. Zes dagen na de filmpremière stond dit fosfaatprobleem voor het eerst op de agenda van de Tweede Kamer en intussen zijn er zelfs maatregelen genomen. (Wetenschappers probeerden dit al jaren, zonder resultaat). Een waarschijnlijk veel bekender klinkend voorbeeld, waar niemand onderuit kan, is het zwartepietendebat, aangezwengeld door kunstenaar Quinsy Gario. Ik bedoel, los van wat je verder van hem vindt (als kunstenaar) of aan welk kant van het debat je staat, dat er sprake is van maatschappelijke invloed valt absoluut niet te ontkennen.

Nu maak ik me er niet per definitie boos over als mensen dat niet zien, maar wél als een door veel mensen serieus genomen kunstcriticus in een boek gaat beweren dat de (geëngageerde) kunst er niet in slaagt haar werk naar behoren te doen en daarmee feitelijk zinloos is. Dat is namelijk niet alleen beledigend, maar ook makkelijk te gebruiken als argument tegen de waarde van kunst. En dat is, zeker in deze tijd, meer dan schadelijk.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden