Veel bidden tegen de wellust

Priesters werden gebrekkig voorgelicht over 'onkuisheid'. Dat moest haast wel fout gaan

"Hebt u uitstorting gehad? Heeft u natuur verloren laten gaan, heeft u 't tot het einde gedaan?" Zomaar wat vragen uit de biechtpraktijk van voorheen. Het betrof hier de zelfbevlekking, een van de doodzonden die zonder absolutie van de priester de toegang tot de hemel voor de gelovige sloot. Als de rooms-katholieke kerk ergens mee zat, dan wel met de angst voor het tot alle onzedelijkheid bekwame lichaam.

"Niet aankomen, dat wil Onze Lieve Heer niet. Als het lid stijf wordt, is dat een waarschuwing van Onze Lieve Heer." Dat was het advies aan pubers. Voor de rest van de beminde gelovigen gold in voorkomende gevallen van vergelijkbare beproeving: veel bidden en - kenmerkend voor de onnozelheid van de clerici in deze materie - vooral veel aan het kruis denken.

Met dergelijke en nog veel meer theologisch gecultiveerde adviezen werden jonge seminaristen - priesters in opleiding - voorbereid op hun verblijf tussen de gewone, dus tot zonde geneigde gelovigen die zij op het smalle pad moesten houden.

In zijn studie 'Onkuisheid' beschrijft historicus René Bastiaanse de leerstof voor vierdejaars grootseminaristen over lust, wellust en het seksueel functioneren van het lichaam.

Die stof was zeer uitgebreid. Dermate zelfs dat het de schijn heeft van traumatische overconcentratie op wat men zelf niet mag van de Heer, paus, bisschop en pastoor. Allerhande vormen van masturbatie, 'natuurlijke onkuisheid' (overspel tussen man en vrouw), 'kleine onkuisheid' (zwemmen, zonnebaden) en 'tegennatuurlijke onkuisheid' kwamen aan de orde. Er was vooral veel aandacht voor deze laatste doorgaans 'wraakroepende zonde', waaronder homoseksualiteit, zelfbevrediging, bestialiteit en andere perversiteiten vallen.

Het zesde en negende gebod - onkuisheid doen en aan onkuisheid denken - was een van de grootste obsessies van de katholieke kerk oude stijl, die in Nederland inmiddels zo goed als uitgestorven is. Het lichaam was tot alle kwaad geneigd, zo had de misantropische kerkvader Augustinus geleerd.

Bastiaanse beschrijft hoe de kerk heel lang vasthield aan deze middeleeuwse opvatting over seksualiteit. Pas in de jaren vijftig drong het tot de prelaten door dat niet alle seks buiten het huwelijk van de duivel kwam. "Probeer het eens vier dagen niet te doen", zo hielden ruimdenkende biechtvaders pubers voor. Eind jaren zestig, toen de kerk onder invloed van het Tweede Vaticaans Concilie wat vermenselijkte, werd ook het lichaam niet langer gezien als hoofdbron van zondigheid. Voor het eerst was een homoseksueel niet uitsluitend weerzinwekkend maar ook door God geschapen, en was onanie niet altijd een doodzonde.

Het boek van Bastiaanse is belangrijk omdat het uiterst inzichtelijk maakt hoe de kerk als emotioneel totalitair instituut functioneerde. Omwille van het zielsbehoud van de gelovige achtte zij zich tot alle bemoeienis en regelzucht inzake het lichaam gerechtvaardigd. "Bij vrouwen niet vragen om 'uitstorting', maar naar 'volkomen bevrediging': was u hevig bewogen, was u daardoor erg voldaan?" Zo leerden de aankomende priesters hun lompe, maar vanzelfsprekende moreel onderzoek te doen. Ze hadden als het ware een spiekblaadje in de biechtstoel liggen om de boetelingen te helpen het heel erge onder woorden te brengen, om ze vervolgens zichzelf weer in het gareel te laten bidden, na hun welwillende vergeving.

En passant leert het boek iets over de priesterstand zelf. Wie de handboeken en collegedictaten van vroeger leest, kan maar één conclusie trekken. We hebben hier van doen met een beangstigende instrumentele kijk op seksualiteit, vergelijkbaar met de blikvernauwing van sommige jongeren nu, die in het andere wezen vooral een lustobject zien.

De priesters waren doodsbenauwd voor de streken die het lichaam kon leveren. En dan waren ze ook nog eens volkomen verkeerd en eenzijdig voorgelicht. Zwaar geneurotiseerd, zoals Bastiaanse noteert. Je zou bijna zeggen: dat moest wel fout gaan.

René Bastiaanse: Onkuisheid. De Nederlandse biechtpraktijk 1900-1965. W Books, Zwolle; 303 blz. euro 22,95

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden