Vaste norm van 1 procent van bruto nationaal produkt moet kabinetten binden

De auteurs zijn leden van de ontwikkelingsorganisatie Inzet en voormalige ontwikkelingswerkers.

Topambtenaren verenigd in de Centraal economische commissie, pleitten onlangs voor verder gaande bezuinigingen, ook op ontwikkelingssamenwerking. Ook het CDA ziet mogelijkheden tot besparingen bij ontwikkelingshulp, zoals recentelijk bleek uit een notitie van Brinkman, eufemistisch Lente '93 genaamd.

Het regeerakkoord gaat nog uit van de norm van 1,5 procent van het netto nationaal inkomen voor ontwikkelingssamenwerking, maar de Tweede Kamer heeft deze norm inmiddels verlaten, zonder er een andere voor in de plaats te stellen. Eind 1992 nam de Kamer op initiatief van CDA en PvdA een motie aan om in deze kabinetsperiode niet verder te bezuinigen op de zuivere ontwikkelingshulp. In hoeverre de regering bereid is hieraan gevolg te geven zal op korte termijn blijken uit de Voorjaarsnota. Ontwikkelingshulp wordt geen kabinetscrisis waard geacht en de afwezigheid van een vakbond van de armen maakt het gemakkelijk om opvattingen vanuit de achterban van CDA en PvdA naast zich neer te leggen.

Met het oog op bovengenoemde bezuinigingsvoorstellen bepleiten wij het instellen van een nationale coalitie voor ontwikkelingshulp. Doel van deze coalitie, waarbij organisaties en individuen zich zouden kunnen aansluiten, is van de regering te verlangen minstens 1 procent van ons bruto nationaal produkt aan zuivere ontwikkelingshulp te besteden.

De economische problemen in Nederland zijn niet te vergelijken met die in de ontwikkelingslanden. Onze economische crisis mag dan ook niet ten koste van de ontwikkelingslanden worden bestreden.

Ongetwijfeld zijn de motieven om te bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking mede ingegeven door de crisis waarin deze zelf verkeert. Wij vrezen niet alleen dat het debat over de kwaliteit van de hulp heeft geleid tot aanslagen op het ontwikkelingsbudget, maar ook dat de noodzaak tot bezuinigen heeft geleid tot het verscherpen van de kritiek op de kwaliteit.

Wij zijn niet tegen het ter discussie stellen van de kwaliteit van de hulp. Integendeel, het is noodzakelijk zich voortdurend te bezinnen op de resultaten van ontwikkelingssamenwerking. Ook de vraag of de middelen het meest doelmatig aangewend zijn, is daarbij van belang.

Milieubeleid

Afspraken voor een mondiaal milieubeleid kosten extra geld. Het is verleidelijk om ook daarvoor een greep te doen uit de kas voor ontwikkelingssamenwerking. Wij zijn niet tegen het integreren van maatregelen ter verbetering of handhaving van het milieu in de ontwikkelingssamenwerking als zodanig, maar wij menen dat die samenwerking niet ten koste van de zuivere ontwikkelingshulp mag gaan. Het gebruik van ontwikkelingsgelden voor zogenaamde oneigenlijke doeleinden (zoals de kosten voor opvang van asielzoekers) heeft in Nederland toch al een veel te grote vlucht genomen.

Ook wij vinden handel belangrijker dan hulp, maar wij menen, zeker zo lang de internationale handelsstructuren ongunstiger uitwerken voor de Derde wereld dan voor de geindustrialiseerde landen, dat voor hulp toch een belangrijke plaats is weggelegd.

Wij doen een oproep tot herwaardering van de hulpinspanning. Objectief gezien is er geen reden tot het verminderen van de ontwikkelingshulp. Het ontwikkelingsproces in de Derde wereld is nog lang niet voltooid. Er vindt nog steeds een grotere kapitaalstroom vandaar naar het geindustrialiseerde Westen plaats dan omgekeerd. Mede omdat Oost-Europa geen hulp meer geeft aan andere landen en zelf veel hulp nodig heeft, is de behoefte aan hulp wereldwijd toegenomen. Het is dan ook niet logisch om als rijk land de hulpnorm van de afgelopen jaren los te laten.

Als vaststaat dat de instrumenten van ontwikkelingssamenwerking veelal hebben gefaald, moet naar nieuwe instrumenten worden gezocht. Het plan contracten voor duurzame ontwikkeling met Benin, Bhoetan en Costa Rica af te sluiten is daar een voorbeeld van. Dit soort contracten zou kunnen bijdragen aan een gelijkwaardigere ontwikkelingsrelatie tussen donor en ontvangend land, en vormt daardoor een veelbelovend experiment.

De argumenten voor ontwikkelingssamenwerking zijn onverminderd van kracht. Internationale solidariteit, of die nu christelijk dan wel socialistisch genspireerd is, blijft ons inziens geboden.

Ook vanwege de internationale stabiliteit blijft ontwikkelingshulp zeer gewenst en noodzakelijk. Daarbij moeten we onderscheid maken tussen vormen van vredeshandhaving en hulp ten behoeve van ontwikkeling. De eerste zijn vaak een voorwaarde voor de mogelijkheid om een ontwikkelingsproces te starten, maar mogen er niet mee verward worden, met andere woorden: het dient hier om andere fondsen te gaan dan om die van de ontwikkelingsbegroting.

Als Nederland bij wil dragen aan een beter milieu, hetgeen uit direct eigenbelang geboden is, is invoering van de zogenaamde ecotax wenselijk. De opbrengst daarvan zou beschikbaar moeten komen voor investeringen in ontwikkelingslanden. Op de vorige week gehouden conferentie van de Evert Vermeer Stichting claimde de vertegenwoordigster van een Indiase organisatie het recht van India op vergoedingen, omdat Nederland relatief een veel te groot beslag legt op de wereldwijd aanwezige natuurlijke hulpbronnen.

Helaas hoort men de laatste tijd niet meer zoveel over het PvdAplan om 1 procent van het BNP voor ontwikkelingssamenwerking plus 1 procent voor milieu en vredesoperaties beschikbaar te stellen.

Nu de politieke partijen zijn begonnen met het voorbereiden van hun partijprogramma voor de komende verkiezingen, is een coalitie voor ontwikkelingssamenwerking hoog nodig. Niet alleen uit ideele overwegingen, maar ook in ons aller eigenbelang (hoe lang zullen we erin slagen economische vluchtelingen de toegang tot Europa te beletten?) dient minstens 1 procent van ons bruto nationaal produkt aan zuivere ontwikkelingshulp besteed te worden.

Zonder norm zal het voor ieder kabinet verleidelijk worden op de, vooralsnog, zwijgende meerderheid van armen te bezuinigen. Wij hopen dat meer mensen hun stem zullen verheffen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden