Vaste baan lijkt een statussymbool te worden

Werk in dienstverband met ruim 10 procent afgenomen sinds de crisis. 'Vaste kracht blijft belangrijk.'

Februari 2008. 'Het statussymbool van Wall Street: een vaste baan', kopt de Amerikaanse New York Post. Een paar maanden eerder is bekendgemaakt dat er 150.000 banen verdwijnen in de financiële sector. En dat aantal zal in 2008 alleen nog maar toenemen, schrijft journalist Sheila Mullan.

De kredietcrisis is op dat moment al maanden aan de gang in de Verenigde Staten, maar nog niet voelbaar in Nederland. Maar dat ook hier de flexibiliteit drastisch is toegenomen, weten we al enige tijd. De cijfers van het CBS tonen het vandaag wederom: 40 procent van de in 2007 aangetreden oproep-, uitzend- en tijdelijke krachten deed er één tot vijf jaar over om een vast contract te bemachtigen. Dat ging voor de crisis veel sneller, vermoedt hoofdeconoom Peter van Mulligen van het CBS. "Exacte cijfers hebben we niet, maar het aantal vacatures zegt al veel. In 2008 was er op elke werkloze een vacature. In 2013 waren er op elke vacature zeven werklozen."

Een ander duidelijke verandering na de crisis: het aantal vaste banen slinkt al jaren gestaag. Van 5,6 miljoen in 2008 naar 5 miljoen vorig jaar. Een daling van ruim 10 procent. In het derde kwartaal van 2015 daalde het aantal zelfs tot onder de vijf miljoen, het voorlopige dieptepunt. Dat werpt de vraag op: is de vaste baan in Nederland inmiddels ook een statussymbool?

Een drukke (vaste) baan was tijdens de crisis van de jaren tachtig al een statussymbool, zegt bijzonder hoogleraar arbeidsverhoudingen Paul de Beer van de Universiteit van Amsterdam. Hij schreef er in 2001 over in zijn proefschrift. Dat is nu niet heel veel anders. "Maar soms is een vaste baan ook gewoon noodzaak. Om het gezin te onderhouden of meer zekerheid te hebben. Alleen een groep zelfstandigen kiest er bewust voor niet in vaste dienst te treden."

Vooral voor jongeren is een vaste baan iets bijzonders, ziet De Beer. Ze gaan er absoluut niet meer vanuit dat ze er een krijgen; anders dan tien jaar geleden is een vast dienstverband voor hen geen vanzelfsprekendheid.

Of de vaste baan geheel zal uitsterven, betwijfelt De Beer. Bewijs van de toename van flexibiliteit ziet hij namelijk niet. Er komen weliswaar meer flexibele contracten bij, maar dat betekent niet dat de werkgever meer behoefte heeft aan flexibele medewerkers, zegt De Beer. "Via die flexibele contracten proberen werkgevers risico's af te wentelen. Maar ze zien de voordelen van een vaste medewerker nog steeds: ze bouwen specifieke kennis op en zijn belangrijk voor het productieproces"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden