Varens bekijken op het Stenen Hoofd

Van het Amsterdamse Centraalstation in westelijke richting lopend over de De Ruyterkade kom je op de Westerdoksdijk. Van de dijk takt het Stenen Hoofd af. De kade, die in het IJ steekt, werd in 1907 door de Holland-Amerikalijn in gebruik genomen. Van het Stenen Hoofd vertrokken honderden emigranten om aan de overkant van de oceaan hun geluk te beproeven.

Het Stenen Hoofd is nu een onbekend deel van de Amsterdamse haven. Bij botanici staat de kade bekend om haar bijzondere muurvegetaties. Tussen de basaltblokken van de kademuren groeien veel varens: zwartsteel-, steenbreekvaren, tongvaren, muurvaren, gewone en brede eikvaren, smalle stekelvaren, mannetjesvaren, wijfjesvaren en als bijzonderste van allemaal de schubvaren.

Nu zijn bijna alle muurplanten uitgebloeid, maar de varens blijven groen tot diep in de winter. De beroemde groeiplaats van de schubvaren is aan het eind van de kade. In 1987 werd daar een exemplaar ontdekt. Florist Ton Denters voert er het monitorprogramma muurplanten uit, waarbij hij vooral de schubvarens nauwkeurig in de gaten houdt. Hij vertelt dat het aantal schubvarens inmiddels de honderd is gepasseerd. Kortgeleden is zelfs een nieuwe vestigingsplek gevonden op het Stenen Hoofd, dat inmiddels de belangrijkste groeiplaats is van schubvarens in ons land.

Meer in Engeland

Ik ken de schubvaren vooral van Zuid-Engeland, waar hij op elke oude stenen veldmuur groeit. En daar zijn wat veldmuren! Meestal staat hij daar in het gezelschap van tongvarens, muurvarens en steenbreekvarens.

In Nederland is de schubvaren altijd een zeer bedreigde en zeldzame soort geweest. Buiten Amsterdam zijn er nog maar drie plekken waar deze varen met zijn geschulpte bladeren zich blijvend gevestigd heeft. In 1948 werd hij aangetroffen in het Zuid-Limburgse Eckelrade, waar hij nog steeds te vinden is. Ook heeft hij zich blijvend gevestigd in Nijmegen en nog niet lang geleden in Den Haag. Af en toe zijn er meldingen van andere muren, maar die betreffen doorgaans een enkel exemplaar, dat het maar korte tijd uithoudt.

De overige varens mogen er ook wezen. De steenbreekvaren groeit tegenwoordig op veel Amsterdamse muren, vaak in de ramzone van sluizen, waar geschutte schepen soms in aanvaring komen met de walkant. De plant bestaat uit een polletje paardenhaarachtige zwarte stengels met rijen ronde groene blaadjes langs de zwarte bladspil.

Nauw verwant is de muurvaren, een piepklein varentje dat ook in polletjes groeit, met groene bladstelen, die fijn verdeeld blad dragen met driehoekige bladsegmenten. De veel zeldzamere zwartsteel lijkt op een grote muurvaren met grotendeels zwarte bladsteel en eironde bladsegmenten. De tongvaren heeft ongedeelde bladeren van wel een decimeter lang, ossetongvormig, met aan de onderkant aan weerszijden van de hoofdnerf een rij afstaande streepvormige sporangiënhoopjes.

Varens planten zich voort door middel van sporen, die in sporendoosjes worden gevormd. Die sporangiën zijn bij de streepvarens, waartoe schub-, steenbreek-, muur-, zwartsteel- en tongvaren behoren, gerangschikt in streepvormige hoopjes, die je nu nog kunt zien aan de onderkant van oudere bladeren.

Moeilijk onderscheid

De eikvarens hebben heel ander blad. Net diep ingesneden eikenloof, waar ze hun naam aan danken. Onder de bladslippen zitten rijen ronde sporangiënhoopjes. Stekel-, mannetjes- en wijfjesvaren zijn moeilijker uit elkaar te houden. Alle drie hebben ze driehoekige veren van meermalen gedeelde blaadjes. Varenkenners zien met één oogopslag verschillen in de veren, die van de stekelvaren het grofst, van de wijfjesvaren als kantwerk zo fijn zijn en die van de mannetjesvaren ertussenin. Het best zijn deze soorten te onderscheiden aan hun sporangiënhoopjes, maar dat moet je zelf gezien hebben, want dat is moeilijk uit te leggen.

Tussen de basaltblokken bloeit nog een enkele paardebloem, maar werkelijk opvallend is het bezemkruiskruid met een overvloed van goudgele bloemhoofdjes. Dat is een nieuweling, die thuishoort in Zuid-Afrika en in korte tijd heel West-Europa heeft veroverd. Deze composiet groeit met name langs spoorlijnen en op rivieroevers en wordt vooral verspreid met het spoor.

Op de waterlijn zijn oeverplanten ontkiemd. Daar groeien wolfspoot en koninginnenkruid. Uitgebloeid nu, net als de vlasbekjes en de bijvoet, die hogerop tussen de basaltblokken groeien. Boven op de kade was het massaal voorkomende kruipertje in juni al geel verdord. Een ander gras, het zeldzame plat beemdgras, is typerend voor muurbegroeiingen en ontbreekt ook hier niet.

Van nationaal belang

Alleen al vanwege het voorkomen van de schubvaren is het Stenen Hoofd van nationaal belang, vindt Denters. Ook van de overige muurplanten is die kade een van de rijkste groeiplaatsen in ons land. Denters: ,,De gemeente Amsterdam heeft meermalen toegezegd de muurvegetatie van het Stenen Hoofd in de plannen voor het Westerdokseiland te betrekken. Zelf heb ik de wens uitgesproken om het Stenen Hoofd te promoveren tot muurplantenreservaat. Het idee daarbij is bij een eventuele herinrichting of bij een andere vorm van in gebruik nemen de basaltkademuren ongemoeid te laten, maar wel voor het publiek zichtbaar te maken. Ik heb de suggestie gedaan op gepaste afstand voor de muur een steiger te plaatsen en er ook een informatiebord neer te zetten. Het beheer zou ik graag in handen zien van de Stichting Het Noord-Hollands Landschap.'

Bij het herstel van kademuren heeft de gemeente Amsterdam haar bijzondere muurvegetaties nooit ontzien; in steden als Utrecht en Maastricht springen ze veel behoedzamer met hun muurplanten om. In Utrecht bewaren ze bij restauraties stukken muur met planten en al en metselen ze later weer in. Als ik over Amsterdamse muurbegroeiingen schreef, werden die steevast binnen een week verwijderd, wat zelfs leidde tot vragen in de gemeenteraad. Ik hoop dat het tij is gekeerd voor de muurplanten van het Stenen Hoofd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden