InterviewLeah Henderson

Vanwaar toch al die klimaatscepsis? ‘Er is een pr-molen aan het werk’

Leah HendersonBeeld Reyer Boxem

Vanwaar toch dat wantrouwen jegens klimaatexperts? Volgens filosoof Leah Henderson wordt het informatie­kanaal tussen wetenschap en maatschappij hevig vervuild. Ze krijgt bijval van journalist Simon Rozendaal.

De meeste mensen vertrouwen de ­wetenschap probleemloos als het gaat om toepassingen in hun dagelijks leven. Ze stappen in een vliegtuig, maken geld over via hun telefoon en gebruiken medicijnen die de huisarts hen voorschrijft. Waarom zijn sommigen dan toch zo wantrouwend als het over klimaatwetenschap gaat? Wat is er zo bijzonder aan dat vakgebied? Dat vraagt de van oorsprong Nieuw-Zeelandse filosoof Leah Henderson, universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen, zich af.

Het aantal mensen dat sceptisch is over de conclusies van klimaatexperts is niet gering. Uit een recent onderzoek van het programma ‘EenVandaag’ onder ruim 27 duizend ondervraagden bleek dat 36 procent niet gelooft in uitspraken van klimaatwetenschappers. Ze aanvaarden niet dat volgens wetenschappers van het invloedrijke wetenschapspanel IPCC – dat duizenden onderzoeksresultaten bundelt en evalueert – koolstofdioxide (CO2) de belangrijkste factor is voor de opwarming van de aarde.

Jonge discipline

Henderson denkt dat er wetenschappelijk gezien niets is wat de klimaatwetenschap van andere wetenschappen onderscheidt. Voor een onderzoeksproject, dat bijna ten einde is, bestudeerde ze hoe klimaatwetenschappers informatie verzamelen om wetenschappelijke conclusies te trekken. Wat bleek? Ze maken gebruik van dezelfde soort technieken als andere vakgebieden. Niets bijzonders dus. “Ik zie geen bijzondere reden om extra sceptisch te zijn”, zegt Henderson vanuit haar kantoor in de binnenstad van Groningen. Het grote raam in haar kantoor kijkt uit over de daken, waar her en der een pluimpje rook uit kringelt.

Volgens Simon Rozendaal, columnist en voorheen wetenschapsjournalist bij Elsevier en NRC Handelsblad, heeft de klimaatwetenschap een slechte naam omdat het nog een jonge discipline is. “De klimaatwetenschap is in de afgelopen decennia een stuk volwassener geworden. De wetenschappers hebben meer grip op de factoren die klimaatverandering veroorzaken en de mensen die in het vakgebied werken zijn inmiddels ook veel deskundiger.”

We moeten er voor waken alle klimaatsceptici op één hoop te gooien, benadrukt Henderson. Ze verschillen in mening over de vraag of klimaatverandering bestaat, hoe snel de opwarming gaat en de mate van invloed van de mens op klimaatverandering.

Warmterecords

Voor wetenschapsjournalist Rozendaal ligt het ook genuanceerd. Hij wil zichzelf geen voormalig scepticus noemen, maar verklaart wel dat hij de afgelopen tijd tot voortschrijdend inzicht is gekomen. “Dertig jaar geleden interviewde ik een aantal wetenschappers die je klimaatsceptici zou kunnen noemen. Politici overdrijven het verhaal, zeiden zij. Door die interviews ben ik toen beïnvloed.”

Waar Rozendaal vroeger dacht dat de opwarming van de aarde ook door andere factoren verklaard zou kunnen worden – de activiteit van de zon, bijvoorbeeld – is hij langzaam maar zeker opgeschoven naar de andere kant. “Als je uitgaat van de invloed van zonnecycli zou er tien jaar geleden een afkoeling moeten zijn geweest. Die is niet gekomen. Je ziet dat de opwarming toch doorzet.” Ook andere factoren, zoals de vele warmterecords die de laatste jaren worden gebroken, en een afwezigheid van kouderecords, overtuigden Rozendaal ervan dat “de aarde zo goed als zeker opwarmt, en dat het zo goed als zeker voor een groot gedeelte door onszelf komt”.

Henderson heeft nog een andere verklaring voor de scepsis over opwarming van de aarde. “Het informatie­kanaal tussen wetenschappers en de maatschappij wordt hevig vervuild.”

Die vervuiling is deels moedwillig veroorzaakt, zegt Henderson. “Bepaalde groepen en instanties hebben er belang bij het publiek te misleiden over deze kwesties.” Vorige week nog kwam door onderzoek van Follow the Money, de Volkskrant en Platform Authentieke Journalistiek aan het licht dat onder andere Shell, NAM en AkzoNobel klimaatscepticus Frits Böttcher in de jaren negentig financieel hebben gesteund.

“De fossiele-brandstofindustrie wil natuurlijk graag de status quo behouden. Sommige groepen, gelieerd aan die industrie, proberen bijvoorbeeld legitieme informatiebronnen na te doen.” Dan maakt de industrie een rapport onder de vlag van het NIPCC (Nongovernmental International Panel on Climate Change) dat precies lijkt op het rapport van het IPCC (het Intergovernmental Panel on Climate Change) aldus Henderson. Er is een hele pr-molen aan het werk om twijfel te zaaien over wetenschappelijke bevindingen, dus het is niet heel gek dat het ook effect heeft, zegt ze.

Informatieverzuiling

“Als je de stemmen die twijfel uiten over klimaatverandering versterkt en steeds weer herhaalt, ook wanneer de kritiek allang beantwoord is door de wetenschap, dan verontreinig en vervorm je de boodschap van wetenschappers aan de maatschappij.”

Een andere factor die volgens Henderson bijdraagt aan de informatievervuiling zijn de media. “Ik denk dat de media een grote verantwoordelijkheid hebben om het publiek juist te informeren over de betrouwbaarheid van de bronnen die ze gebruiken. En ze moeten heel goed oppassen dat ze hun boodschap niet verkeerd brengen. Het mag niet zo lijken dat je onder klimaatexperts twee gebalanceerde meningen hebt: wel of geen opwarming.

“Natuurlijk is het verleidelijk voor de media om controversiële stemmen te laten horen, om daar aandacht mee te trekken. Maar als journalist moet je goed nadenken: hoe kan ik het nieuws zo brengen dat ik de kanalen niet verontreinig met misleidende informatie?”

Rozendaal is het met haar eens. “Wij journalisten moeten sceptisch zijn. We mogen mensen niet op hun blauwe ogen geloven. Zelfs bij wetenschappers moeten we ons afvragen: is dit echt waar?” Maar de meeste kwaliteitskranten bewaren al een redelijk goed evenwicht tussen de geluiden van klimaatexperts en sceptische geluiden, zegt hij.

Tunnelvisie

Twijfelaars kunnen natuurlijk ook in een tunnelvisie terechtkomen door hun informatie vooral op sociale media en schimmige websites te halen. Door drogredenen van klimaatsceptische websites wordt de overdracht van ­wetenschappelijke kennis bemoeilijkt. De Nederlandse ‘klimaatwaakhond’ Clintel, bijvoorbeeld, komt aan met argumenten als ‘CO2 is goed voor de bomen, dus kan het geen nadelige invloed hebben op het klimaat’ en ‘het klimaat op aarde heeft altijd al warmere en koudere periodes gekend’.

Henderson: “Sceptici kunnen argumenten naar voren brengen die makkelijk te begrijpen zijn en plausibel klinken. Het kan best correct zijn dat CO2 goed is voor planten, maar dat is niet relevant als je het hebt over het klimaat. Soms is de wetenschap nu eenmaal niet zo intuïtief. Dat maakt het nog moeilijker om te bedenken of wat er in de kranten staat juist is of niet.”

Het klinkt al snel plausibel als een wetenschapper een claim maakt over het klimaat, zegt Henderson. Maar het is goed jezelf af te vragen: is deze wetenschapper ook een expert op dit gebied? Journalistiek platform Pointer onthulde deze week dat Clintel geld van oliebedrijven gebruikt om twijfel te zaaien over klimaatverandering. Honderden wetenschappers hebben het manifest van Clintel ondertekend, maar zijn geen van allen klimaatwetenschapper. Ze misbruiken daarmee hun titel om geloofwaardigheid te veinzen, zegt klimaatadviseur Jan Paul van Soest tegen Pointer.

Voor Rozendaal kan een nuchtere en rationele blik helpen als we overdreven scepsis – én overdreven klimaathysterie – willen voorkomen. “Dan kunnen gevestigde foutieve ideeën aan het wankelen worden gebracht.”

Volgens Henderson hebben mensen ook een te ideaal beeld van wetenschap. Honderd procent zekerheid heb je alleen in de wiskunde, zegt ze. Het is niet realistisch wiskundige zekerheid te vragen als het gaat om kennis in bijvoorbeeld de klimaatwetenschap, zegt Henderson.

“Het zou stom zijn die kennis overboord te gooien, want het zijn de beste pogingen die we kunnen doen.”

Correctie 3-3: Het onderzoek waaruit bleek dat onder andere Shell, NAM en AkzoNobel klimaatscepticus Frits Böttcher in de jaren negentig financieel hebben gesteund, werd uitgevoerd door Follow the Money, de Volkskrant en Platform Authentieke Journalistiek. Niet door NRC zoals in een eerdere versie van dit stuk te lezen was.

Lees ook:

Shell, KLM en ING financierden klimaatscepticus Böttcher

Multinationals doneerden in de jaren negentig zeker één miljoen gulden aan klimaatscepticus Frits Böttcher. Dat blijkt uit zijn nagelaten archief.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden