Vanwaar de extreme aandacht voor voedsel?

'Stilleven met vergulde bokaal', Willem Claesz. Heda, 1635.

In het Theologisch Elftal analyseren twee theologen een actuele kwestie. Dit keer: Peter Nissen en Erik Borgman over onze obsessie met Michelinsterren, slowfood en vergeten groenten. Vanwaar deze extreme aandacht voor voedsel?

Eten. Eén van de meest alledaagse en noodzakelijke dingen in het leven. Je stopt voedzame dingen in je mond. Maar wat hebben we er een hysterisch onderwerp van gemaakt. Eten lijkt een obsessie voor ons te zijn geworden. Afgelopen maandag beleefden we de jaarlijkse hoogmis van de haute cuisine: het uitdelen van de Michelinsterren.

Je hoeft verder maar een krant op te slaan of een tv aan te zetten, of je ziet onze eetobsessie: slowfood, topchefs, 'mooie gerechten', een 'goede garing', vergeten groenten, de hype van de superfoods. Elftalspeler Peter Nissen herinnert zich dat melk en brood ooit als gezond werden aangeprezen. Nu zijn het ineens boosdoeners in ons gedegenereerde westerse dieet. En o ja: 'vlees is kankerverwekkend'. Wat bezielt ons?

Erik Borgman, hoogleraar publieke theologie aan Tilburg University, kan niet anders dan nuchter en luchthartig reageren. "Kijk, we moeten toch ergens aan doodgaan. Dat is onvermijdelijk. Maar als dus blijkt dat je ziek bent geworden door eigen schuld, doordat je ongezond hebt gegeten, dan is dat tegenwoordig dubbel zo erg. We hebben een diepe angst voor verkeerd voedsel. We hebben risicomijding tot in het absurde doorgetrokken. Zoals die ouders die hun kinderen niet meer vrij durven te laten spelen omdat er een kans bestaat dat het zich bezeert.

"Als je je leven inricht op het vermijden van risico's, dan worden ze vervolgens juist allesbepalend en nemen de macht over. Natuurlijk is het belangrijk om gezond te eten. Maar de nadruk die er tegenwoordig op wordt gelegd is een soort reinheidsfanatisme, een verlangen naar zuiverheid dat zelf weer iets ongezonds heeft."

Enorme preoccupatie
Ook Peter Nissen, hoogleraar spiritualiteitsstudies aan de Radboud Universiteit Nijmegen en remonstrants predikant in Oosterbeek, verbaast zich regelmatig over 'onze enorme preoccupatie met gezond, goed en verantwoord eten'. Volgens hem is het onderdeel van een breder fenomeen.

"We zoeken compensatie nu de morele codes van de klassieke religies zijn weggevallen. We willen richtlijnen over hoe we goed moeten leven. Het liefst van tv-koks die ze met gezag aan ons opleggen. Bijna panisch verlangen we naar regels: hoe we goed moeten eten, dat we veel aan beweging moeten doen. Het is opmerkelijk hoe ontvankelijk we zijn voor stemmen die ons met gezag opleggen hoe we moeten leven. Denk maar aan de overheidscampagne tegen roken. Die is ontzettend effectief geweest.

Op deze manier compenseren we de religie en ook de autoriteit die ons ontvallen is. Je hebt zelfs tv-zenders waar de hele dag kookprogramma's op zijn. Het is een nieuwe cultus geworden. Ik vind het dan ook interessant om op te merken dat veel bijvoeglijke naamwoorden die we bij eten gebruiken een religieuze lading hebben: eten is 'zalig', 'hemels' of zelfs 'goddelijk'. Dezelfde woorden gebruiken we bij slapen en bij seks. Zonder die dingen zouden we ophouden te bestaan. Ze gaan over levenskracht en vitaliteit. Het zijn de vitale basisbehoeften die blijkbaar het besef oproepen dat ze heilig zijn."

Erik Borgman: 'Ik hou er ook helemaal niet van als ik hoor zeggen dat je met Kerstmis maar gewoon boerenkool moet eten.' Beeld thinkstock

Te streng?
Zowel Borgman als Nissen vergelijkt onze hedendaagse focus op gezond en lekker eten met de bijbelse 'reinheidswetten' en ze sluiten zich aan bij de relativering die met name Paulus daarbij maakt: 'leg jezelf niet opnieuw een juk op'. Zijn we te streng voor onszelf?

Borgman: "Ik associeer het vooral met angst. Het is dezelfde obsessie met onrein eten die de apostel Paulus relativeert. De angst dat als je slecht eten binnen laat komen, je ermee besmet raakt. Dat het kwaad dan de baas over je wordt. Daarvan zegt het christendom: Zo is het niet. Wees niet bang. Het kwaad is al verslagen en in principe is alles rein.

"Ik pleit er dus niet voor om maar ongezond te gaan leven, maar de focus op gezondheid kan tot een nieuwe, vreemde moraliteit leiden. Ik heb weleens gezegd: Het is een ketterij om te denken dat ons lichaam net zo strak moet worden ingeleverd als we het gekregen hebben. Leven laat nou eenmaal z'n littekens achter, je slijt aan het bestaan.

"Maar tegenwoordig mógen we bijna niet meer ongezond zijn. In onze moderniteit willen we alles graag beheersen. Tegelijk zijn we kwistig met het stellen van de schuldvraag. Mensen die te dik zijn of die roken worden daar keihard op afgerekend. Daarvan zeg ik: maar zo denkt Onze Lieve Heer daar niet over. We zijn allemaal aangeraakt door de dubbelzinnigheid van het leven.

Dubbelzinnigen en zuiveren
Nissen: "Nee, ik zeg niet dat dronken worden of roken deugden zijn. Sommige dingen moeten we eigenlijk niet doen, maar ja, we hebben allemaal zo onze zwakheden. Hou in de gaten dat jij hoe dan ook bij de 'dubbelzinnigen' hoort en nooit bij de 'zuiveren'. We leven niet van verstandigheid."

Nissen: "In vergelijking met de morele codes van pakweg vijftig jaar geleden valt natuurlijk met name de gerichtheid op het lichaam op. Vroeger ging het over meer geestelijke idealen en waarden, nu over lichamelijke. Zoals de schrijver Kees Fens het fraai zei: 'De hemel is naar beneden gekomen en ligt om ons heen, in scherven op de aarde'.

"Ik vind de aandacht voor het lichamelijke een belangrijke correctie op de exclusieve focus op het geestelijke. Als vroeger iets lekker was, was het genot en dus verdacht. Je kunt die zin van Fens koppelen aan de incarnatie, dat de hemel dus letterlijk z'n intrek heeft genomen 'in het vlees'.

"Maar onze gerichtheid op het lichaam draagt wel opnieuw het risico van eenzijdigheid in zich. Je moet het lichaam niet gaan losmaken van het transcendente. En ook nu draait het blijkbaar nog steeds om beheersing. Ik denk aan al die mensen die ik op zondagochtend zie joggen, terwijl ik naar de kerk fiets. Die zichzelf in kleurrijke pakjes lopen te pijnigen. Het zijn de welbekende ascetische praktijken waarmee het lichaam gedisciplineerd moet worden."

Geen boerenkool
Niet toevallig zijn zowel Borgman als Nissen allebei van katholieke huize. Beiden pleiten voor een anti-ascetische, of zeg maar 'een theologisch-Bourgondische insteek'.

Borgman: "Inderdaad, het is goed om zorg aan je eten te besteden. In Nijmegen is een actie om samen met de asielzoekers uit Heumersoord te koken en te eten: prachtig. Ik hou er ook helemaal niet van als ik hoor zeggen dat je met Kerstmis maar gewoon boerenkool moet eten. Als er wat te vieren valt, moet je vooral een goeie fles wijn opentrekken."

Nissen: "Eten heeft te maken met vitaliteit, met het geheim van het leven. Ook al variëren de voedselvoorschriften tussen de verschillende religies sterk, toch zie ik er deze gemene deler in: dat eten niet vanzelfsprekend is. De regels en de rituelen eromheen vormen een onderbreking van de vanzelfsprekendheid. De zorg waarmee eten bereid wordt, getuigt van een spirituele praktijk. Of dat je, voor je op de maaltijd aanvalt, even samen stil bent, aandacht hebt voor het feit dat je te eten hebt en er samen van gaat genieten."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden