Vanuit de modder naar de mondiale top

Drie Serviërs behoren tot de absolute top van het mondiale tennis. „Als professionele sporters zijn wij de beste ambassadeurs van ons land.”

Servië ontwikkelt zich in snel tempo tot gerespecteerde tennisnatie. Gelet op het recente verleden van het land mag dat een klein wonder heten. Nog geen decennium geleden was Servië een van de brandhaarden in de Balkanoorlog en in 1999 lag het land nog letterlijk onder vuur van de Navo.

Gedurende die donkere periode had het bedrijven van sport niet de hoogste prioriteit, zeker niet als het ging om tennis, toch een elitaire bezigheid. Sportieve ambities werden in de knop gebroken en toch ontkiemde er tussen de brokstukken van het sinds vorig jaar onafhankelijke land een aantal talenten. Drie jonge Serviërs maken nu deel uit van de toptien van het mondiale tennis.

Novak Djokovic (net 20) is de nummer zes van de wereld bij de mannen en Jelena Jankovic (21 en nummer vijf) en Ana Ivanovic (19 en nummer zeven) behoren tot de absolute top in het vrouwencircuit. De drie generatiegenoten maken in de eerste week van Roland Garros hun reputatie waar. Djokovic en Ivanovic bereikten gisteren de derde ronde, waarvoor Jankovic zich woensdag al had geplaatst. Zij speelt krijgt vandaag de eerste echte test met Venus Williams als tegenstandster.

In de moeilijke jaren van de oorlog ontvluchtten de drie talenten hun land. Djokovic nam de wijk naar Duitsland, Jankovic zocht haar toevlucht in de Verenigde Staten en Ivanovic zocht haar heil in Zwitserland. Vanuit die veilige havens probeerden zij het gewone (tennis)leven op te pikken, maar op televisie waren zij getuige van de verschrikkingen in hun geboorteland, waar hun familieleden waren achtergebleven.

Djokovic keerde na de oorlog terug naar zijn geboorteplaats Belgrado, terwijl Jankovic (Basel) en Ivanovic (Bradenton, Florida) in het buitenland bleven. Nooit overwogen zij een andere nationaliteit aan te nemen, hoewel de naam van Djokovic vorig jaar in verband werd gebracht met een ’vlucht’ naar Engeland. „Als professionele sporters zijn wij de beste ambassadeurs van ons land”, zei Ivanovic, die sinds kort wordt begeleid door de Nederlander Sven Groeneveld. „Zeker na alle ellende die achter ons ligt.”

Na de successen van Djokovic, Jankovic en Ivanovic groeide de populariteit van tennis. De Servische media besteden meer aandacht aan de sport en op straat worden de mondiale toppers herkend en aangesproken. „Privé moet je iets inleveren”, aldus Ivanovic, „maar dat heb ik er graag voor over. Onze sport zit in de lift, jonge kinderen gaan tennissen en er komen steeds betere faciliteiten. Op dit moment is de federatie druk doende met de aanstelling van coaches.”

Janko Tipsarevic (22) is de vierde Serviër die op Roland Garros in de derde ronde staat. Hij heeft nog niet de status van zijn landgenoten uit de toptien, maar de huidige nummer tachtig van de wereld beschikt over voldoende potentie om hogerop te komen. In Parijs maakte hij woensdag een einde van de illusies van Marat Safin, de Rus die er maar niet in slaagt zijn oude niveau te bereiken.

Evenals Djokovic woont Tipsarevic in Belgrado, waar ook hij ervaart dat het tennis zich een weg baant uit de anonimiteit. Het in aanbouw zijnde tenniscentrum, het groeiend aantal banen en het toenemende aantal beoefenaren zijn daarvan het bewijs. „We gaan de goede kant op, maar we komen uit het niets, letterlijk uit de modder”, zei Tipsarevic na zijn zege op Safin. „Milosevic vernietigde als president niet alleen ons land, maar ook onze sport. Niemand investeerde in tennis. Er was geen opleiding en de federatie kon niets voor de spelers doen.”

De erkenning groeit en er komen steeds betere faciliteiten, maar de omstandigheden zijn nog verre van ideaal, erkent Tipsarevic. Zo zijn er in heel Servië geen hardcourt banen en op die ondergrond wordt zeventig procent van de ATP-toernooien gespeeld. ,,Als ik me thuis wil voorbereiden op hardcourt toernooien in de Verenigde Staten heb ik een probleem. Er is geen baan en er zijn geen ballen die ik kan gebruiken.”

Maar de toekomst van de sport en de spelers ziet er veelbelovend uit. ,,Ik hoorde een paar dagen geleden dat we in september onze Davis Cupwedstrijd tegen Australië in een arena van 22.000 toeschouwers gaan spelen. Onvoorstelbaar, zeker als je bedenkt dat ik zes jaar geleden nummer één van Servië, maar wel de nummer zevenhonderd van de wereld was. Toen kon niemand vermoeden dat we nu drie tennissers in de toptien van de wereld zouden hebben.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden