Vanaf het begin vol gas geven

Eerstejaarsstudente aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam Josephine van der Hoeven: 'Je moet realistisch zijn: je bent één van de velen die gaan studeren en je vindt daarna niet zomaar een goede baan.' Beeld Arie Kievit
Eerstejaarsstudente aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam Josephine van der Hoeven: 'Je moet realistisch zijn: je bent één van de velen die gaan studeren en je vindt daarna niet zomaar een goede baan.'Beeld Arie Kievit

Verplichte studiekeuzebegeleiding, voorbereidingstrajecten, een studiepuntennorm. Wie nu gaat studeren, moet presteren. Is de druk echt zoveel hoger dan twintig jaar geleden? En is dat erg?

Afgelopen jaar liep het allemaal een beetje in de soep. Josephine van der Hoeven (18) ging na haar eindexamen criminologie studeren in Rotterdam. "Te overhaast", zegt ze achteraf. Ze kende de stad niet, had nog geen kamer, werd lid van een studentenvereniging en had te weinig discipline. Nou, dan wordt het dus niks, weet ze nu.

Dit jaar pakt ze het compleet anders aan: drie weken geleden stond ze al te springen om opnieuw aan de slag te gaan. Met zo'n tweehonderd aankomend studenten volgde ze op de Erasmus Universiteit vrijwillig een voorbereidend studieprogramma. Dat 'pre academic programme' duurt een week. Met behulp van colleges en opdrachten over studievaardigheden, innerlijke motivatie, discipline en faalangst, worden studenten in een week klaargestoomd voor de rest van hun studie. Het doel: succesvol beginnen met studeren.

"Je moet georganiseerd zijn en met overtuiging aan je studie beginnen", weet Josephine nu. "Je moet weten waarom je studeert, wat je drive is. Als je het niet met passie doet, hou je het niet vol."

'Vrijblijvendheid is er af'
Vandaag is de opening van het academisch jaar op de universiteiten. Om en nabij de 45.000 eerstejaarsstudenten beginnen aan een universitaire opleiding. Hun studietijd gaat er anders uitzien dan die van vorige generaties. "De vrijblijvendheid is er af", zegt Karl Dittrich, voorzitter van universiteitenvereniging VSNU.

Onder druk van minister Jet Bussemaker van onderwijs hebben hogescholen en universiteiten de regels de afgelopen jaren aangescherpt. Nog te veel studenten kiezen de verkeerde studie, stoppen vroegtijdig of doen er veel te lang over, vindt ze. En dat kost de samenleving onnodig veel geld en energie. Twee jaar geleden maakte ze afspraken met de onderwijsinstellingen over hoe zij hun 'rendement' gaan verbeteren. Lukt het niet, dan krijgen ze minder geld van de overheid.

En dus beperken universiteiten bijvoorbeeld het aantal herkansingen, bekorten de geldigheidstermijn van tentamencijfers en verhogen het aantal studiepunten dat in het eerste jaar gehaald moet worden. Was het eerst voldoende om de helft van de vakken te halen, nu is het op veel plekken gebruikelijk dat studenten driekwart - 45 van de 60 punten - halen. Wie daarin niet slaagt, moet na een jaar vertrekken.

null Beeld ANP XTRA
Beeld ANP XTRA

Wat is daarvan terug te zien in de cijfers? Op het eerste gezicht niet zoveel. Het Centraal Bureau voor de Statistiek houdt al decennia ruwe data bij over de totale studieduur. Volgens die cijfers staan studenten gemiddeld even lang ingeschreven als twintig jaar geleden: ongeveer zes jaar.

De universiteiten houden op een andere manier cijfers bij, onder meer vanwege de invoering van het 'bachelor-master-systeem' in 2002. Doctoraalstudies van - meestal - vier jaar werden 'opgeknipt' in een bacheloropleiding van drie jaar en een master van één of twee jaar. Gek genoeg kan de VSNU geen antwoord geven op de vraag hoelang een student er gemiddeld over doet voor hij zijn diploma op zak heeft.

De vereniging houdt wel andere cijfers bij, over de bacheloropleidingen. Die wijzen op voorzichtige vooruitgang. Van de studenten die in 2002 aan een bacheloropleiding begonnen, haalde slechts 21 procent zijn diploma binnen de drie jaar die ervoor staat. Nog eens 25 procent haalde het met een jaar vertraging, in vier jaar. De lichting die in 2009 begon, deed het wat dat betreft beter: na drie jaar had 27 procent het diploma op zak, na vier jaar zelfs 64 procent.

Maatschappelijk onverantwoord
Het was hoognodig dat studenten er wat meer vaart achter zetten, zegt Dittrich. "Het gaat eindelijk de goede kant op. Tot in de jaren negentig vonden we het volkomen normaal dat er zeven, acht of negen jaar gestudeerd werd. We vroegen toen misschien wel iets te weinig van studenten." Dittrich was destijds voorzitter van de Universiteit Maastricht. "Het was gebruikelijk om nieuwe studenten bij de opening van het academisch jaar te vertellen: kijk goed om u heen, de helft van u valt onderweg af. Dat was achteraf bezien maatschappelijk onverantwoord. Nu zien we dat als het vernielen van menselijk kapitaal."

Daarbij zal de manier waarop universiteiten door de overheid werden gefinancierd een rol hebben gespeeld: ze kregen geld op basis van het aantal ingeschreven studenten, niet voor het aantal dat een diploma haalde.

De toon waarop Dittrich de eerstejaarsstudenten van de TU Eindhoven vandaag aanspreekt tijdens de jaaropening is heel anders dan twintig jaar geleden. "Mijn boodschap is: grijp je kansen, maak bewuste keuzes. Studeren is een voorrecht. Werk aan jezelf! Elke ochtend brak zijn is niet verstandig. Met een beetje discipline kom je een heel eind." Hij wil ze niet bang maken, zegt hij. "Maar een beetje druk is niet ongezond. Ik probeer ze verantwoordelijk te maken."

Op de Erasmus Universiteit zijn ze wat eerstejaars betreft het strengst. Daar moeten studenten, zoals Josephine, in het eerste jaar tegenwoordig al hun vakken halen. Wel mogen ze onvoldoendes compenseren met een goed cijfer. 'Nominaal is Normaal', noemt de universiteit het.

'Inschrijven, meedoen en slagen'
"We willen dat eerstejaars vanaf het begin vol gas geven", vertelt Gerard Hogendoorn die op de universiteit verantwoordelijk is voor de aansluiting tussen vwo en universiteit. Hij is ook de bedenker van het 'pre academic programme'. "Ons mantra is: inschrijven, meedoen, slagen. Als je dat als student niet doet, heb je in mum van tijd een achterstand opgelopen." Josephine is het er roerend mee eens, al voelt ze de druk om te presteren. "Het is op zich natuurlijk heel normaal om je vakken gewoon te halen."

Hebben studenten in zo'n regime nog wel ruimte om zich op andere vlakken te ontplooien? Hogendoorn ziet het probleem niet: dat kan toch prima naast de studie? Dan pas neem je studenten serieus. "Wat is er mis met ambitie? De vraag is of rondhangen maatschappelijk verantwoord is als leeftijdsgenoten al aan het werk zijn."

Ook volgens Dittrich is er tijd zat. "Een week telt 168 uur. Als je er 40 studeert en 56 slaapt, blijft er nog 72 uur over. Dat vind ik niet onmenselijk." In die uren is er wat hem betreft ruimte voor bijbaantjes, verenigingswerk, borrels en hobby's. "Soms hoop ik dat ze elkaar wat opfokken, dat is goed voor de arbeidsmarkt en voor de overheid. Een beetje competitiedrang kan geen kwaad."

Daarbij verwachten universiteiten echt niet dat iedereen straks op zijn 22ste een masterdiploma op zak heeft, zegt Dittrich. Het is niet erg om eens een vak niet te halen, of een verkeerde keuze te maken. "Natuurlijk vergissen mensen zich wel eens of hebben ze liefdesverdriet. We verwachten echt niet dat studenten alles in één keer kunnen, gaan studeren is een hele omschakeling." Maar, zegt hij, houd je hoofd er wel bij. Trek aan de bel als je last hebt van faalangst of uitstelgedrag. "Er zijn voldoende hulptroepen om je bij te staan: studiebegeleiders, loopbaancoaches, studentenpsychologen. Het is geen falen als je daar gebruik van maakt. Je mag best advies inwinnen bij zulke belangrijke keuzes."

Uitglijder
Dat beaamt Josephine. Haar uitglijder kostte haar uiteindelijk een half jaar. En dan heeft ze geluk dat zij nog recht heeft op studiefinanciering (zie onderaan), ze heeft maar een beetje bijgeleend voor de huur van haar kamer en het collegegeld.

Als je net van school komt, is dat allemaal best moeilijk, zegt ze. "Je bent gewend dat je moeder alles wat je achter je laat vallen, oppakt en je beseft niet wat studeren kost. De eerste keer dat je zelf de wasmachine aanzet, denk je: huh, moet je ook betalen voor elektriciteit?"

Je moet snel de knop omzetten, zegt ze. "Je moet bedenken hoe je je als student onderscheidt. Je moet realistisch zijn: je bent één van de velen die gaan studeren en je vindt daarna niet zomaar een goede baan. Als je gaat solliciteren, moet je zorgen dat je eruit springt met je brief, cijfers of cv. Je moet 'shinen'."

Josephine is wat dat betreft een jaar ouder, wijzer en ambitieuzer. Ze heeft nu duidelijk plannen met haar studie criminologie: ze wil een stage doen en een tijdje naar het buitenland tijdens haar studie. Als het straks allemaal loopt, wil ze er wellicht een studie rechten naast doen. "Ik ga niet een beetje op mijn dooie gemak aanklooien."

Weer meer eerstejaars- studenten door afschaffen basisbeurs
Kiezen minder eindexamenleerlingen voor een tussenjaar vanwege de afschaffing van de basisbeurs in 2015? Daar lijkt het wel op.

Hoeveel eerstejaarsstudenten vandaag precies aan een opleiding beginnen, valt nog niet te zeggen. Pas op 1 oktober zijn er definitieve inschrijvingscijfers. Maar uit de vooraanmeldingscijfers valt wel iets af te leiden. Begin augustus hadden zich bijna 65.000 studenten gemeld, dat zijn er tweeduizend meer dan vorig jaar.

Het aantal aanmeldingen ligt altijd hoger dan de definitieve inschrijfcijfers. Dat komt doordat in de cijfers nog dubbelingen zitten en een deel van de studenten zich nog zal bedenken. Pas op 1 oktober is het daadwerkelijke aantal nieuwe eerstejaars bekend. Vorig jaar schreven zich uiteindelijk 45.000 nieuwe eerstejaars in. Een stijging van 7 procent. Ook toen kozen veel leerlingen, uit vrees voor het verdwijnen van de basisbeurs, eieren voor hun geld.

Maatregelen om studenten sneller te laten studeren
Studenten moeten zich voor 1 mei aanmelden voor een opleiding, daarna mogen universiteiten inschrijving weigeren.

Universiteiten en hogescholen zijn verplicht om studiekeuzehulp te bieden aan aankomende studenten.

Sinds 1998 mogen opleidingen een minimumnorm stellen voor het aantal studiepunten dat in het eerste jaar gehaald moet worden. De afgelopen jaren hebben veel opleidingen het 'bindend studieadvies' opgeschroefd tot 45 à 60 van de 60 studiepunten.

Vanaf dit studiejaar mogen opleidingen experimenteren met een studiepuntennorm in het tweede jaar - als stok achter de deur, zodat studenten na het eerste jaar niet op hun lauweren rusten.

Minister Jet Bussemaker van onderwijs wil per september 2015 de basisbeurs afschaffen (280 euro per maand voor studenten op kamers, 100 euro voor wie nog bij zijn ouders woont). Eerder werd al het recht op een ov-studentenkaart ingeperkt van zeven naar vijf jaar.

Plannen om langer studeren financieel onaantrekkelijk te maken, sneuvelden in 2012 op de valreep. De 'langstudeerboete' voor studenten die meer dan één jaar langer deden over hun studie dan ervoor stond, zouden 3000 euro extra collegegeld moeten betalen. Zo ver is het nooit gekomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden