Van Woerkom pleit voor ontwikkeling die al gaande is

Natuurorganisaties letten op kosten en zoeken samenwerking. Snelle omvorming tot een soort National Trust gaat niet werken.

Afgelopen week heeft in de media volop discussie plaatsgevonden over de natuursector naar aanleiding van een interview in deze krant met Guido van Woerkom, directeur van de ANWB. Van Woerkom pleitte voor meer samenwerking door natuurorganisaties, met name op regionaal niveau. Daarbij zouden volgens hem door besparingen op overhead 1500 banen kunnen worden geschrapt. Omdat de cijfers waarop de ANWB zich baseert afkomstig zijn van het Nationaal Groenfonds en InnovatieNetwerk leggen we graag uit hoe die cijfers in elkaar zitten.

Er werken zo'n 5000 mensen in de natuursector. Dit aantal heeft betrekking op de gehele sector die zorgdraagt voor de natuur. Ruim 2000 natuurprofessionals werken bij de grote terreinbeherende organisaties Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en de Provinciale Landschappen. Een goede 2000 mensen om 480.000 hectare aan natuur te beheren, dat lijkt ons niet veel.

De overige beroepskrachten zijn bijvoorbeeld als rentmeester bezig met het beheer van landgoederen, werken bij uitvoerende overheidsdiensten, bij adviesbureaus, kennis- en onderwijsinstellingen, aannemers, soortbeschermingsorganisaties of bij samenwerkingsverbanden van terreinbeheerders. Ook de arbeid van agrariërs die met agrarisch natuurbeheer bezig zijn, zit daar bij inbegrepen.

Zijn dat er nu 1500 te veel, zoals Van Woerkom lijkt te suggereren? Dat kun je niet op voorhand zeggen. Misschien zijn het er wel te weinig. Die 1500 waren niet de overhead, deze arbeidsplaatsen zijn door ons in een geheel andere context genoemd. Als we moesten uitgaan van het rijksbudget dat staatssecretaris Bleker vanaf 2015 beschikbaar wilde stellen, dan zou er nog budget zijn geweest voor 3500 natuurwerkers. Het kabinet-Rutte II en de provincies hebben - gelukkig - meer geld beschikbaar gesteld voor de natuur, waardoor zeer ingrijpende bezuinigingen niet nodig zullen zijn.

Dat neemt niet weg dat er in de natuursector doorlopend moet worden gekeken naar de effectiviteit en efficiency. Dat gebeurt natuurlijk ook. Alle natuurorganisaties werken intern aan het laag houden van de overheadkosten. Met succes: het Geldersch Landschap bijvoorbeeld weet zijn overheadkosten te beperken tot 10 procent.

Daar waar het zuiniger kan, wordt al gekrompen. Uitvoerende diensten van overheden worden soms gehalveerd, minder medewerkers bij provincies en terreinbeheerders, fusies tussen landschapsbeheerders en terreinbeheerders en bundeling van krachten van kennisorganisaties onder één paraplu.

Ook wordt er al jaren samengewerkt tussen organisaties in de regio. Van Woerkom vraagt dus feitelijk aandacht voor een ontwikkeling die al gaande is. Sterker nog: sinds afgelopen zomer werken de natuurorganisaties aan een traject om te komen tot een gezamenlijke visie, op weg naar nieuwe vormen van samenwerking.

Die samenwerking kan nog diverse vormen aannemen. Het centraal stellen van 'erfgoed' (een combinatie van natuur, historische cultuurlandschappen en historische gebouwen) als de verbindende factor, zoals Van Woerkom die benoemt, lijkt daarbij een waardevol uitgangspunt.

Het gaat bij het in stand houden van dit erfgoed om veel meer dan het voor een zo laag mogelijke prijs 'produceren' van natuur of recreatievoorzieningen. Groot is niet altijd hetzelfde als doelmatig, zoals we aan de ontwikkelingen in het onderwijs hebben kunnen zien.

Bovendien hebben de grote terreinbeherende organisaties naast de algemene maatschappelijke wensen te maken met specifieke verwachtingen van hun achterban. Nu ineens landelijk en regionaal overstappen op een concept zoals de National Trust, dat gaat niet werken. Wel is denkbaar dat we gaan toegroeien naar een nationaal samenwerkingsverband en een aantal regionale samenwerkingsverbanden.

De verbouwing die nodig is om tot zo'n nieuwe constructie te komen, vraagt zorgvuldigheid en dus tijd. Wat ons betreft laten we die verbouwing vooral over aan de natuurorganisaties zelf. Zij hebben kennis van zaken en zullen er voor zorgen dat de wijze van organiseren past bij het gebied. Door de discussie over overhead en arbeidsplaatsen raakt het belangrijkste vraagstuk uit beeld: past de natuur bij de vraag van de samenleving? Dat is een terechte vraag in het licht van een cultureel en demografisch snel veranderende bevolking. Laten we de discussie vooral daar op richten, en daar de hele samenleving actief bij betrekken.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden