Van wie is het landschap?

Het landschap is heilig. We schreeuwen moord en brand als een verandering ons mooie landschap bedreigt. Maar je kunt een verandering ook gebruiken om stad en land, de inrichting van grond en water, te verbeteren, zegt rijksadviseur Eric Luiten.

Even zag het er naar uit dat er een streep moest worden gezet door de landschapstriënnale. De wat? De driejaarlijkse manifestatie over landschap, parken, kunst en cultuur liep na de eerste succesvolle editie bijna vast in de economische crisis. In Lingezegen, het natuurpark in aanleg tussen Arnhem en Nijmegen, krijgt het evenement een bescheiden maar uitdagend vervolg.

Zes jaar geleden maakte Apeldoorn nog mooie sier, met als pronkstuk de kathedraal van Radio Kootwijk, het voormalige zendgebouw op de Veluwe van waaruit ooit de radioverbinding met Nederlands-Indië werd onderhouden. Er was voldoende sponsorgeld om aandacht te schenken aan Europese landschapsinrichting, en daarnaast bloementapijten voor het grote publiek, bloeiende perken vol in- en uitheemse planten en kunstexposities met fleurige stillevens en rustieke vergezichten.

Maar Apeldoorn zakte weg in een financieel moeras. Drie jaar later, in 2011, was de stad bijna failliet en beleefde de triënnale een onopvallende tweede editie, waarna de organisatie op zoek ging naar een andere locatie.

In Lingezegen is het budget met twee ton opnieuw beperkt en daardoor het programma bescheiden. Maar dat het park nog volop in ontwikkeling is maakt de manifestatie - die 25 mei begint en duurt tot 21 september - uitdagend: bomenrijen zijn net aangeplant, vaarten gegraven, bedrijven verplaatst, de inrichting is nog in volle gang. En dat geeft reuring. Debat. Wat willen de bewoners en gebruikers met dit gebied? Wat verwachten we eigenlijk van een landschapspark?

"Behalve een feest voor alle deelnemende partijen in dit gebied, en voor de bewoners, is de Landschapstriënnale ook een academie, een plaats om met elkaar van gedachten te wisselen over de inrichting van het landschap", zegt Eric Luiten. De rijksadviseur voor landschap en water is vanaf het begin nauw bij de triënnale betrokken; hij was zes jaar geleden curator van de Europese expositie en hij duikt meermaals in het programma op.

"Het is ploeteren", zegt hij. "Dubbeltjes en kwartjeswerk." Dat heeft alles te maken met de crisis - wie wil en kan ervoor betalen? - maar meer nog met de vraag wie eigenlijk verantwoordelijk is voor het landschap nu het Rijk dat van zich afschuift. "Staatssecretaris Bleker heeft dat het nadrukkelijkst gedaan, om niet te zeggen lomp, maar de decentralisatie is al eerder in gang gezet. De ruimtelijke ordening was al helemaal verdwenen toen CDA, PvdA en ChristenUnie in 2007 een regeerakkoord sloten. In de kabinetten daarvoor (Balkenende II en III) had minister Dekker (VVD) de decentralisatie in gang gezet en daarna is de herbezinning op kerntaken alleen maar verder gegaan."

Het stoort Luiten dat de provincies de verantwoordelijkheid niet oppakken, zeker waar het gaat om zoiets simpels als de Landschapstriënnale. "Waarom Gelderland zo terughoudend is begrijp ik niet. Juist deze provincie heeft een duidelijke, groene agenda, met het overgrote deel van de Veluwe en het Rivierengebied, belangrijk voor de ecologische hoofdstructuur, de Achterhoek als cultureel landschap en dan nog Arnhem-Nijmegen, het vierde verstedelijkte gebied van Nederland, waar nu een driejaarlijks feest wordt georganiseerd."

Groenvoorziening

De taakverdeling is helder, stelt Luiten. Het Rijk heeft lange tijd de toon gezet, vooral als financier, maar ook door Randstedelijke groenvoorziening te realiseren, waarbij de provincies zorgden voor de uitvoering. "Nu moeten de provincies het zelf verzinnen. Ze hebben de ervaring met landinrichting, maar je ziet ze worstelen met de vraag 'hoe zit ons landschap in elkaar en hoe kunnen we daarop sturen?' Dat is een mooi agendapunt voor de triënnale."

De rijksadviseur is benieuwd naar ideeën vanuit de provincies. "Binnenkort ga ik praten met de commissie ruimtelijke ordening van de provincie Limburg. Waar staan ze, wat willen ze? Zuid-Holland, waar ik eerder provinciaal landschapsadviseur was, kiest voor ruimtelijke kwaliteit. Geen onderscheid meer tussen rood en groen, geen landschapsbeleid met begrenzingen, maar maatwerk."

Voor Luiten staat vast dat het op die manier moet. "Een gebied dat niet meer zou mogen veranderen is niet meer haalbaar. We staan voor grotere opgaven, zoals de transitie naar duurzame energie en het waterbeheer. In september wordt besloten over het Deltaprogramma, over een hogere veiligheid, de beschikbaarheid van zoet water en daarmee samenhangend het gebruik van grond. Dat is een enorme opgave, waar veel geld mee is gemoeid."

"Maar ook krimp vraagt om een andere aanpak. De herverdeling van mensen over het land, verandering van functie in de bebouwing, groei van overblijvende agrarische bedrijven, daarvan zie je de gevolgen niet alleen in Groningen, Limburg en Zeeland, maar ook in het Groene Hart: verdichting versus verschraling van voorzieningen. De vraag is dan: waar zijn we voor aan het zorgen?"

Alleen maar letten op de schoonheid van het landschap is niet langer toereikend, vindt Luiten. "Laten we iets anders verzinnen dan landschapsbeleid dat alleen gericht is op bescherming. Die beslissingen moeten toch worden genomen, laten we daarbij dan integraal kijken. Maak een diagnose van het landschap, stel een ambitie op. Wat wil je bereiken? Hoe kan de aanleg van een weg tot een beter landschap leiden?"

In verwarring

We zijn een samenleving in grote verwarring, betoogt Luiten. "We schamen ons voor interventie, voor een inbreuk in het landschap. Daarom zijn we zoveel mogelijk aan het compenseren, camoufleren, wegwerken. We willen ons snel kunnen verplaatsen, maar we willen geen snelweg of spoorlijn zien en we willen geen vliegtuig horen. We willen ons scheerapparaat in het stopcontact kunnen steken, maar we willen geen windmolens zien. We hechten aan alle nutsvoorzieningen, maar we verdragen de ruimtelijke effecten daarvan niet op ons netvlies. Maar in veel gevallen ligt het landschap er helemaal niet zo mooi bij. Dan kan zo'n interventie de aanleiding zijn om het te verbeteren, aantrekkelijker te maken."

Een prachtig voorbeeld van hoe een integrale aanpak kan werken is de teruglegging van de dijk bij Lent. Dit Ruimte voor de Rivierproject is door Rijkswaterstaat opgezet om de Waal bij Nijmegen te verbreden zodat er meer water kan doorstromen en hoge waterstanden in de toekomst niet voor problemen zorgen. Maar aan het project is ruimtelijke kwaliteit toegevoegd, zoals Luiten dat noemt. Het aanvankelijke verzet tegen aantasting van de uiterwaarden is door goed overleg met bewoners en andere betrokkenen omgezet in enthousiasme voor een nieuw stadshart aan weerzijden van de rivier, met een nieuwe brug en een eiland dat momenteel in de Waal wordt gerealiseerd, waarop nieuwe natuur zal ontstaan en in de zomer evenementen kunnen worden georganiseerd.

"Nijmegen is een godsgeschenk", aldus Luiten. "Toenmalig wethouder Paul Depla, die zich hiervoor sterk heeft gemaakt, verdient een standbeeld. Niemand heeft het hier nog over landschapsbeleid, hier is door ruimtelijke interventie iets moois aan het ontstaan. Je kunt best een stad uitbreiden, een rivier verleggen en een ruimtelijke ingreep doen in het landschap. Het wordt er allemaal beter van. Maar dit was niet gebeurd als je van tevoren had gezegd dat de uiterwaarden niet mochten veranderen omdat het zo'n mooi landschap is."

Op die manier moeten we ook omgaan met de verduurzaming van energie, de herbestemming van gebouwen en de aanpak van leegstand en de gevolgen van krimp, zegt Luiten. Het landschap is van iedereen, bij het overleg moet iedereen worden betrokken. Uiteindelijk is de drieledige bestuurslaag prima in staat om dat te sturen.

"We leven in een permanent veranderende ruimte. Het is dynamisch. Maar daarvoor ben ik landschapsarchitect, ik sta pas op als er iets gaat veranderen."

De Waal bij Nijmegen wordt verbreed in het project Ruimte voor de Rivier. Onderdeel van het project is een nieuw eiland, waar nieuwe natuur moet ontstaan.

Wie is Eric Luiten?

Eric Luiten is twee jaar geleden door minister Schultz (infrastructuur en milieu) benoemd tot rijksadviseur voor landschap en water. Hij is lid van het college van rijksadviseurs, dat verder bestaat uit rijksbouwmeester Frits van Dongen en rijksadviseur voor infrastructuur en stad Rients Dijkstra. Luiten is zelfstandig landschapsarchitect en twee dagen per week hoogleraar erfgoed en ruimtelijk ontwerp (de Belvedere-leerstoel) aan de afdeling Bouwkunde van de Technische Universiteit Delft.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden