Van Wersch / Een waardige maar glasheldere dialoog met de islam

Er zijn meerdere redenen voor een scherpere dialoog met de islamitische wereld. Tot voor kort stuitte men op een opvallend gebrek aan zelf-kritiek en een automatische slachtofferreflex. Maar het besef wordt sterker: we hebben een probleem en kunnen er niet van weglopen. De historicus  Stefan van Wersch  ziet lichtpuntjes: 'In de Arabische media is er intussen ook een groeiende groep van journalisten die de zaak op scherp zet.'

Vallen er lichtpuntjes te zien in de huidige escalatie van het islamitisch terrorisme en de ermee gepaard gaande vervreemding tussen moslims en de rest? Als iemand die al sinds jaren opgeroepen heeft tot een waardige maar glasheldere dialoog met de islam, kan ik er in ieder geval één zien.

Veel van de problemen met de islam waren te voorzien, en zijn ook voorzien. In 1991 deed Claude Barreau het in zijn De l'islam en général en du monde moderne en particulier. Hij stelde ook vast dat westerse intellectuelen de confrontatie met de islam uit de weg waren gegaan, en dat niet uit respect maar uit verholen minachting. Het kostte hem zijn baan bij de Franse overheid. Nu, maar 14 jaar later, hebben we de discussie met moslims op een dagelijkse basis in de media en erbuiten. Dat is een goede zaak, ook al zijn de omstandigheden waaronder die discussie nu plaatsvindt, niet bepaald die waarop ik had gehoopt.

Er waren al lang goede redenen om een stevige dialoog te wensen. De islam is al sinds enige decennia in een staat van groeiend religieus-politiek imperialisme, met dromen over de val van het Westen en het herstel van het kalifaat. Dit religieuze meerderwaardigheidscomplex is helaas allesbehalve een teken van innerlijke stabiliteit. Het gaat al decennialang samen met een politiek, economisch en cultureel minderwaardigheidscomplex. Was de wereld niet zo geglobaliseerd, dan hadden we hier onze schouders over kunnen ophalen. Intussen hebben we echter wel ontdekt dat hun complexen ons probleem zijn, of we dat nu leuk vinden of niet.

Er was nog een reden voor een scherpere dialoog. Voorzover er vóór 9/11 wel kritische vragen gesteld werden aan moslims - ik heb het vaak gedaan - ging de discussie doorgaans nergens heen. Men stuitte op een opvallend gebrek aan zelfkritiek en een automatische slachtofferreflex. De ellende met zo'n reflex is allereerst dat die de werking van het geweten ondermijnt: de door het slachtoffer gevoelde pijn rechtvaardigt allerlei soorten revanche. Doorgaans was er ook sprake van een cirkelredenering. Elke vraag over toenemend terrorisme door moslims werd afgedaan met de opmerking dat dat niets met de islam te maken had want de islam was tegen terrorisme. Het moest dus wel gaan om een complot van derden om de islam in een kwaad daglicht te stellen. Einde discussie. Na 9/11 was dat wederom het reactiepatroon. De aanslagen zouden door de Mossad zijn gepleegd, Bin Laden had er niets mee te maken. Na de aanslagen in de Egyptische badplaats Sjarm al-Sjeikh waren veel reacties van Egyptenaren ook weer van dit soort.

In Londen kwamen na de aanslagen allerlei vertegenwoordigers van de Britse moslimgemeenschap aan het woord, die lange lijsten van westerse zonden opsomden. Sommige grieven tegen het Westen zijn op zich begrijpelijk en een discussie waard. Minder acceptabel is de ondertoon: alsof George Bush plegers van zelfmoordaanslagen eigenlijk gedwongen heeft tot hun daad. Het ontwijkt de verantwoordelijkheidsvraag. De introspectie in de islamitische wereld komt niet makkelijk op gang.

Toch zijn de tijden wel iets ten goede veranderd. Het gebrek aan zelfkritiek en de slachtofferreflex worden in het Westen steeds beter herkend en aan moslims voorgehouden. De Independent had kort na de aanslagen in Londen twee mooie opinieartikelen pal naast elkaar. Het ene van Imran Khan ging over westerse dubbele maatstaven: het soort artikel dat op de vraag of terrorisme slecht is, antwoordt met een kort 'ja' en een lang 'maar'. Daarnaast stond een artikel van John Rentoul met als inleiding: “een gevoel van slachtofferschap, gebaseerd op een web van halve waarheden en ontwijkingen, vormen de diepste oorzaak van de aanslagen in Londen“. Dat is de confrontatie die we al veel eerder hadden moeten hebben.

Het lijkt enig effect te hebben. Op de televisie zagen we ook Britse moslims die onomwonden toegaven voor een grote interne uitdaging te staan. Zijzelf moeten de radicalisering van moslimjongeren tegengaan. Zijzelf moeten zorgen voor een scheiding tussen de 'normale' islam en de terroristen en hun aanhang. Het besef wordt sterker: we hebben een probleem en kunnen er niet van weglopen. In de Arabische media is er intussen ook een groeiende groep van journalisten die de zaak op scherp zet. Egyptenaar Mamoun Fandy schreef onlangs in al-Sharq al-Awsat dat hij niet vijf Egyptische auteurs kon noemen die terrorisme ondubbelzinnig veroordelen. Alleen gewaarwording van eigen verantwoordelijkheid kan een slachtoffercomplex doorbreken. Het eigenlijke werk zal door moslims gedaan moeten worden maar druk van buiten, via vragen en vooral ook doorvragen, kan daarbij helpen. Misschien beginnen we de eerste scheurtjes in de slachtoffermentaliteit te zien.

Ik begrijp overigens heel wel dat zo'n 'harde' dialoog voor moslims onaangenaam is. Moslims met goede bedoelingen worden opeens geconfronteerd met lastige vragen. Sommigen krijgen waarschijnlijk het gevoel dat ze binnenkort ook nog verantwoording moeten afleggen voor het feit dat ze ademen. Dat kan leiden tot defensieve reacties, of tot een zich afsluiten van de buitenwereld. Als het helpt, kan ik in ieder geval zeggen dat christenen al sinds de 19de eeuw in het Westen door de erfgenamen van de Verlichting met kritische vragen zijn bestookt. Defensieve reacties ontbraken ook hier niet, maar de kritische vragen hebben ook geleid tot een herdenken van het eigen geloof in nieuwe termen. Dezelfde katholieke kerk die in de 19de eeuw godsdienstvrijheid nog bestreed als een ultieme dwaling, ziet deze sinds het laatste Concilie als een hoog goed. Daar is veel intern denkwerk voor verricht. Al die kritiek went bovendien. Er is ook niets op tegen als moslims de bal terugspelen om ook westerse introspectie te bewerkstelligen. Terreur als ideologisch wapen was een uitvinding van de door de Verlichting geïnspireerde Franse Revolutie. Dat roept vragen op over het gemak waarmee de Verlichting aan moslims wordt voorgehouden als panacee.

Hoe dan ook, er zal nog heel wat meer zelfkritische introspectie van islamitische zijde nodig zijn. Het zou namelijk een vergissing zijn te denken dat het slechts gaat om het schiften van een kleine groep doorgedraaiden uit de grote groep van vreedzame moslims. Het is veel gecompliceerder. Dit terrorisme heeft zijn wortels in de islam, het is islamitisch terrorisme. Sommigen ontkennen dat nog steeds. Een toch weldenkend man als voormalig EU-commissaris Chris Patten wilde er in een speech vorig jaar mei niet van weten. Vaststellen dat de meeste moslims geen terrorist zijn, maar de meeste terroristen wel moslim, was zijns inziens onacceptabel. Je ging toch ook niet zeggen dat alle Ira-terroristen katholiek zijn. Het is heel politiek correct, maar slaat het ergens op? De Ira-strijd is niet anders dan die van de Eta: een strijd voor onafhankelijkheid. In het geval van de Eta zijn de opponenten allebei katholiek, dus zijn er geen religieuze connotaties. In het geval van het Ira zijn de scheidslijnen wel religieus maar niemand gelooft toch dat het Ira strijdt om het geloof in transsubstantiatie en de onbevlekte ontvangenis te promoten. In het geval van Al-Kaida is de inspiratie en rechtvaardiging van het terrorisme wel religieus. Veel moslims zullen de argumentatie van Al-Kaida ondeugdelijk vinden, maar het is evident dat Bin Laden en zijn volgelingen er volledig van overtuigd zijn in de voetsporen van de Profeet te treden.

De vraag is verder of de wijze van denken van Al-Kaida echt zo los staat van de rest van de islam. Al-Kaida heeft zich ontwikkeld in dezelfde periode waarin de islamitische wereld in de greep van een golf van fundamentalisme terecht is gekomen. Dat is geen reden om simplistische verbanden te leggen. Moslims die hun geloof serieuzer beleven zijn uiteraard nog geen potentiële terroristen. Maar het zou ook onjuist zijn helemaal geen dwarsverbanden te zien. Veel mainstream moefti's zijn over zelfmoordaanslagen in de afgelopen jaren nogal dubbelzinnig geweest. Palestijnse zelfmoordaanslagen werden vaak wel toegestaan. Die aanslagen zijn evenwel de inspiratiebron voor Al-Kaida geweest, en ten dele ook voor de nu door moslims tegen moslims gepleegde aanslagen in Irak. Er is hier geen sprake van een brede kloof tussen de 'gewone' islam en Al-Kaida Eerder lijkt het een zaak van traditionele juridische casuïstiek: de fatwa van de ene moefti kan verschillen van die van de andere. Nu zelfmoordaanslagen het belangrijkste exportartikel van de islamitische wereld dreigen te worden, zijn ondubbelzinnige uitspraken absolute noodzaak.

De vragen zullen nog veel verder moeten gaan. De Iraakse onderzoeker Majed al-Gharbawi heeft onlangs gepleit voor een nieuwe religieuze cultuur in de islamitische wereld. Salman Rushdie riep begin augustus op tot een Reformatie. De huidige religieuze cultuur is huns inziens ontspoord. De eigenlijke vragen zullen moeten gaan over het fundamentalisme dat de islamitische wereld in zijn ban houdt.

In zijn essentie is fundamentalisme de neiging binnen een religie om de eigen waarheidsaanspraken sterk op te voeren en daarmee de scheidsmuren met de buitenwereld te verhogen. Op zichzelf hoeft dat nog niet tot grote problemen met de rest van de maatschappij te leiden. Het hangt af wat de waarheidsaanspraken zijn en of er ook een tolerantieconcept is. De mennonitische Amish in Pennsylvania, die weigeren elektriciteit te gebruiken, zijn ook fundamentalisten maar tot hun waarheden behoren strikte scheiding tussen geloof en politiek, en een op de Bergrede gebaseerd pacifisme. Van zo'n niet-politiek fundamentalisme heeft niemand echt last.

In de islam zijn de waarheidsaanspraken ook zonder fundamentalisme al niet gering maar in het fundamentalisme worden ze alleen nog naar verder opgevoerd. Het gaat dan ook nog eens om een aansprakenmix die wel tot problemen met de buitenwereld kan leiden. Islam is een religie met een wet (sjaria), die bijna elk aspect van het leven regelt, en weinig ruimte toelaat voor een scheiding tussen staat en religie. Een ander pijnpunt is dat moslims hun geloof niet mogen opgeven: daar staat de doodstraf op en fundamentalisten zullen er alles aan doen dat voorschrift toe te passen. De door moslims zelf vaak geprezen tolerantie is eigenlijk eerder een vorm van gedogen: een beperkt aantal andere religies mag binnen de islamitische wereld bestaan met een tweederangspositie. In feite is dit gedogen een soort sterfhuisconstructie: een kerkgebouw mag bestaan maar eigenlijk niet gerepareerd worden, en er mag strikt genomen geen nieuwbouw plaatsvinden. Dat is waarom Saoedi-Arabië geen enkele kerk of synagoge heeft: het sterfhuis is eeuwen geleden al voltooid, voor altijd. Over wat te doen met ongelovigen buiten de islamitische wereld bevat de Koran een aantal harde uitspraken. Mohammed zelf werd vanaf het moment dat zijn eerste bekeringsmissie in Mekka mislukte een militaire leider. Waarheden van dit soort kunnen, als ze onverdund blijven, explosief worden.

Met name het wahabitische fundamentalisme voert de waarheidsaanspraken enorm op. Het schept een sfeer waarin terrorisme kan gedijen. Mohammed B. viel voor de rechtbank vooral op door zijn overtuiging het absolute religieuze gelijk aan zijn zijde te hebben. Dat betekent niet dat elke fundamentalist een terrorist wordt. De meeste mensen hebben geen zin in extremisme. Het gevaar schuilt hem doorgaans in de wisselwerking tussen een cultuur en de psychologie van losse individuen. Als een cultuur neigt naar slachtofferschap en fundamentalisme, en als een lid van die cultuur een persoonlijke overgevoeligheid heeft voor slachtofferschap en frustraties, dan kan die combinatie explosief worden. De cultuur zal de terreurdaden vervolgens niet noodzakelijkerwijze goedkeuren maar kan ze wel 'begrijpen'. Dat is precies de dubbelzinnigheid die we al te vaak bij moslims aantreffen. Het is ook reden om enig voorbehoud aan te tekenen bij de visie van islam-expert Olivier Roy, die de djihadi's vooral ziet als ontwortelde en geïsoleerde migranten. Hier schiet de nadruk op de persoonlijke situatie al te ver door. De djihadi's zijn voorbeelden van een extreme variant van een cultuur. Dit moet voor wat oudere westerlingen herkenbaar zijn. Men kan het vergelijken met de neomarxistische sfeer in de tijd van het terrorisme van de Rote Armee Fraktion. Ik heb in die tijd maar al te vaak gehoord dat de moord in 1977 op de voorzitter van de Duitse werkgeversbond, Hans-Martin Schleyer, wellicht onjuist was maar wel heel begrijpelijk want het ging toch om een ex-nazi en kapitalist.

Hoe zou de door Al-Gharbawi en Rushdie gewenste nieuwe religieuze cultuur er moeten komen? Idealiter zouden we moeten hopen op een exegetische revolutie in de islam van het soort dat jodendom en christendom in de laatste twee eeuwen hebben doorgemaakt. Daarin zijn allerlei methodes ontwikkeld om in de heilige teksten eeuwige waarheden en tijdgebonden opvattingen te scheiden. In feite liggen er al verschillende sjablonen voor zo'n islamitische exegese op de plank. In ons eigen land werkt nog steeds de Egyptische professor Nasr Aboe Zaid, die Egypte in 1995 moest verlaten omdat fundamentalisten hem als afvallig beschouwden. Zaids zonde was een op zich niet eens hemelbestormende toepassing van Franse semantische methodes op de Koran.

Maar om eerlijk te zijn: ik heb op dit punt geen hoge verwachtingen. Op zijn best zal er een kleine reform islam ontstaan in de diaspora in het Westen. Een van de redenen voor pessimisme is dat de status van het heilige boek in de islam hoger is dan in het christendom. De Koran is in moslim-ogen een ongeschapen tekst die ongeveer letterlijk uit de hemel is neergedaald. Het Nieuwe Testament is veeleer een verslag over wat Jezus gezegd en gedaan heeft. Uiteraard geloven christenen dat de auteurs van het Nieuwe Testament geïnspireerd waren door de Heilige Geest. Toch kan duidelijk zijn dat, als iemand een exegetische methodes zoekt om eeuwige waarheid en tijdgebonden opvattingen te scheiden, een boek als het Nieuwe Testament meer aanknopingspunten biedt.

Wat is dan wel mogelijk? Het is goed om eraan te herinneren dat fundamentalisme geen noodlot is. In de tijd van het panarabisme vóór de huidige fundamentalistische golf werden religieuze waarheidsaanspraken juist niet op de spits gedreven. Binnen een religie met een wet zijn daar genoeg methodes voor: een dispensatie hier, een rekkelijke interpretatie daar, en voor de rest leven en laten leven. Daar kan nu natuurlijk niet zomaar naar teruggekeerd worden. Een nieuw religieus betoog zal in eerste instantie veeleer de grenzen van de traditionele exegese moeten opzoeken en oprekken. Welke vroegere teksten in de Koran zijn opgeheven door latere teksten? Is de sjaria even bindend als de Koran? Hoeveel scheiding laten Koran en sjaria toe tussen staat en religie? Dat zou tot zoveel mogelijk ondubbelzinnige uitspraken moeten leiden, allereerst over zelfmoordaanslagen. Makkelijk zal het niet zijn. In veel islamitische landen worden lijfstraffen niet meer toegepast maar het goede recht ervan wordt niet ontkend. De redenering is veeleer dat in een arm land het nooit helemaal duidelijk kan zijn of een dief stal uit boosaardigheid of nood. Zo'n moratorium is beter dan niets, maar blijft onder mijn 'ondubbelzinnigheidsdrempel'. Daarom moet toch gehoopt worden op een vleugje echt nieuwe exegese. Tenslotte kan de vraag of er in de Koran ook tijdgebonden uitspraken staan niet vermeden worden. Net als de Bijbel accepteert de Koran slavernij als de realiteit die het in die dagen was. In een enkel moslimland wordt dat feit nog steeds gebruikt om (verborgen) slavernij te rechtvaardigen. Het overgrote deel van de moslims beschouwt slavernij echter als principieel onjuist. Als de Koran in dit opzicht tijdgebonden was, kan dat dan niet ook gelden voor wat de Koran en sjaria zeggen over de doodstraf voor geloofsafval en lijfstraffen?

Zal de door Majed al-Gharbawi gewenste nieuwe religieuze cultuur er komen? Het is aan moslims om dat te bepalen. Van onze kant kunnen we er alleen maar keer op keer naar vragen en doorvragen, en nooit genoegen nemen met slachtoffergedrag en dubbelzinnigheid. Uit respect voor de islam, en uit eigenbelang in een steeds kleiner wordende wereld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden