Van trotse beuk tot tafelblad

Een grote stad kapt jaarlijks honderden bomen. Vaak gaan die rechtstreeks de verhakselaar in, maar in Utrecht maken kunstenaars er tafels van.

RENSKE VAN DIJK

Rode beuk 60809 wordt in 1870 geplant in een landschapstuin op het oude bolwerk Manenburg. Daar, op een mooi plekje aan de Utrechtse singels, groeit hij uit van spriet tot tientonner. Dik, met een rimpelbast als de huid van een oude olifant en bolle wortelkronkels waar geheimen tussen schuilen. Zo lag daar altijd de aanwijzing van een gps-speurtocht, verstopt in een onopvallend fotorolletjesdoosje.

In 2007 slaat het noodlot toe. Marinus van Dorland, boominspecteur, stelt in een rapport de aanwezigheid van 'vruchtlichamen van de dikrand-tonderzwam' vast. Deze parasitaire schimmel vreet de boom van binnenuit op. In 2010 blijkt het risico op stambreuk te groot. De reus sneuvelt in 2011, bijna 160 jaar oud. Maar het is nog niet het einde van zijn verhaal.

In de werkplaats van de stichting Tafelboom krijgen monumentale bomen uit de stad Utrecht een nieuw leven, als tafel. Het vorige leven van elke boom wordt zo goed en zo kwaad als het gaat gedocumenteerd. Dat verhaal komt dan als boek in een laatje onder de tafel.

Tafelboom is een project van drie kunstenaars: Ruth van Andel (theatervormgever), Egbert Boerma (acteur) en Jurrian van den Haak (beeldend kunstenaar). Van houtbewerking wisten ze eigenlijk niets toen ze begonnen, maar ze bouwen inmiddels designtafels met de hulp van ontwerpers, studenten van de meubelopleiding en vrijwilligers.

Tien uitverkoren bomen keren als tafel terug in de eigen buurt, waaronder de rode singelbeuk 60809. Deze bomen hebben allemaal hun eigen boomwachter. Dat is een kunstenaar die een dag heeft gewaakt bij de boom en er foto's van heeft gemaakt of er liederen onder heeft gezongen. Soms is zo'n wachter zelfs verkleed als kartonnen boom met buurtbewoners gaan praten.

Na de boomwachtersdag wordt de boom gerooid door de gemeente. De buurtbewoners helpen daarna met zagen en bouwen drooghuisjes in de wijk, waar het hout droogt aan de lucht en waar iedereen in en uit kan lopen. Later kan de buurt helpen met houtbewerken en tot slot is er een diner aan de gefabriceerde tafel, op de plek waar de boom stond.

"Ik zie het zo", zegt initiatiefneemster Ruth van Andel: "de mensen maken de boom van waarde. Zij geven de boom zijn verhaal. Dus moeten wij het hout teruggeven aan de mensen." Een tafel verdubbelt gemakkelijk de levensduur van de boom: die staat zo weer 150 jaar.

Vandaag is het zaagdag. Op het terrein bij de werkplaats ligt beuk 60809 in verschillende stukken uitgestald. Hij is al deels gezaagd en wordt nu 'opgelat': gestapeld met latjes ertussen, zodat het lekker doortocht. Twee andere stukken beuk liggen al zo opgebaard, deels in een drooghuis in de tuin van het Centraal Museum.

Honderden bomen gaan er elk half jaar tegen de grond in Utrecht. De gemeente stopte het kostbare hout vaak gewoon in de verhakselaar, omdat het moeilijk is om er op een andere manier vanaf te komen. Zagerijen moeten niks van stadshout hebben, omdat er vaak spijkers of andere verrassingen in de bomen zitten. Ook tafelboom heeft daar last van. Gefrustreerd stampt Bert Braakman, van de mobiele zagerij, een zaagblad in elkaar. Gebroken. In korte tijd loopt de machine twee keer vast. Als de boosdoener daarna uit de stam wordt gebikt, blijkt het een flinke ijzeren ring met spijker te zijn, die ooit is verzwolgen door de boom.

De gemeente werkt nu aardig mee met de levering van het hout, zegt Van Andel. "Ze brengen af en toe uit zichzelf een stam. Maar het gaat ook wel eens mis." Een zure kers en een plataan, die hun eigen boomwachter hadden, was de gemeente opeens kwijt. Een communicatiefout, zegt de gemeente, of de bomen waren er van binnen te slecht aan toe.

"Het blijft een beetje schimmig," zegt mede-oprichter Egbert Boerma. "Ik kan er moeilijk de vinger achter krijgen. Er werden bijvoorbeeld ook bomen gekapt in het Wilhelminapark. Dat zijn gigantische bomen. Je wéét dat dat hout waarde heeft. Ik heb wel gevraagd wat ze daarmee gingen doen, maar daar heb ik nog geen antwoord op gekregen."

Een stuk of zestig bomen zijn nu door Tafelboom gered van de vernietiging. Veel tafels heeft dat nog niet opgeleverd. "We kunnen nu pas echt aan de slag," vertelt Ruth van Andel. "Het is een heel sloom project. Je moet wachten tot de boom gekapt is, tot we kunnen zagen, tot het hout droog is. Dat duurt twee of drie jaar."

Mede-oprichter Boerma klimt op de zaagmachine waar een 90 jaar oude es half gezaagd zijn lot afwacht. "Dit vind ik het mooiste moment," zegt hij. Een bruine kronkelige tekening is zichtbaar in het hout. "Nu komt zijn structuur tevoorschijn. Dit is een olijfes." Kaukasische vleugelnoot, Perzische eik, zilveresdoorn, leest hij voor van de rooilijst. "Daar wil je toch wat van maken?"

Voor meubelmakers is het een feest, die kunnen aan houtsoorten komen die normaal helemaal niet in de handel zijn, en met uitzonderlijke afmetingen. Twee jonge ontwerpers bedachten een designtafel voor Tafelboom. Het ontwerp is strak, maar de koper moet niet gek opkijken van een gat of scheur in het tafelblad, waar ooit een knoest of spijker zat.

De strakke tafels komen tot stand in een oude koeienstal. De gemeente stelde die ter beschikking. De Boomtafel nr. 1 is verkrijgbaar voor 1750 euro. En dat is niet duur, zegt Van Andel: "Dit is Utrechts hout. Het hout is van iedereen. Wij kunnen alleen voor de verwerking en het product geld vragen, niet voor het hout."

Om de donderdag heeft Tafelboom een scharreldag: mensen kunnen een kijkje komen nemen in de werkplaats en een stuk hout aanschaffen als ze er een bepaald plan mee hebben. "Maar wij zijn geen alternatief voor de Gamma," waarschuwt vrijwilliger Saskia Bakker. "Je kan hier niet met een boodschappenlijstje voor een kast aankomen." Niet omdat het hout te duur is, maar omdat het idee doorvoeld moet zijn.

"Kijk die dikke stammen," zegt Van Andel. "Er zit zoveel emotie aan dit hout." Bij het opstellen van het verhaal van de boom gaat ze altijd kijken op de plek waar de boom heeft gestaan. Soms belt ze bij mensen aan. "De reacties lopen uiteen. Als het gewoon een boom bij een parkeerplaats is, dan merk je niet zoveel. Maar bij sommige bomen moeten mensen er echt van huilen."

Rode beuk 60809 was zo'n boom. Zijn condoleanceregister begint met een in de stam gekrast hartje. "Fijn dat je er was," schreef iemand. "Oude vriend, trouw uitzicht. Jammer dat je weggaat. Je was goed gezelschap."

Burgemeesterstafel
In de opslag van Tafelboom staat de 'burgemeesterstafel' onder een paar dekens. Het is een imposante ovale tafel van iepenhout met een gedicht van stadsdichter Ingmar Heytze langs de rand. Het Utrechtse College van B&W zou er een paar maanden aan vergaderen waarna de tafel geveild zou worden. Het liep anders. Het meubel stond een tijdje in het stadhuis, maar werd wiebelig. "We wilden het zonder schroeven doen," vertelt Ruth van Andel. Met een onderstel van zeventien losse berkenstammen was dat nog niet makkelijk. De stammetjes zijn moeilijk vlak te krijgen van onderen. Of de burgemeester de tafel nog terugwil na de reparatie, is onduidelijk.

Wat brengt een 160-jarige beuk eigenlijk op?
Rode beuk 60809 is minder waard dan je zou denken. Een oude 160-jarige beuk van tien ton is helemaal niet gewild, stelt Meindert Bruggeman van de Unie van Bosgroepen, die de rondhoutveiling organiseert. De prijs van beuk hangt af van trends: als noestvrij glad hout in de mode is, bijvoorbeeld voor vloeren, is beukenhout wat waard. Maar beuk is nu uit, en rustiek hout is in. Bovendien verkleurt het hout met de leeftijd. Boven de zeventig jaar gaat het zelfs richting houtrot en wordt de duurzaamheid van het hout aangetast. "Van een 160-jarige beuk durf ik met zekerheid te zeggen dat die alleen geschikt is voor brandhout. Als het dan nog 35 euro per ton opbrengt is het veel," aldus Bruggeman. Rode beuk 60809, tien ton hout van 160 jaar oud, zou dus 350 euro waard zijn in de open haard.

Wat gebeurt er met gekapt stadshout?
Jaarlijks kapt elke grote Nederlandse stad meer dan driehonderd bomen. In Utrecht worden de mooiste bomen nu gered van de destructor en verwerkt tot tafels. Stadshout Amsterdam gebruikt ze voor bankjes, vogelhuisjes, stelten en onderzetters. Maar wat gebeurt er elders met die knoestige vriend op de hoek?

De gemeente Groningen is bezig met een proef waarbij biomassa van stadshout een sportcentrum moet gaan verwarmen. In Arnhem gaan mooie dikke stammen naar natuurspeeltuinen, waar kinderen erop kunnen klauteren.

De meeste gemeenten laten de verwerking over aan de aannemer die de boom heeft gekapt. Die kapt de boom dan met korting en verkoopt het hout weer door. De boom wordt verwerkt tot pallets, spaanplaat, brandhout, triplex of houtsnippers of verstookt om energie op te wekken. Deels gebeurt dat in het buitenland, in België of zelfs in India. Sommige gemeenten produceren zelf houtsnippers en gebruiken ze weer om wandelpaden in de stad mee te bestrooien. De rest wordt gecomposteerd.

Veel brengt het hout op deze manier niet op. Een ton houtsnippers kost 7 euro, maar met de productiekosten erbij kan dat eigenlijk niet uit, vertelt houtverwerker Rink Louwes. "Bedrijven weten niet hoe ze van het hout af moeten komen en zeggen vaak tegen iedereen die wil: haal maar op."

Het is moeilijk om duurzaam om te gaan met gekapt hout", vertelt Richard Wigink, eigenaar van een kapbedrijf. "Een boom vellen kost altijd geld. In die dikke jongens gaat veel werk zitten: je moet machines huren en de boom van alle takken ontdoen, dan het spul vervoeren. Je kunt ze niet verkopen aan de industrie want daar zijn ze te knoestig en te groot voor, dat kunnen ze niet hanteren." Zelf maakt hij van de mooiste stammen daarom palen, hekken, gebinten, hooibergen en banken, die weer in het land terecht komen, bijvoorbeeld bij Natuurmonumenten.

Een heel klein deel, het mooiste hout, wordt verkocht aan meubelmakers of gaat naar de rondhoutveiling in Velp. Een stam brengt daar gemiddeld 140 euro op per kubieke meter. Van 60 euro voor een kuub esdoorn, tot 170 euro voor eik en 220 euro voor iep.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden