Van troeteldier tot bikini-moralist

Hoon na een badkledingdebat en gemeenten die trouwambtenaren met bezwaren juist uitsluiten: gaat het wel goed met de ChristenUnie? Fractievoorzitter Arie Slob: „Wij regeren juist over de volle breedte mee.”

Cees van der Laan en Lex Oomkes

Voor de verkiezingen gold de ChristenUnie bij vele leden van het spraakmakende deel van de Nederlandse natie als een interessante partij. Het christelijk-sociale beleid, de inzet voor uitgeprocedeerde asielzoekers, de partij kreeg alom lof. Nu de partij tot de regeermacht geroepen is, is de stemming bij dat deel van de natie omgeslagen.

Niet alleen D66-leider Pechtold doet het voorkomen of met de regeringsdeelname van de ChristenUnie betutteling van de bevolking het eerste doel van dit kabinet wordt. De voor sommigen benauwende jaren vijftig zouden terugkomen en vanuit de Trêveszaal zou de ’spruitjesgeur’ zich over het Binnenhof verspreiden. De huidige praktijk voor euthanasie en abortus zou in gevaar zijn en ambtenaren kunnen naar willekeur hun geweten erbij halen om hen onwelgevallige dingen te weigeren.

Een paar schriftelijke vragen van een CU-lid in de Utrechtse gemeenteraad over een immense billboard van een verleidelijke dame in goudkleurige bikini leidden tot landelijke publiciteit en hilariteit. Ook de Haagse ChristenUnie diende zich onmiddellijk te verantwoorden over zoveel bekrompenheid.

De ChristenUnie hoort met verbazing de ophef over de partij aan. De discussie over de Utrechtse poster is exemplarisch, meent Arie Slob, fractievoorzitter in de Tweede Kamer sinds partijleider Rouvoet naar het kabinet vertrok.

„Mijn partijgenote in Utrecht stelde vijf vragen. Vier daarvan gingen over het welstandsaspect van posters. Tweehonderd vierkante meter op een monumentaal pand; ik vind, daar mag je vraagtekens bij plaatsen. Slechts één vraag ging over exploitatie van het vrouwelijk lichaam. En daarop was onmiddellijk landelijke aandacht. Een redacteur van het NOS-Journaal vertelde me, dat dat niet gebeurd zou zijn, als de ChristenUnie niet in de regering zat.”

„Van mij mag het. Maar wat me zo tegenvalt, is dat de discussie niet in de volle breedte gevoerd wordt. Alleen dat ene punt, kennelijk het punt dat de ChristenUnie het meest typeert voor de spraakmakende gemeenschap. Het is duidelijk: De ChristenUnie staat in de spotlichten en plaatselijke fracties moeten alert zijn op het gevaar van uitvergroting.”

Slob erkent dat na de verkiezingen de aanvankelijke sympathie voor zijn partij is omgeslagen in antipathie, zij het dat die volgens hem uit een andere en kleinere hoek komt. „Vergis je niet, er zijn nog altijd veel mensen, ook niet-CU-stemmers, blij met onze deelname. Maar er is ook wantrouwen. ”

„Ik begrijp dat niet. Men focust op een aantal onderwerpen, terwijl, als je ons verkiezingsprogramma naast het regeerakkoord legt, je de ChristenUnie in de volle breedte tegenkomt. Op internationaal politiek vlak, rond het milieubeleid, en welk onderwerp dan ook. Het is aan de ChristenUnie om de komende vier jaar de volle breedte van het regeerakkoord uit te werken.”

„Het is een nieuwe situatie voor ons, zeker. Al wordt dat door de buitenwacht overdreven. Ik was er zelf als raadslid in Zwolle bij, toen we voor het eerst in een gemeente met meer dan honderdduizend inwoners in het college kwamen. Nu zijn dat soort gemeenten, waar we in het college zitten, niet meer op de vingers van twee handen te tellen. We hebben alles meegemaakt. Bestuursverantwoordelijkheid, breuken en weer in de oppositie. Maar in Den Haag is het allemaal wat heftiger. ”

Slob herinnert zich dat het eigenlijk ook al voor de regeringsdeelname van zijn partij gewoon was om de ChristenUnie vanuit een enkel, smal perspectief te bezien. „Kijk hoe er werd gereageerd, als wij bijvoorbeeld kamervragen stelden over bepaalde media-uitingen. Een ander voorbeeld: toen André Rouvoet het verkiezingsprogramma presenteerde in 2003, was de enige vraag aan hem waarom de partij tegen het homohuwelijk is. Dat was op dat moment volstrekt irrelevant. Het homohuwelijk was al geregeld. Voor het program was geen aandacht.”

Het verzet tegen het homohuwelijk heeft, aldus Slob, ten onrechte aandacht, terwijl het op initiatief van de ChristenUnie was, dat er in het regeerakkoord een passage werd opgenomen over het bestrijden van homohaat.

Slob: „PvdA-leider Wouter Bos prees ons daar uitbundig voor op het congres waar de PvdA besloot tot regeringsdeelname. Voor die lof en voor de inzet van mijn partij, is weinig aandacht geweest. Het vooroordeel en het wantrouwen hinderen ons, dat is duidelijk. Terwijl wij liever bezig zijn met het uiteenzetten van ons christelijk-sociaal profiel. Vreemd dat een sociaal profiel op zoveel venijn stuit als het uit een christelijke overtuiging gemotiveerd wordt.”

Toch blijft de conclusie mogelijk dat de ijver van de ChristenUnie geleid heeft tot een schot in eigen voet. Met ambtenaren die het sluiten van een homohuwelijk niet met hun geweten in overeenstemming kunnen brengen, waren, incidenten daargelaten, tot voor kort weinig problemen. Gemeenten losten de zaak pragmatisch op. Tot er een passage in het regeerakkoord werd opgenomen, die gewetensbezwaren erkende en waarin passende initiatieven werden aangekondigd, mochten gewetensbezwaarde ambtenaren in de knel komen.

Sindsdien zijn tal van gemeenteraden ertoe overgegaan uit te spreken dat elke ambtenaar van de burgerlijke stand een homohuwelijk moet sluiten. In Smallingerland moest een wethouder van de ChristenUnie terugtreden als ambtenaar van de burgerlijke stand, omdat hij dat weigerde. De ChristenUnie heeft slapende honden wakker gemaakt.

„Absoluut niet”, meent Slob. „Het vorige kabinet, waar ook de zo libertaire D66 in zat, had in het regeerakkoord eenzelfde passage. Daar hoorde je niemand over. Blijkbaar wordt de CU als het om gewetensvrijheid gaat meer gewantrouwd dan D66.”

„We wilden per se zo’n passage. Er lag immers een motie van het toenmalige PvdA-Kamerlid Timmer, waarin het gewetensbezwaar niet erkend werd. Zonder deze afspraak was de stemming over deze zaak een vrije kwestie geworden. Dat wilden we voorkomen. Niemand kon voorzien dat de passage zoveel los zou maken. Er wordt nodeloos gepolariseerd.”

Slob vervolgt: „Want vergis je niet. Je kunt het probleem wel weg definiëren door te zeggen dat een ambtenaar altijd de wet moet uitvoeren, het verdwijnt daardoor niet. En niet alleen bij ambtenaren van de burgerlijke stand. Bij allerlei overheidsinstanties kan het probleem ontstaan. Bij de IND of waar dan ook. Dan is het goed om erover te discussiëren. Je zult altijd naar de specifieke situatie van een losstaand geval moeten kijken. Een ambtenaar kan ook van mening veranderen, dus het argument dat ambtenaren die nu binnenkomen weten waar ze aan toe zijn, gaat ook niet op.”

Zou Slob dan, om de goede wil van de ChristenUnie te tonen, de Antilliaanse eilanden, die straks Nederlandse gemeente worden, willen verplichten het homohuwelijk mogelijk te maken?

Slob: „Dat is een andere situatie. Bij het akkoord daarover is afgesproken dat niet alle Nederlandse wetgeving onmiddellijk hoeft te worden toegepast. Ik laat het aan de regeringen over of zij daar het homohuwelijk ook onder rekenen. Iets anders is het met de uitspraak van de Raad van State, dat een Antilliaanse gemeente een elders gesloten huwelijk tussen mensen van gelijk geslacht moet erkennen en registreren. Dat is zo.”

Slob kan redelijk rustig blijven onder alle kritiek nu zijn partij regeringsverantwoordelijkheid heeft. „Ik moet dan wel veel meer zaken uitleggen nu, maar ik merk ook bij bezoeken in het land positieve respons, en niet alleen van onze achterban.” Hij memoreert: „We gaan in de peilingen ook nog steeds omhoog, dat is toch opvallend. Ik denk dat het wel meevalt met de afkalvende steun voor deze coalitie. De negatieve discussies kunnen ons niet afleiden. We zijn zeven weken bezig en we zijn van plan de vier jaar vol te maken.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden