Van sportgod tot dopingzondaar

Het is moeilijk balanceren tussen erepodium en schavot. ( FOTO ANP) Beeld
Het is moeilijk balanceren tussen erepodium en schavot. ( FOTO ANP)

Het eind van de dopestrijd is niet in zicht door de grote belangen in de miljardenbusiness van topsport.

Voor de liefhebbers van het theater van de sport is het weer smullen geblazen deze zomer. De ene na de andere dopingrel krijgen we in de media voorgeschoteld. Het strijdtoneel lijkt overzichtelijk met duidelijk gemarkeerd Goed tegen Kwaad. Maar niets is minder waar. De dubbele moraal druipt er vanaf. Topsporters kunnen slikken en prikken wat ze willen. Zolang ze schoon worden bevonden en de dopingdans weten te ontspringen worden ze als goden aanbeden in het internationale sportcircus. Maar eenmaal betrapt zijn pek en veren hun deel. Dan worden ze als criminelen afgevoerd.

De afgelopen weken konden kampioen turnen Yuri van Gelder, wielrenner Thomas Dekker, schaatsster Claudia Pechstein en haar landgenote amazone Isabell Werth aanschuiven in de lange rij van gevallen helden. Met overgave zijn ze aan de publieke schandpaal genageld. Met alleen hun advocaat als bondgenoot vechten ze een bij voorbaat verloren strijd om eerherstel. Van rolmodel worden ze gedegradeerd tot dopingzondaar en schlemiel. De gevallen ster van defensie, Yuri van Gelder, die nu als cocaïnejunkie te boek staat, spant in dit opzicht de kroon. Hij raakte in een zucht en een snik zijn hele sportieve en maatschappelijke hebben en houden kwijt.

Ook als topsporters, zoals in het geval van de Belgische wielrenner Tom Boonen, die ook cocaïne heeft gebruikt, met de schrik vrijkomen en officieel worden gerehabiliteerd heeft het hakblok zijn werk gedaan. Waar rook is, is immers vuur. En met de nieuwe mogelijkheden van dopingjagers om bloed- en urinestalen met terugwerkende kracht te analyseren liggen topsporters als moderne gladiatoren permanent aan de ketting; schuldig tot het tegendeel is bewezen.

Topsport is hard, verblindend en meedogenloos. Alleen winnen, zonder positieve dopinguitslag, telt. Met de nieuwste ontwikkelingen in wetenschap en technologie presteren sporters steeds een beetje beter. In de jacht op roem, geld en macht worden alle middelen in de strijd geworpen. Talent, intelligentie en doorzettingsvermogen maar ook misleiding, verraad en omkoping maken hier deel van uit. En daarmee is topsport de voortzetting van politiek en economie met andere middelen.

In topsport gaat het mondiaal op jaarbasis om meer dan 100 miljard euro aan reclame, sponsorgeld en salarissen voor sporters. Als commercieel uithangbord voor wereldmerken als Coca-Cola en Nike en als vertegenwoordigers van olympisch machtsvertoon, geven topsporters kleur aan de samenleving. Het zijn deze politieke en economische belangen die zorgen voor de nodige olie op het magische sportvuur en het motto van de Olympische Spelen ‘citius, altius, fortius’, oftewel sneller, hoger, sterker. Diezelfde belangen zorgen er ook voor dat het eind van de dopestrijd niet in zicht komt.

Het spel en de knikkers kunnen niet zonder de dopingjagers maar ook niet zonder doping. Goed kan niet zonder kwaad. Dopinggebruik met wortel en tak uitroeien klinkt heldhaftig, maar betekent uiteindelijk economische zelfmoord voor de topsport. Met de nieuwe genetische mogelijkheden in het verschiet wordt de dopingjacht alleen maar complexer en duurder. Bovendien drijft het mondiale sportcircus op de magie van sneller, hoger en sterker én van het duivelse trapezewerk tussen erepodium en schavot. Gokspelen zijn lucratief en verslavend en dat is niet anders met het gokken met doping en wel of niet betrapt worden. De wereldwijde kijkcijfers van de Tour de France en de Olympische Spelen zijn het afgelopen decennium exponentieel toegenomen. Niet voor niets verklaarde de voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité Jacques Rogge eind 2008 dat doping in de sport onuitroeibaar is.

Hoe nu verder? Cynisch doormodderen of toch een poging wagen om te laveren tussen de bierkaai van ‘vrijheid, blijheid’ en de guillotine van zero-tolerance op het gebied van doping? Ik kies voor een radicale middenpositie. Het is hoog tijd voor een nieuwe en duurzame benadering van doping. Daarin zijn prestatiebevordering en fair play onbruikbare beoordelingscriteria. Alleen de gezondheid van de sporter telt. Topsport is per definitie ongezond en het is aan de sportarts om dit toch in goede banen te leiden. Artsen hebben in de afgelopen decennia niet voor niets een centrale positie verworven in de verzorging van topsporters. Ze dienen voor de gezondheid van de atleten ook de verantwoordelijkheid te nemen en te dragen. Maar sportartsen moeten dan wel een duidelijk herkenbare professionele rol en positie krijgen, inclusief een controleerbaar takenpakket, dat enkel het medisch belang dient. Sportartsen hebben de taak om een atleet zo fit mogelijk te laten verschijnen aan de start van de wedstrijd, de gezondheid van diezelfde atleet te bewaken en indien nodig op medisch advies uit te sluiten van de competitie.

Nu wordt dit vooral gezien als de achilleshiel van de sportgeneeskunde. Het zou gaan om een verraderlijke spagaat. Sportartsen krijgen het verwijt bij de voorbereiding op de wedstrijd en het oplappen ná de wedstrijd nogal eens grensoverschrijdend te werk te gaan. Met andere woorden: Het uitschrijven van herstelbevorderende medicijnen en het verlenen van ontheffingen voor middelengebruik zou fraude – lees doping – in de hand werken.

Van belang bij de nieuwe duurzame benadering van middelengebruik gericht op gezondheidswinst en schadebeperking is het waarborgen van een onafhankelijke positie van de sportarts. Hiervoor is een internationaal gereguleerd systeem van checks en balances nodig. De kern hiervan zou moeten zijn zorgvuldige begeleiding, controle en inspectie. Onder leiding van een internationale commissie van sportartsen kan meteen een begin gemaakt worden met het opschonen van de dopinglijst en met het snoeien van de wildgroei aan medische aanvragen voor ontheffingen.

(\N) Beeld
(\N)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden