Van Rijn: 'Geen sprake van uitstellen nieuwe zorgwet'

Op de stoep van de Eerste Kamer bood de FNV gisteren een protestbrief aan. Senator Tineke Slagter (SP, voorzitter van de senaatscommissie volksgezondheid) heeft die in handen, terwijl staatssecretaris Van Rijn zich laat bijpraten door Corrie van Brenk (AbvaKabo). Beeld Werry Crone

Raad van State, Sociaal Cultureel Planbureau, FNV, ja zelfs de organisatie van rijke industrielanden Oeso: allemaal adviseren ze de regering om de overheveling per 1 januari 2015 van onder meer langdurige ouderenzorg, van de AWBZ naar de gemeenten, uit te stellen. Maar staatssecretaris Martin van Rijn van volksgezondheid wil van geen uitstel weten.

Van Rijn heeft de gemeenten aan zijn kant. En vandaag zal blijken dat na de Tweede Kamer ook in de Eerste Kamer een meerderheid (van minimaal VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en SGP) zal instemmen met de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). Spannend is alleen nog wat het CDA zal doen: tegenstemmen, zoals in de Tweede Kamer, of toch voor?

Wat beoogt de wet?
De bedoeling is dat ouderen en gehandicapten die zorg nodig hebben zo lang mogelijk thuis blijven wonen en niet te snel binnen de muren van een instelling belanden.

Deze mensen kunnen vanaf 1 januari geen beroep meer doen op de AWBZ, de volksverzekering voor langdurige zorg. Zij moeten voortaan aankloppen bij de gemeente voor begeleiding en dagbesteding. Huishoudelijke hulp is al sinds 2007 een verantwoordelijkheid van de gemeenten. Deze worden ook verantwoordelijk voor begeleid wonen en opvang van mensen met psychiatrische of psychisch-sociale problemen.

Alleen wie echt 24 uur per dag toezicht en zorg nodig heeft, kan nog terecht in een verpleeg- of verzorgingshuis of een gehandicapteninstelling. Wie nu al in een verpleeg- of verzorgingshuis woont, houdt recht op een plaats daar. Al kan het, zoals is gebleken, wel voorkomen dat hij door sluiting van het verzorgingshuis moet verhuizen naar een ander huis.

Verpleging en de daarmee nauw verbonden verzorging gaan van de AWBZ over naar de zorgverzekeraars. Deze zorg wordt verzekerd in het basispakket. Zorgverzekeraars en gemeenten moeten nauw met elkaar samenwerken om te garanderen dat iedereen de zorg krijgt die nodig is. Wijkverpleegkundigen maken deel uit van die teams. Zij bekijken of iemand doorverwezen moet worden naar een arts.

De ontmanteling van de AWBZ en de overheveling van zorgtaken naar gemeenten en zorgverzekeraars gaat met een bezuiniging gepaard: 2,3 miljard in het overgangsjaar 2015. Dat is aanmerkelijk minder dan de 3 miljard uit het regeerakkoord. Onder druk van gemeenten en van de oppositie heeft de regering de bezuinigingen moeten verzachten. Daarenboven werd gisteren 75 miljoen aangekondigd om de ergste pijn van de bezuiniging op huishoudelijke hulp te lenigen.

Gevolgen voor zorgvragers
Wie voor zorg aanklopt bij de gemeenten krijgt een ambtenaar over de vloer voor een keukentafelgesprek. In dat gesprek wordt eerst in kaart gebracht wat familie en de sociale omgeving kunnen betekenen. Op mantelzorgers zal een zwaar beroep worden gedaan. Pas daarna wordt bekeken of en wat de gemeente kan doen.

Bij het proces van aanvragen van de zorg heeft de cliënt recht op cliëntondersteuning. Zo'n ondersteuner is in dienst van de gemeente, maar toch hoort hij onafhankelijk van zijn baas te opereren.

Wie het aanbod van de gemeente niet zint, heeft het recht zijn zorg zelf te regelen via een persoonsgebonden budget. Maar dat moet wel goed worden gemotiveerd.

Uiteraard behoort een beroep op de rechter tot de mogelijkheden.

Bij het bepalen of iemand voldoende mogelijkheden heeft om zijn zorg zelf te regelen mag de gemeente niet naar het inkomen of vermogen kijken. Ook niet naar dat van de kinderen. Maar wel mag de gemeente een eigen bijdrage vragen. En die kan net zo hoog zijn als de geleverde zorg kost. Vooral het CDA hikt zwaar aan tegen deze eigen bijdrage, die gecombineerd met andere eigen bijdragen en het eigen risico in de zorgverzekeringswet, vooral de middeninkomens zwaar zou treffen.

Gevolgen voor werknemers
De overhevelingen heeft ernstige gevolgen voor werkers in de zorg, zegt de FNV. De vakcentrale spreekt van 100.000 ontslagen, niet alleen in de langdurige zorg, maar ook in de jeugdzorg, die ook vanaf 1 januari overgaat naar gemeenten. Staatssecretaris Van Rijn houdt het erop dat de werkgelegenheid in 2015 22.000 volle banen (36.000 personen) lager zal liggen dan in 2013.

Vanaf 2015 neemt volgens Van Rijn de werkgelegenheid weer toe als gevolg van de vergrijzing. Daardoor zou de werkgelegenheid in 2017, aan het einde van deze kabinetsperiode, 15.000 volledige banen lager liggen dan in 2013. Bij deze inschatting is nog geen rekening gehouden met de verzachting van de bezuinigingen die hij met de gemeenten en met de oppositie in december vorig jaar en april dit jaar is overeengekomen. Daardoor zullen er minder banen verloren gaan, suggereert hij. En de 75 miljoen die nu is vrijgemaakt voor de huishoudelijke hulp, zal volgens Van Rijn 10.000 banen redden.

Voorts heeft hij hoge verwachtingen van het sectorplan voor de zorg waardoor 80.000 mensen worden begeleid naar ander werk of worden omgeschoold voor een nieuwe functie binnen de zorg. Zoals eerder al aangegeven wordt een stijgende vraag naar bijvoorbeeld wijkverpleegkundigen verwacht.

Bij het aankopen van zorg moeten de gemeenten Europese aanbestedingsprocedures volgen, zoals nu al bij de huishoudelijke hulp.

In de nieuwe WMO komt een bepaling te staan dat de zorgaanbieder die de opdracht van de gemeente weet binnen te slepen, in overleg moet gaan met de verliezer om het personeel over te nemen. De gemeente moet daarop toezien. En bij het inkopen van zorg moet de gemeente niet alleen letten op prijs, wat altijd ten koste gaat van het personeel, maar ook op kwaliteit.

AWBZ verdwijnt
De enige zorg die na alle overhevelingen overblijft in de AWBZ is de langdurige zorg in instellingen: de verzorgings- en verpleeghuizen, gehandicapteninstellingen, psychiatrische inrichtingen (voor zover het zorg betreft langer dan drie jaar; psychiatrische zorg korter dan drie jaar komt in de zorgverzekeringswet).

AWBZ is de afkorting van 'Algemene wet bijzondere ziektekosten'. Maar over niet al te lange tijd zal Nederland het zonder die vertrouwde term moeten stellen, want de AWBZ verdwijnt. In plaats daarvan komt de Wet langdurige zorg (WLZ), waarin de zorg binnen de muren van instellingen wordt geregeld. Over een paar jaar zal 'WLZ' net zo vertrouwd in de oren klinken als nu 'AWBZ'.

Wanneer de WLZ in werking treedt is onzeker, omdat het wetsvoorstel nog door beide Kamers moet. Het kan zijn dat de beoogde datum van 1 januari 2015 niet wordt gehaald. Dat is, volgens staatssecretaris Van Rijn, geen ramp, omdat er geen grote bezuinigingen aan zijn gekoppeld. Mocht 1 januari niet worden gehaald dan zal hij de AWBZ in afgeslankte vorm voortzetten, tot de WLZ wel door het parlement is aanvaard.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden