Van opvang naar opvang, en overal ruzie

De verdachte - van Iraakse komaf - heeft net iets naar de officier van justitie geroepen. Hij maakte er een driftig gebaar bij. Het is even stil. De tolk kijkt naar de officier, een verontschuldigende blik in zijn ogen. En besluit dan toch maar te vertalen. Met zachte stem, dat wel.

"Klootzak."

Nog voordat de rechter iets kan zeggen, springt de advocaat van de verdachte op uit zijn stoel. "Hé, hé! Dat doen we niet hier. Denk erom! Je houdt je in. Bied je excuses aan!"

Het is niet de eerste keer dat hij zijn cliënt terechtwijst. De man valt de rechter en de officier van justitie om de haverklap in de reden. Hij maakt zich voortdurend boos. Het ene moment heft hij, luid roepend, de handen ten hemel. Het andere slaat hij zijn handen voor zijn gezicht en beklaagt zich over het grote onrecht dat hem wordt aangedaan. "Mevrouw, mevrouw", wendt hij zich tot de rechter. "Help me toch! Help me! Alstublieft."

Waar hij mee geholpen wil worden, wordt niet duidelijk.

De man - hij lijkt ver in de 70, maar is pas 52 jaar oud - heeft zich volgens de officier van justitie schuldig gemaakt aan een reeks delicten: hij bedreigde de burgemeester, vernielde een deur en een raam in het centrum voor dagbesteding, bedreigde daar een medewerkster, en vernielde tot twee keer toe een ruit in het centrum voor begeleid wonen.

De psychiater die de man op verzoek van justitie onderzocht, kwam tot de conclusie dat de verdachte "uitgebreide psycho-sociale problemen kent op alle levensgebieden". Maar tot een betrouwbare diagnose van de man en een bruikbare uitspraak over zijn toerekeningsvatbaarheid kon de psychiater niet komen. Daarvoor werkte de verdachte niet genoeg mee.

Hij is dakloos, gaat al jaren van de ene opvangplek naar de andere, maakt overal ruzie. Keer op keer heeft de reclassering geprobeerd het leven van de man op de rails te krijgen. Dat is niet gelukt.

Toch moet dat nog een keer geprobeerd worden, bepleit zijn advocaat. "Er zijn makkelijke mensen en er zijn moeilijke mensen. Mijn cliënt is een heel erg moeilijke man. Hij heeft iemand nodig die 'm bij z'n lurven pakt. Iemand die hem genadeloos op z'n donder durft te geven. Die zegt: 'Doe nor- maal of donder op'. Hard aanpakken. Dat heeft hij nodig. Een celstraf helpt hem niet verder."

Dat is wel wat de officier van justitie eist. Negen maanden cel moet de man krijgen, waarvan drie voorwaardelijk. Het is die eis die hem dat zo schroomvallig vertaalde scheldwoord oplevert.

"Wat zou u ervan vinden als de reclassering u nog één keer probeert te helpen om uw leven op de rails te krijgen?", vraagt de rechter aan de verdachte.

De man schudt zijn hoofd.

"Zal ik u dan maar naar de gevangenis sturen?"

De man haalt zijn schouders op.

De rechter legt hem zeven maanden cel op. Het vonnis is haast niet te verstaan. De man schreeuwt er dwars doorheen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden