Van Mierlo keek toe hoe zijn D'66 teloorging

Met het overlijden van Hans van Mierlo is Nederland een van de grootste staatslieden van de twintigste eeuw ontvallen, en met zekerheid de grootste democraat. D66 (toen nog D’66) werd onder zijn vurige leiding meer dan een halve eeuw geleden opgericht als revolutionaire partij tegen de gevestigde orde. Maar de idealistische actiepartij verwerd tot een pragmatische, ja zelfs ondemocratische programpartij.

Als geen ander heeft Van Mierlo zeker in de beginjaren ingezien dat een volksvertegenwoordiger volgens Grondwet en constitutie juist een vertegenwoordiger hoort te zijn van alle inwoners, dus ook van hen die hun stem uitbrachten op een andere persoon of partij; ja zelfs van zijn ergste politieke tegenstanders. Als geen ander vertegenwoordigde Hans nog de ’adel van de geest’, waarvan de teloorgang onlangs scherp is gekritiseerd in de schokkende essay-bundel van Rob Riemen.

De partij van Hans van Mierlo onderscheidde zich van alle andere partijen doordat zij niet zichzelf op de eerste plaats stelde; op die plaats stond niet de partij die het volk vertegenwoordigde, maar het vertegenwoordigde volk zelf, de burger zelf.

Kenmerkend was, dat zij vooral de directe of participatieve democratie predikte, waarin de burger zelf spreekt (en waar mogelijk beslist). De stem van de burger zelf was voor haar belangrijker dan de vervormde stem van deze of gene volksvertegenwoordiger.

Volstrekt onaanvaardbaar voor de oorspronkelijke D’66-er van Hans van Mierlo waren verontwaardigde reacties van volksvertegenwoordigers op ’referenda’ als inzake de kilometerheffing en op het verzet dat de burger durfde te tonen tegen Europa, of het belerend toontje van de gevestigde orde meer in het algemeen dat de burger berispt op zijn verkeerde keuzes.

Bovenaan de actielijst van deze strijdbare partij stonden dan ook doelstellingen als een gekozen minister-president, gekozen burgemeester, referendum (bij voorkeur beslissend) en tal van andere punten van zelfbeschikking door het volk, of zuiverder: de burger. Van Mierlo besefte dat volkssoevereiniteit in wezen menssoevereiniteit behoort te zijn en geen groepssoevereiniteit; geen dictatuur van de meerderheid.

Als dit inzicht zou zijn doorgebroken, kon D’66 zichzelf opheffen: treffender kon niet blijken dat sprake was van een idealistische partij in plaats van een programpartij. Maar al deze doelstellingen zijn mislukt; gesmoord door de gevestigde orde en de heersende politieke partijen.

D’66 werd D66 en is in feite verworden tot OD10: de on-democraten anno 2010 die niet langer een vertegenwoordiger is van iedere burger, doch enkel een ordinaire politieke partij die mikt op de waan van de kiezer. Die haar zetelwinst nastreeft door wat toch echt niet anders mag heten dan een ordinair ’cordon sanitair’. Die zich de kampioen toont van de verdeeldheid van het volk in plaats van de democratie. Die iedere werkelijk openlijke discussie mijdt en in ieder geval onmogelijk maakt dat fundamentele gevoelens van onvrede, die blijkbaar leven onder ook door henzelf te vertegenwoordigen burgers, bespreekbaar zouden zijn zonder aanstonds de discussie te ontlopen wegens toon of vooronderstelde doelstellingen.

Het is de grootste smet op de glansrijke staatkundige carrière van Hans van Mierlo, dat hij zijn partij deze teloorgang van democratie en adel van de geest heeft laten ondergaan zonder daartegen zijn stem krachtiger te verheffen. Aan zijn eigen waarde als staatsman en eerlijk democraat doet dit een afbreuk, die hij persoonlijk niet heeft verdiend. Hij was en blijft onze grootste democraat van de twintigste eeuw.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden