Van Mierlo kan in Israël nog altijd de fiets nemen

AMSTERDAM - De architecten van het gebouw in de Sjeik Djarrah-wijk in Jeruzalem hadden nauwelijks kunnen bevroeden dat hun creatie ooit onderwerp van felle internationale discussie zou zijn, dat zelfs in het verre, koude Den Haag vertegenwoordigers van CDA en RPF er voor op de barricade zouden gaan.

Het Orient House had gewoon een hotel moeten worden. Dat was het ook een tijdje en de Duitse keizer Wilhelm heeft er nog thee gedronken. Maar de afgelopen jaren is de statige mansion meer en meer verstrikt geraakt in de strijd om Jeruzalem. Na een opknapbeurt vier jaar geleden fungeert het als een soort vooruitgeschoven post in Jeruzalem van het Palestijnse bestuur.

In de Palestijnse visie is het Orient House voorbestemd de zetel te worden van de Palestijnse regering in de toekomstige Palestijnse hoofdstad. In de tussentijd dient het als een pseudo ministerie dat de contacten onderhoudt met de buitenlandse diplomaten en de hoge bezoekers uit het buitenland ontvangt, of dat nu de Franse minister Simone Veil, de Turkse premier Çiller of een gezant van de EU is. In feite is het gangbare praktijk dat ministers van buitenlandse zaken van de EU bij een bezoek aan Israël een uitstapje maken naar het 'hoofdkantoor' van de Palestijnen.

Ook Nederland onderhoudt regelmatig contact met het Orient House. Er zitten zelfs twee volwaardige Nederlandse diplomaten in Jeruzalem wier taak het is die contacten met de Palestijnen in het Orient House te onderhouden.

Toen minister Van Mierlo in het kielzog van Hare majesteit in maart vorig jaar Israël bezocht was hij van plan zelf ook een bezoekje aan het Orient House te brengen. Onder druk van de Israëliërs - en om geen smet te werpen op het bezoek van de koningin - zag hij er op het laatste moment vanaf. De ontmoeting met de Palestijnse leider en 'minister voor Jeruzalem-zaken' Faisal Hoesseini vond ten slotte plaats op een 'neutralere' plek, het onderkomen van de twee Nederlandse diplomaten in Jeruzalem.

De activiteiten van het Orient House zijn een doorn in de ogen van Israël, juist omdat het symbool staat voor de Palestijnse claim op (ten minste een deel van) Jeruzalem. Elk buitenlands bezoek wordt dan ook gezien als een steunbetuiging aan de Palestijnse visie en een klap in het gezicht van het Israëlische beleid.

Nog in maart beloofde minister Van Mierlo dat hij bij een volgend bezoek zeker het Orient House zou aandoen. De recente uithaal van premier Peres dat een dergelijk bezoek grievend is voor het Israëlische volk moet voor de Nederlandse bewindsman dan ook als een onaangename verrassing komen. Het is hoe dan ook verwonderlijk dat Peres juist zo fel ageert tegen de Nederlandse gast. Het was altijd Israël dat zelf de mythe van die fantastische Nederlandse steun aan Israël met alle geweld in stand heeft gehouden - ook al kwamen de loftuitingen Nederland niet altijd toe.

Dat de Nederlandse ambassade indertijd in Jeruzalem terecht kwam - terwijl de andere Westeuropese landen in Tel Aviv zaten - was puur een gevolg van de uitgesproken voorkeur van de toenmalige Nederlandse ambassadeur. Dertig jaar later, in 1980, bracht dit Den Haag in een lastig parket. Israël nam een wet aan waarmee het het in 1967 veroverde (Arabische) Oost-Jeruzalem annexeerde. Daarop riep de Veiligheidsraad alle VN-leden met een ambassade in Jeruzalem op die daar weg te halen. Den Haag kon niet terugvallen op een gemeenschappelijke stellingname van de EG, want de andere Europese landen zaten al in Tel Aviv. De aanvankelijk heldhaftige woorden van premier Dries van Agt ten spijt, gehoorzaamde Nederland ten slotte aan de VN-oproep. Overigens hadden de ambtenaren op het ministerie van buitenlandse zaken de ambassade al verplaatst, nog voor het parlement zich hierover had uitgesproken.

In wezen deed de Nederlandse verhuizing niets af (en voegde ook niets toe) aan het Nederlandse standpunt. Den Haag heeft de aanspraak van Israël op geheel Jeruzalem nooit erkend, net zo goed als het indertijd ook nooit de annexatie van Oost-Jeruzalem door Jordanië heeft erkend en het zich ook nooit officieel heeft uitgesproken over de Palestijnse aanspraak.

Premier Sjimon Peres mag het dan nodeloos grievend hebben genoemd, een niet-gaan zou evenzeer als nodeloos grievend kunnen worden opgevat door Palestijnse zijde. De uitspraak van Peres lijkt veeleer ingegeven door binnenlandse beweegredenen. Dit voorjaar beginnen de onderhandelingen over de uiteindelijke status. Dan komt ook Jeruzalem aan bod. Bovendien is het verkiezingsjaar in Israël. Als er nog één taboe over is in de Israëlische politiek dan is het wel Jeruzalem en het belang van die stad voor het Joodse volk. Hoewel ook daar voorzichtig aan geknaagd wordt. Van Mierlo kan zich er op beroepen dat ook in Israël zelf de discussie langzaam op gang komt. Nog deze week sprak minister Beilin - een protégé van Peres - zich uit voor een bestuurlijke verdeling van Jeruzalem in deelraden, waarbij de Palestijnen een beperkte autonome status krijgen.

Mocht ook dat argument niet helpen en dreigt Israël de zaak op het spits te drijven, dan kan de Nederlandse minister nog altijd de fiets nemen en bij de Israëlische wegversperring die oude foto tonen uit de dagen van de oliecrisis met de koningin op de fiets. In Israël opent de herinnering aan dat 'heldhaftige eigenzinnige Nederlandse optreden' nog altijd alle deuren.

- Pagina 9: Ons commentaar

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden