Van Joop Zoetemelk mocht de Tour ook vijftien weken duren

Pfft, pfft, was over het algemeen de lijfspreuk van Joop Zoetemelk. Verkeerde hij in een spraakzame bui, dan was Parijs onveranderd ver. Zestien Rondes van Frankrijk lang, waarvan hij er één won en zes als tweede beëindigde.

Parijs mocht dan in de belevingswereld van Zoetemelk pas aan de horizon opduiken als hij op de laatste zondag voor de eerste keer de Champs-Elysees opdraaide - en dan nóg kon er van alles misgaan - met weerzin tegen het altijd maar weer afzien op de fiets had het niets te maken. ,,Als je morgen tegen Joop zou zeggen dat de Tour de France geen drie maar vijftien weken duurt, dan zal hem dat niets uitmaken'', sprak zijn ploeggenoot in 1980, Jan Raas, destijds in Vrij Nederland.

Zoetemelk had de lichaamsbouw van een duursporter. Hij kon doorgaan waar anderen de uitputtingsgrens allang hadden bereikt. En hij was bezeten van het wielrennen. Iets anders bestond er voor hem niet. Alles week er ook voor. Anekdotisch is het auto-ongeluk bij Parijs waarbij hij betrokken raakte. De wagen was total loss, zijn arm moest op vier plaatsen worden gehecht, zijn vrouw liep enkele gekneusde ribben op, maar het eerste wat Joop deed was zijn schoonvader (in Frankrijk) bellen met het verzoek hem naar het vliegveld te rijden. Vervolgens toetste hij het nummer van zijn vader in Rijpwetering in. Of die met een auto klaar wilde staan op Schiphol. Want hij moest die bewuste dag na de Tour een criterium in Egmond rijden.

Het leest als de profielschets van een alles opofferende Belgische meesterknecht, maar het is in werkelijkheid het signalement van een kopman; een ronderenner die niet alleen de Tour de France, maar ook de Vuelta op zijn erelijst heeft staan. Als leider kende Zoetemelk dan ook zijn gelijke niet. Nooit sloeg hij met de vuist op de eettafel, vol schaamte en schuldgevoelens gaf hij zijn helpers opdrachten. Hij ging meer voor zijn ploeggenoten door het vuur dan andersom. Als berekenend renner had hij buiten het peloton het 'charisma' van een wieltjeszuiger. Daarbinnen kende hij alleen maar vrienden. Niemand haalde het in zijn hoofd de Nederlander te 'flikken'.

Daarvan trok hij in de Tour de France van 1980 profijt toen hij, rijdend in de gele trui, in de klim naar de Alpenreus Pra-Loup door een botsing met Johan van der Velde onderuit ging. Niemand kwam op het idee te demarreren. Niemand beantwoordde in 1985 in Italië ook de draak van een ontsnapping, die hem dat jaar, als kennelijke waardering voor zijn gehele oeuvre, de wereldtitel opleverde.

Zoetemelk werd in 1969 prof in Franse dienst en was al vijf maal tweede geweest, toen Peter Post hem voor het seizoen 1980 inlijfde. De ploeg was gemaakt om de Zuid-Hollander aan de tweede Nederlandse Tourzege te helpen. Er was echter één probleem: Zoetemelk zelf. In februari brak hij zijn sleutelbeen en herstelde daarvan maar moeizaam. Het voorseizoen liep zodoende uit in een fiasco. Het zieke lijf kon niet eens het Nederlands kampioenschap, kort voor de Ronde van Frankrijk, aan.

Parijs was verder weg dan al die keren ervoor. Bovendien stond op voorhand de winnaar al vast: Bernard Hinault. De Breton hield huis in Frankfurt, waar het circus zijn tenten het eerst opsloeg, en nam op de door hem verfoeide kasseistroken in Noord-Frankrijk meer dan vier minuten voorsprong op Zoetemelk. Hij had niet alleen de slag gemist, Raas en Knetemann lieten ploegleider Post fijntjes weten dat ze het vertrouwen in hem opzegden. Post kon moeilijk anders doen dan dat gegeven te accepteren.

Het werd Zoetemelk op hardhandige wijze duidelijk gemaakt in de ploegentijdrit. Raas had besloten dat de renners er het gemak van zouden nemen. De gevallen kopman moest een tijdje machteloos aan een touwtje bungelen. Toen na twintig minuten de achterstand hopeloos leek, gaf de Zeeuw het sein: rijden! De vonken spatten er van af. Post won, de traditie getrouw, gewoon de ploegentijdrit. Zoetemelk zag ineens de vorm groeien, Hinault kreeg steeds meer last van zijn knie, die hij in de met slecht weer verreden 'kasseienetappe' had geforceerd. Hij verloor in de individuele tijdrit in Laplume 1,39 minuut op de Nederlander en gaf een dag later op.

Zoetemelk werd in zijn tiende Tour ineens de uitgesproken favoriet voor de eindzege. Hij hield, met hulp van een ijzersterke ploeg, stand in de slotweek. Het werd trouwens de beste Tour ooit voor het Nederlandse wielrennen: Post won elf etappes, achter Zoetemelk eindigde Hennie Kuiper als tweede en won Johan van der Velde de witte trui van het jongerenklassement. Alleen Tourbaas Jacquet Goddet had zo zijn twijfels. In een commentaar in L'Equipe stelde hij dat mannen in witte jassen, in het laboratorium, zouden bepalen of Zoetemelk inderdaad de beste was.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden