Naschrift

Van jongs af aan was Evert Douwes (1928-2019) omringd door kunst

Evert Douwes aan het restaureren Beeld Dana Ploeger

Van jongs af aan wist Evert Douwes zich omringd door kunst. Niet alleen zijn vader, ook zijn grootvader en overgrootvader waren handelaren in schilderijen, veelal van oude meesters. En ze heten nagenoeg allemaal Evert, hij was officieel Evert VI.

Het familiebedrijf Douwes Fine Art werd opgericht in 1770 en begon als restauratiebedrijf, gespecialiseerd in de imposante plafonds van Amsterdamse grachtenpanden. Zijn voorvader begon met het verhandelen van kunstwerken en zo werd het bedrijf een kunsthandel.

Everardus Josephus Maria Douwes werd in 1928 in Londen geboren als oudste zoon van Evert Douwes en operettezangeres Gonnie Vogt. Ze woonden in die jaren in Engeland, want wilde je meetellen in de kunsthandel dan moest je in Londen zijn: het Mekka van de kunstwereld. Evert kreeg nog twee broers en een zusje. De opkomst van het fascisme en de moeizame economische omstandigheden noopten het gezin terug te verhuizen naar Bussum, waar hij een vrije opvoeding genoot. Met name zijn moeder was ruimdenkend en zorgde voor veel gezelligheid met haar zang en muziek. Zijn oudere vader kon nog weleens nors en streng zijn, iets waar Evert soms last van had. Evert was sportief, hockeyde graag en had veel vrienden. Hij was gewend om te gaan met mensen uit gegoede kring, bij hen thuis kwamen kunstverzamelaars en andere welgestelde families over de vloer. Het lag geheel in de traditie dat hij op zijn twaalfde naar een internaat ging - later zou hij ook zijn eigen vier kinderen naar kostschool sturen. Dat hoorde erbij, hij had er een gouden tijd. Grappen maken, de boel op stelten zetten, het paste bij de zonnige Evert.

Restaureren

Het moment waarop Evert in de zaak kwam, was net na de oorlog. Hij had in de jaren daarvoor als tiener gezien hoe kunst ook een eerste levensbehoefte kon zijn. Vader Douwes ruilde wat schilderijen voor een koe, die het gezin, vele vrienden en buren een jaar lang voorzag van melk en later vlees. Kunst was überhaupt aan Evert besteed, hij hield van schoonheid en ontdekte in die eerste werkjaren de vreugde van het minutieus restaureren. Hij ging kunstgeschiedenis studeren en leerde het vak van zijn vader.

Evert Douwes op latere leeftijd. Beeld Dana Ploeger

Evert bezat talent voor het herkennen van monogrammen en signaturen van schilders. In die naoorlogse jaren werden geregeld onbekende doeken ontdekt van grote meesters. Zo restaureerde Evert eens een kunstwerk van landschapsschilder Johannes Schoeff en zag hij aan het monogram dat het eigenlijk een doek van Jan van Goyen betrof. Een mooie vondst. Dat overkwam hem geregeld. Zelfs op zeer hoge leeftijd haalden zijn zoons, die ook in het bedrijf stapten, Evert sr. erbij als ze twijfelden over de herkomst van een kunstwerk. Hij had een scherp oog voor detail. Zijn persoonlijke passie waren de Europese oude meesters en de negentiende-eeuwse Franse schilderkunst.

Maar Evert was er het type niet naar om dag in dag uit in de restauratiewerkplaats te zitten. Daarvoor was hij te dynamisch, creatief en inventief. Hij hield van ondernemen en nam op zijn 27ste de zaak over van zijn vader. Dat was geen sinecure, hij was nog een broekie in die gevestigde kunstwereld en wilde het graag op zijn eigen wijze doen.

Hij wilde afstand nemen van de zakelijke aanpak van zijn stuurse vader en geloofde erin dat juist door verbinding te maken met andere kunsthandelaren en verzamelaars de zaken beter zouden lopen. Hij reisde stad en land af in die tijd, organiseerde partijen en tentoonstellingen waar hij, altijd gekleed met vlinderdas, bezoekers trakteerde op boeiende historische kunstverhalen.

Evert moest eraan wennen dat vanaf de jaren zeventig mensen kunst niet alleen kochten omdat ze het mooi vonden, maar vaak ook als investering. Bij de komst van veilinghuizen, waarbij geld leidend was, had hij zo zijn bedenkingen. Als antwoord introduceerde hij moderne kunstbeurzen, juist ook om beginnende liefhebbers te blijven bedienen. Zo was hij in 1975 medeoprichter van Pictura - voorloper van de internationale Tefaf-beurs in Maastricht - en werkte hij in de jaren tachtig mee aan de komst van PAN Amsterdam.

Zoenen

Evert deelde zijn leven met Nelleke Huf, een nicht van fotograaf Paul Huf. Zij kwam als dochter van hun bevriende huisarts geregeld bij zijn ouders op visite. Hoewel ze wat bedeesder was dan de kleurrijke Evert pasten ze goed bij elkaar. Hun huwelijk hield 66 jaar stand, hij was dol op Nelleke en toonde zijn liefde gerust door haar in het openbaar te zoenen.

Nelleke en Evert waren een sterk duo; zij werkte zo'n dertig jaar mee in de zaak, zat achter de receptie in het pand aan het Amsterdamse Rokin, belde met klanten en was het gezicht naar buiten. Het stel kreeg vier kinderen: Evert jr., Erick, Peter en Pia. Hij was dol op zijn gezin, al kon hij in die beginjaren niet zo vaak thuis zijn als hij had gewild.

Familieportret met links vooraan de jonge Pia Douwes. Beeld Dana Ploeger

Hij moest geregeld naar Londen en was dan gerust een week of twee van huis. Hij was altijd geïnteresseerd in zijn kinderen en hielp hen graag. In de jaren dat zij op het internaat zaten, reed hij vaak genoeg vanuit Amsterdam naar Limburg om ze op te halen voor een vrij weekend. Urenlang zat hij in de auto, hen altijd grappige verhalen vertellend. Toch kon hij ook ongeduldig zijn. Zijn vrolijke humeur sloeg soms om in een driftbui. Ook in het werkveld zat die eigenschap hem soms dwars. Daarbij hield hij niet van politieke spelletjes; als hij merkte dat klanten of handelaars hem belazerden, was hij flink van slag.

Voor zijn persoonlijke verdieping mocht Evert graag lezen en was hij lid van een religieuze discussiegroep. Verder was hij de man van het grote genieten: vakanties, hun tweede huis in het Friese Sint Nicolaasga, diners, musea bezoeken, hij omringde zich graag met schoonheid en gezelligheid. Het liefst legde hij alle activiteiten vast met zijn fototoestel en later videocamera. Die hobby zorgde ervoor dat zijn foto- en diabibliotheek met honderdduizenden afbeeldingen werd uitgebreid.

Musicals

Na zijn pensioen (al was daar nooit echt sprake van, want hij bleef tot voor kort betrokken bij het bedrijf) werd hij actief als filmer van de musicaloptredens van zijn dochter Pia. Hij filmde keer op keer alle repetities en zo konden de musicalsterren terugzien wat er mis of goed ging en hoe zij hun spel en zang nog verder konden ontwikkelen. Zo zag hij 153 keer 'Cats' en 43 keer 'Evita'. Het werd zijn tweede carrière en wanneer hij een unieke voorstelling ontdekte in het buitenland, belde hij gerust Joop van den Ende op om hem te overreden die musical naar Nederland te halen.

Nelleke vergezelde hem bij alle voorstellingen van Pia, en altijd lieten ze een kistje mandarijnen achter in de kleedkamer. Het leverde hen de bijnamen PapaPia en MamaPia op.

Evert Douwes met zijn vrouw. Beeld Dana Ploeger

Alzheimer en Parkinson

Zijn aandacht ging niet alleen uit naar zijn beroemde dochter, al had hij wel de meeste zorgen over haar, zeker toen ze twee jaar geleden een burn-out kreeg. Hij was evenzogoed trots op Peter die directeur werd van het Oranje Fonds, in hem herkende hij zijn eigen charitatieve instelling. En toen Erick in zijn hippieperiode maar niet kon ontdekken waar zijn talenten lagen, zorgde Evert voor een plekje in het bedrijf. Dat Erick zeker zo kundig was in het restaureren van schilderijen als zijn vader, kon Evert toen niet bevroeden. Dat stemde hem gelukkig. Net als de komst van een van zijn acht kleinkinderen, Evert-Antony: de achtste generatie Douwes in het bedrijf.

Verdriet was er ook, zoals bij de dood van zijn schoondochter Ingeborg, die op 38-jarige leeftijd overleed. Ze sprongen toen bij in het jonge gezin van zijn oudste zoon. En de laatste jaren kampten Nelleke en hijzelf met fysieke tegenslag. Als iemand vroeg hoe het hem verging, zei hij: “We hebben twee nieuwe vrienden deze dagen, ze heten Alzheimer en Parkinson en met zijn vieren hebben we een geweldige tijd." Altijd die humor, de kwinkslag.

De laatste jaren zorgde hij voor Nelleke en probeerde ook zijn eigen ziekte te accepteren. Dat vond hij moeilijk. Alles ging trager en zijn lichaam wilde niet meer functioneren, zoals hij voor ogen had. Zijn hoofd bleef tot op het laatste moment bruisen.

Everardus Josephus Maria Douwes werd geboren op 20 december 1928 in Londen en overleed op 6 maart 2019 in Amsterdam.

Hij zette een persoonlijk stempel op de Nederlandse kunsthandel. Door zijn restauratiewerk, maar ook door het familiebedrijf uit te bouwen tot een van de toonaangevende kunsthandelaars.

Trouw beschrijft het leven van onlangs overleden heel gewone of bekende mensen. Heeft u zelf een tip voor Naschrift? Mail ons via naschrift@trouw.nl. Lees meer naschriften op trouw.nl/naschrift.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden