Review

Van het Reve toont een heel ander soort jongen Hugo Brandt Corstius herleest ’Werther Nieland’

Elmer is géén sympathiek, moedig, slim kereltje. Elmer kwelt zichzelf en anderen: meisjes, spinnen, planten. ’Werther Nieland’ is niet voor kinderen.

Een jongen van elf jaar beschrijft een paar weken uit zijn leven. Het is geen aardige jongen. Sadistisch, gek, eenzaam, ongelukkig, dat zijn maar vier woorden. De werkelijkheid is erger. Daar zijn geen woorden voor, maar de 26-jarige Gerard-Kornelis van het Reve wist ze toch te vinden.

De naam van de hoofdpersoon, die ook de ik-persoon is, en die ook de schrijver is, luidt Elmer, maar zijn verhaal heet Werther Nieland. Dat is een jongen uit de buurt van wie Elmer hoopt dat hij zijn vriend kan worden. Gedurende het hele verhaal is het beroerd weer, maar als Elmer tegen Werthers vader zegt: ,,Ik ben een vriend, geloof ik’’, dan breekt op dat moment de zon door.

Elmer is doodongelukkig, maar dat schrijft hij niet op. Over schrijven kan hij slechts ironisch schrijven. Passages als ’de stilte zeilt als een schip’ of ’de middag spoedt ten einde’ zijn, schrijft hij, citaten uit boeken die hij las. Hij schrijft zelf veel op, brieven en clubreglementen, maar verstopt, verbrandt of verorbert die schrijfsels.

Elmer is agressief tegen dingen, planten, dieren, mensen. Hij mishandelt muurpleister, een goot, een ruit. Hij breekt en hamert ribes-takken, gouden regen, paddestoelen, herfstasters. Er komt zelfs een, door mij nooit elders aangetroffen, schitterende beschouwing over het martelen van planten.

Het mishandelen van dieren wordt zo frequent en grotesk dat je niet weet hoeveel overdrijving en ironie eraan te pas komt. Stekelbaarsjes worden met een mes onthoofd, een dode spreeuw wordt gebraden, mussen met keien bekogeld, eenden met een windpistool beschoten, een tor vertrapt, een kat in een koffer opgesloten, een kat in een doos van een trap geschopt, een hooiwagen verbrand. Daarbij zijn de duw tegen een meisje en een botsing tegen Werther nog onschuldig.

Het verhaal heet niet Elmer maar Werther. Elmer wil een vriend hebben. Hij richt clubs op, zoals jongens van elf dat doen, maar bij hem gaat het zo absurd en dictatoriaal toe dat geen jongen er lid van wil worden. Dan worden ze direct tot spion of vijand verklaard.

Het verhaal, uit 1949, doet in stijl en inhoud denken aan ’De Avonden’ uit 1947. De stijl is ’eerlijk’, hard en ironisch. Alles wordt afgekamd en vervelend bevonden. ’De Avonden’ en ’Werther Nieland’ bestaan uit een serie bizarre gebeurtenisjes uit het leven van een wanhopige onvolwassene tussen hopeloos uitgebluste volwassenen.

Terwijl ’De Avonden’ vlak na de oorlog speelt, voltrekt ’Werther Nieland’ zich vóór de oorlog, in het Amsterdamse Betondorp, en het overtreft ’De Avonden’ in de krankzinnige gedachten en daden van de hoofdpersoon. Bij de twintigjarige kennen we de beschreven wanhoop, verveling en pesterij misschien nog uit eigen herinneringen, bij de elfjarige is het nieuw in de literatuur. Daarom schrikken we er meer van en lachen we er minder om.

De hoofdpersonen in de vier boeken over jongens die ik eerder deze maand de revue liet passeren, waren alle vier sympathieke, moedige, dappere, slimme kereltjes die braaf en verstandig reageerden op de schandalige maatschappijen waarin ze geboren werden en opgroeien. Of Elmer al die goede eigenschappen heeft, horen we niet, maar we betwijfelen het ten sterkste. Terwijl ik de belevenissen van Wouter, Jaapje, en Kees met plezier aan een elfjarige lezer zou geven, aarzel ik bij Elmer. ’Werther Nieland’ is absoluut geen kinderboek. Het is voor mij het beste boek dat Reve geschreven heeft en elke keer als er bewonderend wordt gesproken over waardeloze titels zoals ’Bezorgde Ouders’ of ’De Vierde Man’ moet ik mij beheersen om niet uit te schreeuwen: ,,Maar ken je ’Werther Nieland’ wel?’’

Boeken als ’Woutertje Pieterse’, ’Jaapje’, ’Kees de jongen’, ’Merijntje Gijzen’s jeugd’ zullen in de komende eeuw nog bij tientallen verschijnen, in Nederland en in de wereld. Schrijvers herinneren zich hun jeugd en schrijven die mooi op. Die boeken over jongens zijn het brood of de aardappelen van de literatuur. Maar een boek als ’Werther Nieland’ komt er nooit meer. Dat is het ambrozijn of duivelskruid van de literatuur, gerechten waar je maar één keer aan mag ruiken, en die eigenlijk niet echt bestaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden