Van echte recessie - economische krimp - is geen sprake

Wat er ook mis is in Italie, de economie blijft maar groeien. 's Werelds vijfde economische mogendheid heeft een onverwoestbare industrie.

GERBERT VAN LOENEN

De Europese industrie heeft Italie dan ook nodig, net zoals de Europese Gemeenschap niet verder kan zonder Rome. Optimisme dus bij Confindustria, want een Europa met twee snelheden, een noordelijke kopploeg waar Italie niet aan mee mag doen, ligt niet in de rede.

Op korte termijn al hoopt de Italiaanse industrie de uitvoer naar Duitsland fors op te kunnen voeren dankzij de devaluatie van de lire in september. "Nog eens 5 biljoen lire (6,5 miljard gulden) extra export naar Duitsland moet mogelijk zijn" , zegt Galdi. "De uitvoer moet omhoog om de daling van de binnenlandse vraag te compenseren."

Produktiedaling

In november, meldt Confindustria, daalde de industriele produktie 5 procent. Dat is erg veel, maar de devaluatie biedt hoop: de export, en daarmee de industriele produktie, zal spoedig weer gaan toenemen nu het Italiaans produkt in guldens of D-marken uitgedrukt opeens zo'n 16 procent minder kost.

Zo slecht gaat het trouwens niet in Italie. Terwijl er toch een ernstige politieke crisis is, tegelijk met een ontluikende recessie in Europa, blijft Italie verbazingwekkend dynamisch. Voor volgend jaar wordt een economische groei verwacht van rond de 1 procent. Dat is eigenlijk heel veel, in een jaar dat de overheid 93 biljoen lire (121 miljard gulden tegen de huidige koers) gaat bezuinigen. De omvang van die bezuiniging is gelijk aan zes procent van het nationaal produkt.

Toen Nederland tijdens de economische recessie van 1981/1982 begon met echt saneren, volgden zeven magere jaren. De beloning bleef niet uit: Nederland staat er nu veel beter voor dan bij de laagconjunctuur van 1982. Daarvoor heeft het wel een prijs betaald: gedurende de jaren 1980-1992 was de economische groei in Nederland slechts 1,8 procent per jaar, stukken lager dan het gemiddelde groeicijfer van de westerse industrielanden.

Italie, dat de bezuinigingen en saneringen op de lange baan schoof, maakte juist in die jaren zijn tweede 'economische wonder' door, vergelijkbaar met begin jaren zestig.

Net zo rijk

Het bruto nationaal produkt per hoofd van de bevolking steeg fors en was aan de vooravond van de devaluatie zelfs even hoog als in Nederland en hoger dan in Groot-Brittannie.

Wie verwacht dat Italie nu, net als Nederland in de jaren tachtig overkwam, de rekening gepresenteerd krijgt en met lagere economische groei te maken zal krijgen, kan zich wel eens vergissen. Van echte recessie - economische krimp - is ook nu geen sprake in Italie. Wat verklaart die Italiaanse dynamiek, die zelfs in tijden van crisis overleeft?

"Positief is dat er in Italie geen tekenen zijn van de-industrialisatie" , zo verklaart Galdi de kracht van de economie. Engeland heeft bijna al zijn industrie verloren, in Nederland roept Fokker-topman Nederkoorn op om eindelijk eens aan industriepolitiek te gaan doen, zelfs in het hoog-industriele Duitsland vreest men het vertrek van de industriele basis, maar de Italiaanse industrie blijft overeind.

Wat industriele prestaties betreft is Italie een land dat eerder met Japan en Duitsland moet worden vergeleken dan met Engeland of Nederland. Het enige probleem is dat de overheid er zo slecht functioneert, tot ergernis van de werkgevers. Op een stormachtige bijeenkomst vorige week in Parma kwamen duizenden industrielen bijeen. Het had wel iets weg van een revolte tegen de "politieke klasse" .

Ook Gianni Agnelli, president van Fiat, spuwde vuur en kritiseerde fel de politici. Waarbij hij wel boter op zijn hoofd heeft, want Fiat heeft altijd goed geprofiteerd van de verkwisting door Italiaanse politici. Vorige week nog kreeg de regering in Rome kreeg vorige week nog goedkeuring van de EG om Fiat 6,8 miljard gulden subsidie te verlenen voor de bouw van twee fabrieken in Zuid-Italie.

Daar wringt de schoen

"Voor het behoud van de industriele kracht is het wel belangrijk de investeringen op peil te houden" , zegt Galdi. Daar wringt op dit moment de schoen. De Italiaanse staat slokt zoveel spaargeld op om haar schuld te financieren, dat er te weinig kapitaal dreigt over te blijven voor het bedrijfsleven. Nu al klaagt Confindustria dat met de huidige rentestanden - het disconto staat op 13 procent - "alleen de mafia overleeft" .

De keus voor een kleine Italiaanse belegger is ook wel erg gemakkelijk. Als je je spaargeld kunt onderbrengen in staatsobligaties die ruim 13 procent rente opbrengen, bij een inflatie die in november daalde tot 4,9 procent, moet je wel gek zijn om nog naar andere beleggingen om te kijken, zoals aandelen van industriele bedrijven.

Als dat lang zo doorgaat, kan de produktieve sector van de Italiaanse economie niet meer voldoende geld aantrekken om te investeren. Dan is er op termijn alleen nog brood op de plank voor slimme beleggers en groeit de financiele dienstverlening op de ruines van de industrie.

"Brazilie en Argentinie zijn op die manier op de knieen gedwongen" , zegt Galdi, "Brazilie is nu alleen nog groot in korte-termijnbeleggingen" .

De Italiaanse industrie vreest de grote staatsschuld niet alleen omdat er zo geen geld meer overblijft voor investeringen in de produktieve sector, maar ook omdat door de financiele chaos die de politici hebben veroorzaakt de lire uit het Europese stelsel van vaste wisselkoersen (EMS) is gevallen. Het zal nog een hele toer worden om weer te worden toegelaten tot dat wisselkoersarrangement.

En omdat het EMS als opstapje fungeert naar de EMU komt zo ook het spookbeeld van een Noordeuropese muntunie zonder de Italianen weer dichterbij.

Orde

De grote vraag is nu of Italie de overheidsfinancien bijtijds op orde krijgt zodat het voldoet aan de strenge 'criteria van Maastricht'. Alleen wie de inflatie, rente, het overheidstekort en de staatsschuld op een laag niveau heeft gebracht, mag toetreden tot de Europese muntunie, de EMU die er in 1997 of uiterlijk in 1999 moet komen.

Galdi: "De criteria zijn heel streng. Wie die heeft bedacht, heeft niet aan Italie gedacht."

Of juist wel. Cees Maas, die in de aanloop naar de top van Maastricht de EMU-plannen ontwierp als toenmalig hoogste ambtenaar van het ministerie van financien in Den Haag, had het toevallig vorige week nog over Italie in het NCW-blad De Werkgever

"Van Italie hoop ik dat het voorlopig niet terugkeert in het EMS. De Italiaanse regering moet eerst resultaten boeken met drastische economische hervormingen, anders gaat het alleen maar ten koste van de stabiliteit van het EMS" , aldus Maas.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden