van doorn / Waarom zo druk, druk, druk?

Het onderwerp is nooit helemaal uit de belangstelling geweest maar vooral in het laatste jaar is de zwakke positie van de Nederlandse vrouw op de arbeidsmarkt een onderwerp van vrij heftige discussie geworden. Dat heeft deels te maken met een recent golfje in de hedendaagse vrouwenbeweging – soms als power-feminisme aangeduid – maar voor het overige leveren vooral sociaal-economische overwegingen de doorslaggevende argumenten.

Het is niet zo dat de emancipatie van de vrouw in Nederland vergeleken bij andere moderne landen opvallend is achtergebleven. Men kan zelfs spreken van een snelle en brede doorbraak van vrouwen naar hogere opleidingen en de daarbij passende beroepsgroepen. Ook zijn vrouwen, zij het later dan elders, in groten getale de arbeidsmarkt opgegaan. Wat Nederland echter bijzonder maakt, is de uitzonderlijk grote voorkeur voor een deeltijdbaan.

In Trouw van dinsdag heeft Dorien Pels aan deze kwestie een zeer informatief overzichtsartikel gewijd. Ze geeft niet alleen cijfers en onderzoeksresultaten maar laat ook enkele vrouwen aan het woord, zodat de lezer uit de eerste hand een indruk kan krijgen van de redenen van vrouwen om naast een kleine baan over ruim wat vrije tijd te willen beschikken. Ze kunnen meer aandacht aan hun kinderen besteden, ze hebben nogal wat liefhebberijen en om het extra geld dat een fulltime baan biedt, hoeven ze het niet te doen. Een mooi excuus: ’er is nog meer in het leven’.

Deze nuchtere observatie bracht mij ertoe de hele kwestie eens op een andere en veel radicalere manier te benaderen, samengevat in de simpele vraag: is werken wel altijd zo aantrekkelijk? Is veel arbeid niet per definitie dom en vervelend, weinig uitdagend en in ieder geval vermoeiend? Waarom zou iemand ervoor kiezen vijf dagen per week achter een toonbank te hangen of koffie met gebak rond te brengen, bioscoopkaartjes te verkopen of brieven te bezorgen?

De geschiedenis van de arbeid staat niet toevallig in het teken van de bevrijding van arbeid, niet alleen een bevrijding uit de dwang en willekeur die bazen zich ten aanzien van werknemers veroorloven maar in veel ruimere zin. Het streven naar niet meer dan acht uur werken per dag heeft generaties socialisten op de been gebracht. Daarop volgde de beperking tot de vijfdaagse werkweek, de verlenging van vakanties en de vervroeging van de pensioengerechtigde leeftijd. Er wordt nogal sarcastisch over gedaan maar slechts weinigen wijzen het af: een werkend leven van niet meer dan enkele decennia, jaarlijks onderbroken door meerdere vakanties die in uiterst gerieflijke oorden worden doorgebracht.

Dit riante bestaan staat echter toenemend bloot aan kritiek. De toenemende druk op vrouwen om aan de slag te gaan, loopt parallel aan de druk op mannen om harder en langer te werken, per dag, per jaar en per levensloop. Dat is niet alleen nodig om de internationale concurrentie het hoofd te kunnen bieden maar ook omdat de arbeidsmarkt krapte vertoont en de vergrijzing de sociale lasten opdrijft, alleen te pareren door meer inspanning van de nog werkende bevolking.

Op dit punt gekomen, wil ik mij voor een tweede keer onttrekken aan de dagelijkse discussie en de hele kwestie opnieuw in een ruimer perspectief te plaatsen. Inderdaad heeft schaarste ertoe geleid dat heel de geschiedenis hard werken door iedereen noodzakelijk was om een redelijk bestaan te garanderen. Maar de lage arbeidsproductiviteit werd met de industriële revolutie in de negentiende eeuw definitief beëindigd. Nieuwe technieken garandeerden een kolossale sprong vooruit in het productieve vermogen van alle moderne landen en daarmee, op de iets langere duur, een vergelijkbare sprong vooruit in de volkswelvaart. De afkorting ict drukt uit dat die revolutie zich in de afgelopen decennia heeft uitgebreid tot geheel nieuwe sectoren van activiteit. Wat vroeger duizenden mensuren kostte, vraagt momenteel een simpele druk op een paar knoppen. Is daarmee het schaarstevraagstuk dan niet definitief opgelost? Waarom die roep om allemaal meer en harder te gaan werken?

Het antwoord is ontnuchterend: veel werk is arbeidsintensief gebleven of zelfs veel tijdrovender geworden. Daarbij valt niet alleen te denken aan de zorgsector en het medisch handelen maar ook aan rechtshandhaving, criminaliteitsbestrijding en wetenschappelijk onderzoek.

Er is, met andere woorden, geen inkrimping van arbeid te zien maar een verplaatsing naar nieuwe behoeften en nieuwe noden. Bovendien blijkt het onderhouden van een technische beschaving zeer veel uiterst gedetailleerd werk te eisen. Een boerenkar ging een leven lang mee, een vliegtuig moet om de zoveel jaar geheel uit elkaar worden genomen en weer gereconstrueerd.

En laten we ook niet vergeten dat velen die ’druk, druk, druk’ roepen, zich vooral druk maken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden