van doorn / Religie: wat een rijkdom!

Mijn column van vorige week over religieuze belevenissen heeft aardig wat reacties uitgelokt, in de krant en daarbuiten. Toch lijkt het me niet nuttig nogmaals in te gaan op de uiteenlopende commentaren van mee- en tegenstanders. Het zal aan de discussie weinig veranderen.

Wel is er één punt waarop ik nog graag terugkom, te weten mijn veronderstelling dat religie zoveel meer is dan strikt individuele belevenis en zich altijd manifesteert als een omvattend maatschappelijk en cultureel fenomeen. Hierop wordt in de commentaren niet echt doorgegaan al wordt tenminste één keer betoogd dat individuele beleving toch het wezenlijke van religie uitmaakt, dezelfde stelling overigens als die van redacteur Koert van der Velde, al blijft deze voorzichtig door er ’misschien’ bij, te zetten.

Laat ik beginnen met te veronderstellen dat dit standpunt tenminste mede te verklaren is uit de bijzondere situatie waarin ons land op levensbeschouwelijk gebied momenteel verkeert. Terwijl we een halve eeuw geleden vrijwel totaal waren verkerkelijkt en de samenleving tot in de uiterste hoeken was verzuild, is juist in datzelfde land zo rigoureus met kerkelijkheid en religie afgerekend als waarschijnlijk nergens ter wereld het geval is geweest.

In die sfeer van levensbeschouwelijk radicalisme past naar mijn mening de ruime verbreiding en verdediging van het religieus beleven en dan bovendien op de hyperindividualistische manier zoals die uit menig stuk in Trouw naar voren komt. Bijzonder weinig ondervraagden konden hun belevenissen onderbrengen in een groter religieus geheel; eerder werd dat geheel – het kerkelijk leven in het algemeen en vroegere kerkelijke ervaringen – als steen des aanstoots aangewezen.

Overdreven uitgedrukt wonen we sinds korte tijd op een verregaand geseculariseerd eiland, niet helemaal geïsoleerd omdat Noordwest- Europa ook nogal wat verlichte zusters en broeders telt, maar toch opmerkelijk qua militantisme. Terzijde: het zou kunnen zijn dat ook de opvallend harde confrontatie in ons land met de islam met de zo recente ontkerkelijking te maken heeft.

De kennismaking met de islam vormt overigens een ongezochte gelegenheid te leren hoe het buiten onze grenzen (en die van West-Europa) met religies is gesteld. Want al is de islam inderdaad een bijzonder gesloten en ongenaakbare godsdienst, in de vanzelfsprekendheid van haar geloofsbelevenis verschilt ze niet van de meeste andere religies die de wereld kent.

Sterker nog: wie wel eens in Azië of Afrika heeft rondgereisd en daar tot openhartige gesprekken is gekomen, zal zich de verbazing herinneren van de gesprekspartners over onze mededeling in het geheel niet godsdienstig te zijn. Alsof we hadden gemeld tot de categorie van geslachtsloze wezens te behoren.

Hier kom ik dan op het punt dat ik wilde maken: religie is mondiaal gezien alomtegenwoordig, misschien zelfs sterker dan enig ander cultureel fenomeen. Om daarvan een indruk te krijgen, is het raadzaam bijvoorbeeld de ’Wereldatlas van religies’ te raadplegen die in 2000 onder reactie van Ninian Smart in Nederlandse vertaling verscheen. Mede door de bondige commentaren geeft ze een overweldigend beeld van de pluriformiteit die de mensheid op religieus gebied eigen is.

Die veelvormigheid alsook de verspreiding van vele godsdiensten is in de loop van de tijd alleen maar toegenomen, in afsplitsingen en hervormingen, in kolonisatie- en migratiebewegingen, en ze duurt voort tot op de dag van vandaag.

Wat dit alles nog indrukwekkender maakt, is de enorme invloed op cultuur en maatschappij. Religie blijkt de legitimiteit van het gezag en de staat te garanderen, de nationale saamhorigheid te steunen en de geschiedenis zin te geven. Ze heeft vaak diepgaande invloed uitgeoefend op kunst en architectuur, op filosofie en wetenschap.

Toch is religiositeit niet een historisch verschijnsel, in een later stadium van de evolutie tot ontplooiing gekomen. Zelfs de meest primitieve beschavingen zijn er al van doordrongen en het sacrale speelt tot in het dagelijks leven een even sterke rol als het profane.

Terug naar Nederland: wij hebben rationaal gezien met dit alles geen probleem. We weten inmiddels hoe de wereld werkelijk in elkaar zit en we hebben geen goden, geesten en demonen meer nodig om te verklaren hoe natuurkrachten zich manifesteren en waarom ongeluk, ziekte en dood ons bedreigen; evenmin waaraan gezagsdragers hun gezag ontlenen en geestesgestoorden hun wanen.

Blijft de vraag die in het thema religieuze belevenissen ligt opgesloten: betekent dit alles dat het zoeken naar zingeving – want daarover gaat het bij dit thema – moet worden teruggebracht tot louter individuele ervaringen, soms tot niet meer dan een toevallig incident? Leert het bovenstaande niet dat daarmee een unieke bron van cultuur en gemeenschap wordt drooggelegd? Ik ben er niet uit maar de vraag laat mij niet los.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden