Van de werkplaats naar de catwalk

Werkkleding van vuilnismannen, bouwvakkers en verpleegsters is een onuitputtelijke inspiratiebron voor modeontwerpers, blijkt bij een expositie in het Schielandshuis in Rotterdam.

Waar anders dan in werkstad Rotterdam 'waar de overhemden al met opgerolde mouwen in de winkel liggen' zou een tentoonstelling over werkkleding beter passen? In de plechtige stijlkamers van het statige Schielandshuis lijkt het of de werklui nauwelijks zijn vertrokken. Ladders met planken en schragen staan ogenschijnlijk kriskras door de ruimtes en zorgen voor een merkwaardig contrast met de serene omgeving. Modeontwerpster Monique van Heist, gevestigd in Rotterdam, mocht als gastcurator de expositie 'Werkstijl' samenstellen. Uitgangspunt is de functionaliteit van originele werk- en bedrijfskleding en het gebruik daarvan als inspiratiebron in de mode.

Van Heist is dol op associatief combineren. "Vooral dat combineren van die oude stijlkamers met dingen die er helemaal niet horen en daar dan dwars doorheen gaan vind ik interessant. Ik wil zonder oordeel dingen laten zien, door ze in al hun schoonheid te tonen. Het gaat niet over mijn smaak maar ik wil een verhaal vertellen dat voor veel mensen toegankelijk is."

Dat verhaal gaat over dienstbodes, slagers, bouwvakkers en Rotterdamse zakkendragers. Maar ook over de stof manchester en denim, over arbeiderspakken en catwalkkleding. Over zichtbare sporen van hard werken zoals slijtage en verwering. En over bedrijfslogo's en modelogo's. Toen en nu.

Uiteraard is er aandacht voor het schort. Dit blijkt het oudste werkkledingstuk te zijn dat al vanaf de late Middeleeuwen wordt vermeld als bescherming van de bovenkleding. De omvangrijke schortencollectie van het museum herbergt vooral diensboden- en huisvrouwenschorten dus die zijn dan ook volop aanwezig.

Zelfs dit item is onderhevig aan de mode. Zo gaat bijvoorbeeld de taille mee met de modelijnen en krijgt een schort rond 1895 gefronste kapjes aan de schouderbanden om de dan modieuze hoge, brede kopmouwen te imiteren. Vanaf de 16de eeuw worden regelmatig sierschorten gedragen door vrouwen en kinderen en in 1970 introduceert Laura Ashley opnieuw een modieus sierschort dat is gebaseerd op dienstbodeschorten van rond 1900.

Ook hedendaagse modische varianten zijn present, zoals een leren schort van Marloes Blaas en van het Belgische modeduo AF Vandevorst dat een visie geeft op het verpleegstersschort.

Hygiëne speelt bij uiteenlopende beroepsgroepen een belangrijke rol. Slagers bijvoorbeeld droegen in het verleden altijd een witte jas en nog steeds zijn er veel slagers die kiezen voor zo'n exemplaar als dagelijks uniform. Door de expositie heen zijn verschillende fotoprojecten gestrooid. Onder meer van het befaamde Nederlandse duo Ari Versluis en Ellie Uyttenbroek. In hun almaar uitdijende serie 'Exactitudes' plaatsen zij telkens twaalf personen bij elkaar die kunnen doorgaan voor een soort archetypen. Hoewel ze zich allemaal als individu presenteren hebben ze, zo samengebracht, ineens verdacht veel overeenkomsten. Met z'n twaalven op een rijtje zijn ook de Rotterdamse slagers plots inwisselbaar met hun vrijwel identieke witte jas, een keurig overhemd en stropdas.

Een ander fotoproject is geïnitieerd door Van Heist zelf: mensen geportretteerd in hun eigen werkkleding en werkomgeving. Bertus toont vol trots zijn winterpak van de Roteb, het Rotterdamse stadsreinigingsbedrijf en beeldend kunstenaar Nelis loopt graag in een werkjasje van ribfluweel. Het was modeconservator en medesamensteller van de tentoonstelling Sjouk Hoitsma al eerder opgevallen dat vooral mannen van middelbare leeftijd werkzaam in een artistieke sector, zoals ontwerpers en kunstenaars, graag werkmanjasjes van ribstof dragen. Hoitsma: "Al halverwege de 18de eeuw werd er onder meer in het Engelse Manchester een zware katoenen ribfluweel geweven die zeer geschikt was voor stevige arbeiderskleding. Later tooiden havenarbeiders, kolenboeren, machinisten, tuinders en griendwerkers zich bij voorkeur in broeken, vestjes en jasjes die gemaakt waren van deze sterke en bijna waterdichte stof."

Een ruim 200 jaar oud, versleten, en talloze malen verstelde corduroy kuitbroek ligt tegenover het keurige, smetteloze, ribfluwelen pak dat voormalig PvdA-burgemeester André van der Louw in 1974 droeg bij zijn installatie tot eerste burger. Hiermee wilde hij overduidelijk het werkmansimago van hemzelf én van de werkstad onderstrepen. Uiteraard kreeg hij veel kritiek want men vond het pak 'ongepast voor de gelegenheid'. Ook jongeren waren in de jaren zeventig dol op zulke corduroypakken en op menige klassenfoto uit die tijd staan dan ook vele varianten.

In twee intieme ruimtes hangen tientallen hoofddeksels van 'jan met de pet'. Want vroeger droegen heren een hoed en arbeiders een pet. Elke beroepsgroep had zijn eigen model of kleur en zodoende waren een timmerman en machinist meteen herkenbaar aan hun pet. Als achtergrond is nogal gewaagd behang gebruikt met stoere werkmannen die op steigers balanceren. Dit 'Make it work'-behang is ontworpen door Ten & Don, waarachter kunstenaar Ton Hoogerwerf en grafisch vormgever Dennis Koot schuil gaan. Het Schielandshuis heeft de primeur om hun vijfde behang in deze expliciete 'gay-serie' te presenteren.

Een groot accent is ingeruimd voor de spijkerbroek en denimstoffen. Daar zitten wonderlijke onderdelen bij. Een Amerikaanse verzamelaar heeft zich als een ware archeoloog toegelegd op het opgraven van in verlate Californische mijnen achtergebleven fragmenten van werkmanskleding. Zo wist hij restanten van de eerste Levi Strauss & Co werkmansbroeken met klinknagels op te delven. Enkele van die stokoude overblijfsels, die nooit eerder in Nederland zijn getoond, liggen nu in deze expositie.

Ook uiteenlopende hedendaagse varianten op spijkergoed, de kleur blauw en geïmiteerde slijtage-effecten krijgen aandacht. Uit het overweldigende aanbod binnen dit modesegment koos Van Heist enkele ontwerpers en merken die teruggrijpen naar de historie van de jeans en waarbij authenticiteit op de een of andere manier een rol speelt. Het label 'Denham the Jeanmaker' verzamelt vintage werk- en legerkleding die het als inspiratie gebruikt voor nieuwe collecties. Soms wordt een bij de dump gevonden item volledig gekopieerd. Hoitsma: "Die authenticiteit en verweerdheid kun je nu dus nieuw kopen. Ook van Levi's hebben we acht nieuwe jeans hangen wat in feite remakes zijn van hun originele broeken die zij tussen 1890 en 1966 maakten. Zij gebruiken hun eigen historie nu dus als marketing."

Het Nederlandse modeduo G+N gooit het over een geheel andere boeg. Zij gingen op zoek naar een nieuwe methode om naden aan elkaar te verbinden zonder al te veel stikwerk. Zij kwamen uit bij 'Gluejeans' waarvoor een speciale lijmtechniek werd ontwikkeld. Niet de 'oude' authenticiteit is voor hen van belang, maar een 'nieuwe' vorm daarvan krijgt de nadruk.

Tussen de originele werkmanspakken, overalls, ketelpakken (overalls met capuchon), stofjassen en spijkerbroeken duiken hier en daar kledingstukken op van internationaal gevierde ontwerpers. Recente mode-overalls van Vivienne Westwood, Maison Martin Margiela en Walter Van Beirendonck zijn bijna onopvallend gemixt tussen hun oorspronkelijke prototypen. Je zou ze zomaar over het hoofd kunnen zien. Dat geldt niet voor de mega-overall, speciaal gemaakt voor de 'Reus van Rotterdam'. De man was 2.37 m.

Werkkleding en mode
'Werkstijl, function & fashion' in Museum Rotterdam, Het Schielandshuis, Korte Hoogstraat 31, Rotterdam. T/m 30 september. Voor meer informatie:

www.museumrotterdam.nl

Poster-catalogus 3 euro.

Meer over Monique van Heist: www.moniquevanheist.com

Exactitudes fotoseries zie: www.exactitudes.com

Behang en kunst van Ton of Holland/Ten & Don:

www.tonofholland.nl

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden