Van Dam lokt Kok uit de tent: 'Je geeft je over aan de markt'

AMSTERDAM - Marcel van Dam trof gisteravond de gevoelige snaar bij zijn partijgenoot Wim Kok, met zijn oproep aan de sociaal-democratische leider meer risico te nemen, aansprekende initiatieven te ontplooien en duidelijker stelling te nemen in politieke vraagstukken. Van Dam sloot met die oproep een tirade tegen de commercialisering af, een onderwerp dat blijkens zijn reactie ook Kok beroert.

MARCEL TEN HOOVEN

Van Dam: “Wat we om ons heen zien is dat het maatschappelijk leven hemeltergend vercommercialiseert. We moeten voor steeds meer dingen gaan betalen, bij voorbeeld voor verslagen van gebeurtenissen als voetbal. Hoe lang zal de situatie nog op zich laten wachten dat we eerst een muntje in de tv moeten gooien om nog iets te kunnen bekijken? Amerika is al ver op die weg gevorderd en helaas is de ervaring dat alle rottigheid uit de VS op den duur bij ons komt. Wordt het niet eens tijd dat een vooraanstaand persoon als de sociaal-democratische premier opstaat om te zeggen dat we die kant niet opgaan!”

Kok: “Dat houdt mij uiteraard zeer intensief bezig. Helaas is het waar wat je over de VS zegt. De leidende politici hebben op zijn minst de taak zo'n ontwikkeling te signaleren en na te gaan waar de grenzen liggen, welk territorium tegen de commercialisering moet worden afgebakend.”

Het debat, gisteravond in de voormalige schuilkerk De Rode Hoed in Amsterdam, belandde al snel bij de thema's commercialisering en marktwerking. In het debat stond de vraag centraal hoe Kok in de politieke praktijk vormgeeft aan zijn uitspraak uit de Den-Uyllezing, in december vorig jaar, dat de verzorgingsstaat 'de mooiste prestatie van de menselijke en georganiseerde wilsvorming is'. Hoe verhoudt die uitspraak zich tot het marktgerichte denken van zijn kabinet?

Kok discussieerde gisteravond voor het eerst in zijn politieke bestaan publiekelijk met de twee ex-politici die destijds, meer dan tien jaar geleden, zijn belangrijkste concurrenten waren om Den Uyl als PvdA-leider op te volgen, Wim Meijer en Marcel van Dam. Dat gegeven maakte het debat interessant, wellicht meer dan wat zij aan argumenten wisselden. Hoewel ook de politieke ontwikkeling die Van Dam en Meijer in die jaren hebben doorgemaakt, blijkens hun opmerkingen, het noteren waard was. De voormalige nieuwlinkser Meijer pleitte vóór de afschaffing van het minimumloon. En ofschoon Marcel van Dam tegenwoordig geen gelegenheid onbenut laat om voor terughoudendheid van de overheid in het maatschappelijk verkeer te pleiten, verlangt hij wel een assertievere houding van dezelfde overheid tegen de commercialisering.

Kok proefde bij Van Dam weerzin tegen elke vorm van marktgericht denken: “Op zich vind ik niets verkeerds aan marktgericht denken, tenzij het buiten de grens treedt van wat uit het oogpunt van maatschappelijke ordening aanvaardbaar is. Alleen is in de algemene euforie na de val van het communisme in 1989 de idee ontstaan dat de markt, niet de gemeenschap, alles kon brengen wat goed was. Daar moeten we tegen ingaan, lokaal, nationaal en internationaal.”

- Vervolg op pagina 4

Wim Kok: 'Ziektewet overgave aan de markt? Gruwelijke onzin!' VERVOLG VAN PAGINA 1

Kok verzette zich tegen de zienswijze dat de privatisering van de ziektewet een volledige overgave aan de markt is: “Dat is gruwelijke onzin. Maar wat we niet kunnen hebben is een zo anoniem georganiseerde solidariteit dat iedereen denkt dat het gratis is en niemand zich meer verantwoordelijk voor zichzelf voelt. Zo jaag je de verzorgingsstaat over de kling. Meer verantwoordelijkheid voor de werkgevers, dat is de strekking van de nieuwe ziektewet.”

Wim Meijer, tegenwoordig topman van de Rabobank, stelde vast dat Nederland een 'participatiecrisis' kent. Mensen ouder dan 50 jaar werken nog bij uitzondering, de jongere generatie ziet zich geplaatst voor de zware taak de economie te dragen. Volgens Meijer fixeert Kok zich al te zeer op de economische groei als oplossing.

Meijer, bijgevallen door Van Dam: “Je kunt niet heen om de beschermende maatregelen die we ten behoeve van werknemers hebben getroffen, met alle goeie wil vandien, maar die thans een obstakel zijn voor laaggekwalificeerde werklozen, zoals het minimumloon en de algemeen-verbindendverklaring van CAO's.”

Kok is een fel tegenstander van verlaging van het wettelijk minimumloon, onder meer omdat hij het onaanvaardbaar vindt als mensen met hun werk geen volwaardig inkomen kunnen verdienen en voor een aanvulling bij de sociale dienst moeten aankloppen. Maar daarnaast wees hij Meijer en Van Dam op een inconsistentie in hun opstelling: “Daarover zijn we het echt oneens! Als het straks zo zou worden dat mensen in dienst worden genomen tegen een loon dat onder het minimumloon ligt, dan zie ik dezelfde commerciële krachten waartegen u zo in het geweer komt, in touw komen om het sociaal minimum te verlagen.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden